Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zijn wij ons brein?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zijn wij ons brein?

8 minuten leestijd

Wat bedoelen we eigenlijk met onze ‘vrije wil’? Daarover schreef dr. A.A. Spijkerboer eind januari in In de Waagschaal een paar kernachtige zinnen:
‘Op de middelbare school leerde ik dat Luther de vrije wil ontkende en ik vond dat raar. Later begreep ik dat wat ik geleerd had veel te kort door de bocht was. Luther zei dat een boer wel de vrije wil had al dan niet naar de markt te gaan om een paard te kopen, maar dat een mens niet kan willen dat God de God is die alleen door zijn genade de mensen zalig maakt. Wat is voor Luther de geknechte wil? Dat is de wil van ieder mens, want een mens kan alleen maar zichzelf willen rechtvaardigen. Door zijn genade bevrijdt God de mens van zijn geknechte wil en stelt Hij hem in de vrijheid om God en zijn naaste lief te hebben. (…)

Ik denk nu aan heel andere mensen (dan Luther en Erasmus, GvM), namelijk aan onderzoekers van menselijke hersens die stellen dat onze vrije wil een illusie is. Wat we doen is allang in ons lichaam beslist en we verbeelden ons alleen dat we zelf beslissen wat we doen. Als er plotseling een fel licht in je gezicht schijnt ga je toch ook niet beslissen je ogen dicht te doen? Nou dan, zo gaat het met alles wat je doet. Niet alle hersenonderzoekers zijn even radicaal. Ik las er een die schreef dat hij toch wel de vrijheid had zijn eigen dagindeling te maken. Maar veel verder kwam hij niet.’

Een van die hersenwetenschappers is dr. Dick Swaab, voormalig directeur van het Herseninstituut. Waren zijn opvattingen in de jaren tachtig omstreden, inmiddels is hij buitengewoon succesvol. In de boekhandel liggen hoge stapels van zijn boek Wij zijn ons brein. Daarin betoogt Swaab dat we ter wereld komen met hersenen waarin ‘onze karaktereigenschappen, talenten en beperkingen al voor een groot deel zijn vastgelegd.’ Kortom: wij ‘zijn’ ons brein. En dat brein staat volgens Swaab voor een reeks biologische processen. Zoals een nier urine produceert, produceert het brein de geest. Aangezien onze geest niet met microscopen waarneembaar is, is deze een illusie. En onze menselijke vrije wil, waarin de geest zich manifesteert, bestaat evenmin.

Naar aanleiding van de bestseller van Swaab had Tjerk de Reus voor CV Koers een gesprek met de Harderwijker theoloog en psychiater Piet Verhagen. Deze wordt nog niet erg onrustig van de revolutionair klinkende inzichten van Swaab en anderen.

‘Ik vind hun denkbeelden intrigerend. De wetenschap ontwikkelt zich razendsnel. Je kunt dat niet als onzin terzijde schuiven. Dat betekent niet dat de vrije wil overboord moet, en daarmee ook onze morele verantwoordelijkheid. Maar ik wil graag zo lang mogelijk welwillend meedenken met mensen als Swaab en de wetenschappelijke vernieuwingen die zij op formule brengen. Die zullen ons zelfbeeld zeker veranderen.’

Wat zegt een psychiater van de vrij wil? Hebben we die, of niet?

‘In sommige gevallen moet een psychiater vaststellen of iemand wilsonbekwaam is of niet. Wilsonbekwaam betekent dat je niet in vrijheid je eigen wil kunt bepalen. Bij gedwongen opnames is dit juridisch een belangrijke diagnose. Maar veel vaker heb ik in de behandeling van cliënten te maken met stoornissen die de vrije wil ‘dwarszitten’, zoals bij dwangstoornissen. Ik houd me veel bezig met persoonlijkheidsstoornissen, zoals borderline en narcisme. In vaktermen spreken we daarbij over ‘rigide patronen’ in gedrag en beleven van de cliënt. Dat zegt genoeg: rigide betekent dat het van grote invloed is op je vrije wil. Die blijkt in dergelijke gevallen niet zo erg vrij te zijn. (…) Onze vrije wil staat onder een zekere druk van mentale, maar ook sociale omstandigheden. Tal van zaken oefenen invloed uit op onze vrije wil, die daarmee inderdaad iets minder vrij is dan we geneigd zijn te denken.’

Maar het idee dat onze wil voor de volle honderd procent door biologische factoren wordt aangestuurd, is onzin? ‘Daarover zijn de boeken in elk geval nog niet gesloten. We leren steeds meer over de werking van het brein. Het wetenschappelijk onderzoek gaat in hoog tempo voort. Maar het is beslist niet zo dat we nu wel zo’n beetje weten hoe de hersenen in elkaar zitten. Het is voorbarig om allesomvattende conclusies te trekken. Onze hersenen worden wel het meest complexe orgaan in de hele schepping genoemd. Naarmate we meer ontdekken, kan ik me voorstellen dat we voor fundamentele vragen worden gesteld. Nieuw zicht op de werking van de wil in samenhang met biochemische processen zal nieuw licht werpen op ons begrip daarvan. Dat betekent niet meteen dat je ten prooi moet vallen aan de gedachte dat alles slechts materie is en dat de vrije wil de prullenbak in kan. Maar dergelijke inzichten laten ons zelfbeeld niet ongemoeid.’

In welke zin zou ons zelfbeeld kunnen veranderen?

‘We moeten ons misschien opnieuw de vraag stellen wat het betekent dat wij ‘uit stof ’ zijn geschapen. God blies de geest in ons, valt te lezen in Genesis. Wat betekent dit? Het Hebreeuwse woord dat vertaald wordt met ‘geest’ kun je evengoed met ‘adem’ vertalen. Wij praten in de christelijke traditie graag over de ziel, die ‘naar de hemel’ gaat als het lichaam sterft. De ziel of de geest vormt dan een tamelijk zelfstandige entiteit in het omhulsel van ons lichaam. Als de neurowetenschappen duidelijk maken dat onze geest veel dieper verweven is met de materie dan wij voor mogelijk hielden, moeten we wellicht vraagtekens plaatsen bij de manier waarop we de ziel hebben beschouwd. Onze lichamelijkheid is misschien veel sterker verweven met onze identiteit dan we beseffen.’ (…)

Hoe hard is eigenlijk de wetenschappelijke vaststelling dat religieuze ervaringen geproduceerd worden door het brein?

‘Religieuze gevoelens hangen samen met de activiteit van bepaalde hersengebieden. Dat blijkt zonneklaar uit tal van metingen. Tegelijk betekent dat niet dat externe factoren daarin geen rol spelen. Gevoelens van liefde worden ook geproduceerd door ons brein, maar getriggerd door een ‘externe’ geliefde. In de christelijke traditie is dit besef onopgeefbaar: wij worden aangesproken door God, wij zeggen ‘Gij’. We geloven dat dit niet slechts een kwestie van chemie is.

De notie dat er een tweerichtingsverkeer is tussen de buitenwereld en ons brein, is voor mij fundamenteel – maar die krijgt bij Swaab onvoldoende aandacht. Ik geef grif toe: onze biologische mindset bepaalt in belangrijke mate ons handelen, onze beleving en onze wilskeuzes, maar er is interactie met onze omgeving. Zodanig dat de hersenen zich kunnen aanpassen aan impulsen die van buitenaf op ons inwerken. (…) Dit lijkt mij een cruciaal inzicht om het biologisme van Swaab te pareren.’ (…)

Waarom trekt een boek als dat van Swaab, maar ook verwante publicaties, zo veel aandacht? De hersenen lijken een thema te worden voor het brede publiek.

‘Ik denk dat die interesse voortkomt uit het idee dat de hersenen de code van ons mens-zijn bevatten. We komen ons wezen op het spoor dankzij de hoge vlucht van de wetenschap. Het is een soort triomfalisme.’ (…)

Dat er onder hersenonderzoekers ook nog andere opvattingen leven over religie dan die van Swaab, bewijst een interview met dr. André Aleman (1975), hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie in Groningen. Hij publiceerde onlangs een boek over wanen en andere hersenspinsels. Over het geloof zegt hij in een interview dat Malou van Hintum met hem had voor de Volkskrant (16.02.2011) het volgende:

U bent zelf gelovig. Is geloven in God niet ook een soort waan?

(lacht) ‘Dat kun je mij natuurlijk niet vragen, want als iemand echt een waan heeft, zal hij dat krachtig ontkennen. De psychiatrische defi nitie van een waan is dat je iets denkt wat niet klopt, dat andere mensen in je omgeving die waan niet delen, en dat je disfunctioneert in je dagelijkse leven.’

‘Geloven is dan geen waan, want het grootste deel van de wereldbevolking denkt dat er iets meer is. In een land als de Verenigde Staten, dat wetenschappelijk voorop loopt, is maar 10 procent van de mensen atheïst. Als je de psychiatrische defi nitie van een waan hanteert, is atheïsme eerder een waan dan in God geloven.’

Alle gekheid op een stokje: laten wetenschap en geloof zich wel verenigen?

‘De 20e-eeuwse mythe van nu is dat geloof en wetenschap niet samen zouden kunnen gaan. Dankzij de vooruitgang van de wetenschap zouden we nu weten dat het idee dat God bestaat, achterhaald is. Maar wetenschap kan bevestigen noch ontkennen dat God bestaat, omdat dat buiten het bereik van de wetenschappelijke methode valt. Je kunt Hem niet meten.’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 maart 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Zijn wij ons brein?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 maart 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken