Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Verlegen om goed woord

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Verlegen om goed woord

7 minuten leestijd

Op 15 januari overleed dr. Gerrit de Kruijf, hoogleraar ethiek aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU). Een aimabel en wijs mens, die een verbindende rol in de kerk speelde. Hij werd zestig jaar. Jarenlang doceerde hij in Leiden en was hij op allerlei manieren bij het welzijn van de kerk betrokken. In het ND stond een fijngevoelig In memoriam door Dick Schinkelshoek

God geve mij, Jeruzalem,
Dat ik eens op een dag
Een pelgrim aan uw poorten ben
En dat ik binnen mag.


Gezang 265 uit het Liedboek voor de kerken was zijn lievelingsgezang. Het was tijdens een portretinterview met deze krant in 2008. Opeens werd de krachtige, donkere stem van Gerrit de Kruijf zacht en verstild. ‘Ik ben een pelgrim, onderweg naar Gods koninkrijk. Dat is het: het verlangen naar de poorten van Jeruzalem, en de hoop dat ik daar straks binnen mag gaan.’
Vanzelfsprekend was dat binnengaan niet voor de protestantse ethicus en theoloog. ‘Wie in Gods Koninkrijk gelooft, gelooft ook in een gericht. Dan kan het zijn dat God mij tegenkomt en zegt: Gerrit, jou laat ik liggen. Jij hebt het misschien aardig geprobeerd, maar zo veel verwoestingen aangericht. Dat feest is niet voor jou. God zal de armen en de verdrukten binnenlaten, dat is voor mij zeker. Natuurlijk hoop ik dat Gods liefde uiteindelijk zo groot is dat ook Gerrit en anderen mee mogen, maar dat is dan genade, geen zekerheid vooraf. ’
Het leven is mooi, maar het leven is ook ernst, wilde de hoogleraar christelijke ethiek aan de Protestantse Theologische Universiteit ermee zeggen.

Twee keer denken
Theologen zullen zich De Kruijf vooral herinneren door zijn methode van ‘twee alleen denken vanuit het compromis. Wat betekent de hoop op het Koninkrijk van God voor het leven hier en nu? Hoe beïnvloedt dat je visie op politiek, op rijkdom en armoede, op seksualiteit en relaties. Met die vragen was De Kruijf het grootste deel van zijn theologische loopbaan bezig. (…)

Preek voorop
De Kruijf vroeg de laatste jaren ook aandacht voor het belang van de preek. In deze tijd ligt de preek van alle kanten onder vuur. Maar ‘zonder preek geen protestantse eredienst’, zo beklemtoonde De Kruijf.
In een bijdrage ter gelegenheid van de verschijning van het boek van prof. Immink over de eredienst zei De Kruijf het zo, onder de kop ‘Verlegen om een goed woord’:

En nu denk ik dat we recht op de preek af moeten gaan als we de protestantse traditie willen voortzetten. De preek is daarvan niet alleen het meest kenmerkende maar ook het kwetsbaarste kenmerk. Dat komt doordat de preek heel gauw wordt wat hij niet wil zijn: betoog, uitleg, zelfs niet verhaal. De preek is de toediening van een woord, er wordt een woord op de mond gelegd als een ouwel. Het is verkondiging maar op een nabije manier. Het is monoloog maar wil gevoeld worden als gesprek. Ze is een gooi naar de ziel. Die doe je ook niet zozeer ambtelijk maar meer als oefenaar.
De miskottiaanse beschrijving [De Kruijf promoveerde op de theologie van ds. K.H. Miskotte, GvM] van de preek is niet alleen protestants maar ook heel Nederlands. Deze verbinding tussen mystiek en preek kom je in Duitsland niet tegen, in Engeland niet. En misschien ook in Nederland nauwelijks meer. (…) Maar in onze traditie zit het zo diep dat Nederlandse kerkgangers nog steeds met een verholen verwachting naar een preek luisteren, die hiermee van doen heeft: de preek als mystiek: je hoopt (bewust of onbewust) aangesproken te worden in je ziel. Dat komt door de Nadere Reformatie, die de bevindelijke prediking bracht. (…)

Eerbied
Nu heeft die traditie veel ongeluk gebracht, zoals exemplarisch te lezen in Siebelinks ‘Knielen op een bed violen’. Als ik preken van mijn verre voorganger (zowel in Rijnsaterwoude als Kralingen!) Van der Groe las, werd ik niet alleen niet vrolijk, wat misschien ook niet de bedoeling is, maar kon ik er ook helemaal niet inkomen. Geen pleidooi dus voor die Nadere Reformatie. Maar de moderne echo’s ervan, die bereiken het gemoed van moderne Nederlandse hoorders. Dan wordt er iets unieks geboden, waarvan ik geloof dat predikanten dat zouden moeten willen zoeken. Omdat ik niet al te persoonlijk wil worden, weersta ik de verleiding om voorbeelden te geven, behalve een: Nico ter Linden. (…) Uit zijn boek ‘Alleen maar vrije tijd’ licht ik een aspect: eerbied in het heiligdom! Als je bijvoorbeeld eerst begint de mensen op hun gemak te stellen door te zeggen dat het fijn is dat ze ondanks het slechte weer toch gekomen zijn, is de bliksem eigenlijk al afgeleid.

Aanspraak
Welnu, deze traditie moeten wij koesteren. Als het einde van het institutionele protestantisme wordt aangekondigd, is dat gebaseerd op het rationele imago van het protestantisme. Daar moeten we niet uit lijfsbehoud emotie en ritueel tegenoverstellen, maar het woord in zijn oerdimensie van aanspraak. Betogen kan niet iedereen volgen maar om een goed woord zit iedereen verlegen, ook als het niet een bevestigend maar een ‘ontdekkend’ woord is.
Van hieruit wil ik een pleidooi voeren voor een accent op de preekoefening in de opleiding. Als de preek een zo kwetsbaar kenmerk van onze traditie is, (…) dan zou de preek meer aandacht mogen krijgen dan nu het geval is. Daarmee bedoel ik (…) een verbuiging van allerlei cursussen naar dit belang toe, zodat de aanstaande predikant van jongs af een oefenaar wordt en niet pas eigenlijk na zijn bevestiging. (…)

‘Leren ze wel preken?
’ Het vreemde is, dat als ik dit soort dingen ter sprake ben, er steevast gereageerd wordt met reserve, misschien schaamte: de preek, ach de preek… Er is meer: pastoraat, diaconaat, allemaal even belangrijk, we kunnen echt de preek niet accentueren. Ook niet voor ons imago.
En omgekeerd denken gemeenteleden vaak: het is zo saai in de kerk, het spreekt zo weinig aan, leren ze tijdens de opleiding eigenlijk wel preken? Als we in deze impasse blijven hangen, versnelt dat het einde van het institutionele protestantisme. Wij moeten het aandurven voor de preek te staan, onze eer en onze schande. En die preek moet uitstralen dat wij in onze woorden op Iemand hopen. (…)

Ook in onze emotiecultuur komen mensen met verwachting naar de kerk om een goed woord te ontvangen, om geraakt te worden in hun ziel. Vanuit de aanspraak van het Woord.
Om een indruk te krijgen hoe De Kruijf dat zelf deed een fragment uit wat zijn laatste preek is gebleken over Markus 1. De Kruijf had op de preekstoel het dikste deel van de dogmatiek van de beroemde theoloog Karl Barth meegenomen.

(…) eindeloos probeerde Barth dichter bij het geheim te komen, en gevraagd waarom hij zoveel schreef zei hij: je moet telkens weer bij het begin beginnen. Je kunt nooit voortborduren op wat je al hebt, want als het over God gaat heb je niets in handen, het is niet zo dat je er steeds meer van weet, je hebt alleen dat begin, daar moet je telkens weer beginnen. En wat is dat begin? Erbij stilstaan dat God God is… Dat het evangelie geen gemiddeld verhaal is maar iets uitzonderlijks, waar wij niet bij kunnen maar dat wel bij ons komt.

De Kruijf was zelf aangesproken door dit goede nieuws en als ‘oefenaar’ van het Woord heeft hij steeds weer geprobeerd het evangelie door te geven. Met de traditie in de rug en Gods toekomst voor ogen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Verlegen om goed woord

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 2013

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PDF Bekijken