Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een nieuwe werkelijkheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een nieuwe werkelijkheid

Herschepping [2, slot]

8 minuten leestijd

Wie de schepping ziet in het licht van verzoening en herschepping, voorkomt theologische kramp. Hoewel wij het grote heilsplan van God nooit kunnen bevatten – het duizelt ons – mogen we toch nadenken over de betekenis ervan voor het persoonlijke geloofsleven.

E r is een parallel tussen de herschepping van hemel en aarde en de herschepping in het leven van een christen. De Dordtse Leerregels vergelijken de wedergeboorte met de schepping: ‘Dit nu is de wedergeboorte, de vernieuwing, nieuwe schepping, opwekking uit de doden, waarvan zo heerlijk in de Schrift gesproken wordt en die God zonder ons in ons werkt (…) Die niet zwakker of geringer van aard is dan de schepping of de opwekking van de doden.’ God heeft evenveel werk aan ons als aan de schepping van de kosmos.

Soms wordt er een concreet verband gelegd tussen de wijze waarop God de wereld schiep en het vernieuwende werk van de Geest. ‘God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, Hij is het Die in onze harten geschenen heeft.’ (2 Kor.4:6) Het eerste dat God schept in de duisternis van ons hart is het licht. Hij schept het zelfs uit de duisternis. Dat deed Hij door Zijn Woord en dat doet Hij nog door Zijn Woord. Zo zegt Jakobus dat de Vader der lichten ons heeft ‘gebaard door het Woord van de waarheid, opdat wij eerstelingen van Zijn schepselen zouden zijn’ (Jak.1:18). Als scheppen ook ordenen betekent, dan kun je ook zeggen dat Gods Geest uit de chaos van de zonde een nieuwe mens schept door orde op zaken te stellen. Daar bidt David om: ‘Schep mij een rein hart, o God, en vernieuw in mijn binnenste een standvastige geest’ (Ps.51: 12).

Twee werelden

Herschepping betekent in ieder geval dat het werk van God – zonder ons in ons – volstrekt het karakter van de genade draagt. Je bent niet geboren omdat je daarom gevraagd of naar gestreefd hebt, je bent ook niet wedergeboren omdat je daarom gevraagd of naar gestreefd hebt.

De persoonlijke wedergeboorte is een verandering van positie. De herschepping is niet alleen maar toekomstmuziek, iets om van te dromen en vol heimwee naar te verlangen. Het koninkrijk van God is aangebroken. Wie gelooft in Christus, die gaat die nieuwe werkelijkheid binnen. De grote vraag is niet wie je bent of hoe je bent, maar waar je bent. Op die vraag zijn slechts twee antwoorden te geven: of in de tegenwoordige wereld of in de toekomende.

Het spannende is natuurlijk dat een christen zich in beide werelden bevindt. Met de voeten in de modder, maar toch met het hoofd en het hart in de hemelen. Beslissend is de overgang door de identificatie met Christus. Wie één plant met Hem is geworden, is met Hem gekruisigd, begraven, opgestaan en in de hemel gezet. Omdat dat zo is, moeten we ook zoeken de dingen die boven zijn, waar Christus is en niet die op de aarde zijn. De herschepping betekent voor het persoonlijke geloof leven in de breuk: Christus heeft ons ontrukt ‘aan de tegenwoordige slechte wereld, overeenkomstig de wil van onze God en Vader’ (Gal.1:4). Het geloof verenigt met Christus. Daardoor mag je nu al delen in de nieuwe werkelijkheid die in Hem is aangebroken. ‘Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden.’ (2Kor.5:17) Bij die nieuwe schepping gaat het niet zozeer om de innerlijke vernieuwing van verstand, gevoel en wil, maar om de nieuwe werkelijkheid waar de christen nu al deel van uitmaakt.

Vergiet

Herschepping betekent dat je midden in een oude, zondige, versleten wereld leeft in de nieuwe werkelijkheid van het koninkrijk van God. Ons burgerschap is in de hemelen. Het betekent ook in de heiliging en navolging van Christus dat je mag leven uit Zijn volheid, uit de geloofsverbinding met Hem. Hij leeft ook als ik mij doods voel. In de doop zie ik dat ik met Hem begraven en met Hem opgestaan ben. In het avondmaal geniet ik de gemeenschap met Hem, die werkelijk aanwezig is.

In Hem blijven, dat is het geheim van een vruchtbaar leven. Ds. L. Vroegindeweij zei eens: ‘Heb je wel eens een vol vergiet gezien? Zo is mijn hart, zo lek als een zeef. Maar zet je dat vergiet in een afwasteiltje, dan stroomt het vol. Zo is het ook met mij in Christus. Ik in Hem en Hij in mij.’

Bevalling

De herschepping wordt in de Bijbel ook vergeleken met een bevalling. Dat doet pijn. Maar er is geen andere weg om het koninkrijk binnen te gaan dan door veel verdrukkingen. Een deel van die verdrukking bestaat uit het meelijden met het lijden van deze wereld, die nog aan de macht van het kwaad onderworpen is. Er is oorlog, hongersnood, er zijn besmettelijke ziekten en

aardbevingen. Jezus zegt: ‘Al die dingen zijn nog maar een begin van de weeën’ (Matth.24:8). Zij kondigen dus de geboorte van een nieuwe wereld aan.

Met reikhalzend verlangen wacht de schepping op de herschepping. Nu is de schepping nog aan veel zinloos lijden onderworpen. Daar hebben de dieren en de planten niet voor gekozen, het is een vorm van slavernij. De schepping snakt naar de ‘vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van God’, zoals een vrouw snakt naar de geboorte van haar kind. ‘Want wij weten dat al het geschapene samen zucht en samen in barensnood verkeert tot nu toe’ (Rom.8:22). Door de Geest zucht de christen mee.

Leven in en uit de herschepping betekent dus ook delen in de pijn en het lijden van de oude schepping. Dat lijden staat door de herschepping wel in een bepaald perspectief. Het is geen zinloos en doelloos lijden. Wij weten dat het lijden van deze ‘tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden’ (Rom.8:18).

Strijd

Het leven uit dit geloof gaat niet zonder strijd en beproeving; het bestáát uit strijd en beproeving. De harde confrontatie met het bittere lijden in de wereld kan een grote aanvechting worden. God verbergt Zich. Ik kan Hem niet vinden, niet traceren. In Zijn oordeel lijkt Hij slechts de God van de wraak te zijn. Het geloof klemt zich aan het Woord van de belofte vast, als ziende de Onzichtbare. We zien er nog niet veel van, we zien er soms niets van, maar door het geloof zien wij dat Christus regeert, die Christus die weet hoe zwak wij zijn, die Zelf de littekens van het bittere lijden nog draagt, die Christus heerst vanuit de nieuwe werkelijkheid van Zijn koninkrijk over de oude wereld die kreunt onder het gewicht van de zonde.

Erfenis

De herschepping betekent dat deze wereld de erfenis van Christus is. Dat accent lijkt totaal tegengesteld aan het vorige, maar die spanning is ook in het Nieuwe Testament volop aanwezig. Jezus zegt dat de zachtmoedigen de aarde zullen beërven. De wereld is een strijdtoneel en een oord van ballingschap. Maar het is tegelijk ook de erfenis van Christus, waarover allen die in Hem geloven met hem zullen regeren.

De schepping staat nu al onder dat voorteken. Dat heeft ook consequenties voor de levensheiliging. Je mag alles eten wat in de vleeshal verkocht wordt, want de aarde is nu al van de Heere en haar volheid (1Kor.10:26). Maar juist omdat het de Heere toebehoort, moet je niet meedoen met iets dat naar afgoderij riekt. Alles waar je voor kunt bidden en danken is goed en niets is verwerpelijk (1Tim.4:4). Je mag er zelfs van genieten, je zou je Schepper onteren als je er niet van zou genieten. Als we de toekomst van Christus herschepping noemen, voorkomen we daarmee verachting van de geschapen werkelijkheid.

In beweging

Er is dus veel pijn en lijden, maar er is ook veel dat mooi en goed is. Dat heeft geen zelfstandig bestaan, maar valt voor de christen onder het licht van het evangelie van het kruis. Het is alleen dankzij Christus dat ik mijn boterham kan eten, mijn werk kan doen, kan genieten van de seksualiteit, tijd kan nemen voor ontspanning en voor sport. De herschepping drukt het natuurlijke en creatuurlijke niet weg, maar plaatst alles in de lichtglans van Christus. De genade vernieuwt en herstelt de natuur.

De pelgrim heeft het soms zwaar te verduren en lijdt mee met een stervende wereld. De pelgrim mag soms ook onderweg genieten van het mooie uitzicht of van het koele water in de oase. Maar hij blijft vooral in beweging, omdat het vaderland trekt. Het vaderland is niet hierboven – de hemel is slechts een wachtkamer – het vaderland ligt achter de horizon van de toekomst: een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, een onbesmettelijke ziel in een onsterfelijk lichaam.

Leven uit de herschepping betekent leven in het gebed ‘Laat Uw rijk komen.’ De belofte van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde is geen utopie. Die nieuwe schepping is betaald met het bloed van Christus. Hij heeft niet tevergeefs geleden. Hij gaf Zijn bloed om de schepping te verlossen uit de macht van het kwaad en heerlijk te laten schitteren in overeenstemming met Gods heilsplan, want Hij is het Lam, geslacht van de grondlegging van de wereld af (Op.13:8).

H. van den Belt

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Een nieuwe werkelijkheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken