Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

In het nummer van 26 mei stond een artikel van mijn hand over de aanbieding van het boek Een kerkscheuring in oorlogstijd, onder de titel ‘’t Hart en de vrijmaking’. Voorafgaand aan de presentatie schreef Hans Werkman in zijn (veertiendaagse) column in het ND:

(…) ‘Hij besteedde in zijn werk reeds veel aandacht aan de Vrijmaking en werkt momenteel aan een roman over deze kerkscheuring.’ ‘Een roman over deze kerkscheuring?’ dacht ik. ‘Maar die heeft hij toch allang geschreven?’ Ik weet nog goed dat Martin Ros van de Arbeiderspers me in het oor siste: ‘Niet te gelóven jongen, Maarten heeft een roman over de vrijmaking geschreven! Wij gaan dat úitgeven! Ik ben zéér kapot van dit boek. Hij heeft dat allemaal méégemaakt, een verbijsterend verhaal!’ Ik wilde ertegen inbrengen dat Maarten op 11 augustus 1944 – de dag waarop de vrijmaking ontstond – toch nog ruim drie maanden te gaan had in de buik van zijn moeder, maar Martin Ros was al weer weg. Thuis zocht ik op wanneer de vrijmaking in Maassluis – zoals ieder weet de geboorteplaats van Abraham Kuyper en Maarten ’t Hart – zich voltrokken had, en dat bleek 3 november 1944 te zijn, en toen had Maarten nog drie weken in het vruchtwater voor de boeg. De vrijmaking meegemaakt??

‘Veel aandacht aan de Vrijmaking besteed’, zoals de uitnodiging zegt? Ik heb 35 boeken van Maarten ’t Hart gerecenseerd en herinner me inderdaad wat opmerkingen over de vrijmaking. Maar véél? Ik zocht eens even rond. In zijn boekje Wie God verlaat heeft niets te vrezen. De Schrift betwist (1997) staat het hoofdstukje ‘De babydoop’. Ik citeer: ‘De babydoop is een volledig onbijbelse praktijk. Ongelofelijk eigenlijk, want de kerkscheuring in de Tweede Wereldoorlog in de Gereformeerde Kerk ging over een subtiel verschil van interpretatie ten aanzien van al dan niet als “veronderstelde wedergeboorte” op te vatten werking van de babydoop. En die babydoop komt helemaal niet voor in de bijbel!’ (…) In het nawoord van dit boekje noemt Maarten ’t Hart de bijbel ‘een gruwelijk, duister, kwaadaardig boek vol volkerenmoord en doodslag’. Hij is in zijn jeugd door het christendom bestookt met ‘onbedaarlijke apekool’, ‘van de eerste tot en met de laatste lettergreep een kolossale leugen en verpletterend bedrog’. Het is ‘de fanatiekste en onverdraagzaamste van alle godsdiensten’ met ‘een vreselijke geschiedenis achter de rug’. Wat als ‘blijde boodschap’ gepredikt wordt is volgens hem in werkelijkheid ‘barbaarse lariekoek’ en bestaat uit ‘stokoude waanideeën’. (…) Maar in 2011 komt blijkbaar de echte en totale ‘roman over deze kerkscheuring’. (…) À propos: jammer dat Jan Wolkers niet meer onder de levenden is. Hij zou in 2015 zo geschikt zijn geweest als spreker over het onderwerp ‘Ik en de man die mij doopte’, op het congres ‘125 jaar K. Schilder’.

‘U bent zelf geen praktiserend gelovige en toch betreurt u de teloorgang van het christendom?’, vroeg Emmanuël van Lierde in VolZin aan filosoof Dirk de Schutter.

Ja, ik treur en ik rouw. Niet omdat we ons bevrijd hebben van dat juk, wel vanwege de appreciatie daarvan door de goegemeente in de zin van ‘oef, we zijn er vanaf.’ Die houding deel ik niet, voor mij is er iets verloren gegaan. Ik verwerp de bevrijding van de verstikkende moraal niet en ook ik ben blij dat zelfontplooiing nu toegestaan is. Maar we gooien het kind met het badwater weg. We kunnen vraagtekens zetten bij de uitwassen van zelfontplooiing en het ongebreide kapitalisme. De gedachte heer en meester te zijn van alles leidt tot catastrofes. Zowel economisch en politiek als persoonlijk en interpersoonlijk merken we dat andere jukken in de plaats zijn gekomen. Vijfentwintig jaar geleden werd ons eerste kind geboren. Wie kwamen er de dag daarna op bezoek? Niet meneer pastoor om onze dochter in te lijven in de kerk, wel de bank- en verzekeringsmakelaar om een kinderrekening te openen. Wat voor bevrijding is dat?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juni 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juni 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken