Bekijk het origineel

Het boek Esther

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Het boek Esther

6 minuten leestijd

Er is slechts één van de zes en zestig Bijbelboeken, waarin we de Naam van God tevergeefs zullen zoeken; maar zoveel méér lezen we erin van Zyn grote daden, aan Zijn volk, het volk der Joden, bewezen uit genade. In dat boek staat beschreven hoe dit volk der Joden door een satanisch plan opgeschreven was ten dode, maar hoewel het verzegeld was met des konings ring, zorgde de Koning der koningen dat het niet door ging. Deze zaken, ik neem aan dat een ieder dit wel weet, staan beschreven in het Bybelboek, dat Esther heet. Dat boek Esther beschryft ons eerst de heerlijkheid van koning Ahasveros, en de maaltijd door hem bereid. Toen op de zevende dag zyn hart vrolijk was van de wijn, gebood hij dat Vasthi voor zyn aangezicht zou zyn. Vasthi de koningin, meebrengende de koninklijke kroon; om haar schoonheid te tonen, want zij was zeer schoon. Maar Vasthi weigerde te verschijnen voor al de groten; daarom werd zij door Ahasveros voor altijd verstoten. In haar plaats is Hadassa (deze is Esther) gekomen, als wees door Mordechaï tot een dochter aangenomen. Deze Mordechaï, eens in de poort des konings gezeten, kwam een samenzwering tegen koning Ahasveros te weten. Dat kostte aan de betreffende kamerlingen het leven, en deze zaak werd in de kronieken precies beschreven. Maar toen het de koning beliefde Haman te verhogen, voor wie al des konings knechten zich toen nederbogen, toen heeft Mordechaï dat gebod des konings overtreden, zodat Haman vervuld werd met toorn en grimmigheden, en een plan beraamde om hem en al het volk der Joden uit het ganse rijk van Ahasveros op één dag te doden. Hy zegt dat de Joden naar hele andere wetten leven, en dat ze niet doen wat de koning heeft geschreven. De koning wordt overtuigd: de Joden moeten uitgemoord; hy geeft Haman zijn ring als teken van volledig akkoord. Zeer korte tijd daarna was de betreffende wet al klaar; en de boze Haman dacht: Dat heb ik goed voor elkaar. Maar God zou heel duidelijk betonen dat Hy regeert, en dat Hy ook straffen zal wie zich tegen Hem keert. Toen Mordechaï te weten kwam al wat er was gebeurd, heeft hy een zak aangetrokken, zijn klederen verscheurd. Zo ging hy door Susan, met bitter geroep, in zak en as, om daarmee te betonen dat hy in zeer diepe rouw was. Nadat Esthers jonge dochters dit haar hadden gemeld, heeft haar kamerling Hatach een onderzoek ingesteld; aan wie Mordechaï toen alles precies heeft uitgelegd, terwijl Hatach het daarna weer aan Esther heeft gezegd. Mordechaï gebood aan Esther naar de koning te gaan, opdat een smeekbede voor haar ganse volk werd gedaan. Als de gouden scepter wordt toegereikt, dan alleen, dan mag dat, maar nochtans zegt Mordechaï: Ga er heen; gy zult niet ontkomen, meer dan al de andere Joden, ja, men zal zelfs u en uws vaders huis zekerlijk doden als de verlossing uit een andere plaats zal ontstaan; dat laatste zal zeker gebeuren, daar kunt u van op aan. Toen was het verzet van de koningin Esther gebroken: Wanneer ik dan omkom, zo kom ik om, heeft ze gesproken. Onvoorwaardelijk ging ze, niemand hield ze meer tegen; en Ze heeft genade in des konings ogen verkregen. Ze verzoekt de koning en Haman 2 maal dan de maaltijd, zodat Haman meent te komen tot nog groter heerlijkheid. Maar dat alles baat me niet, zo horen we hem getuigen, zo lang die Jood Mordechaï niet voor me wil buigen. Daarom laat hij een galg maken op advies van zijn vrouw; dat gezeur moet uit zijn, Mordechaï ophangen, en gauw. Maar nogmaals: God regeert, en heilig zijn Zijn wegen; Asaf zegt daarvan: Niemand spreekt Uw hoogheid tegen. In diezelfde nacht is de slaap van de koning geweken, en toen is na het voorlezen van de kronieken gebleken dat Mordechaï op geen enkele wyze eer was aangedaan toen hy zei dat men de hand aan de koning wilde slaan. Daarop vraagt de koning aan Haman (net binnengekomen om te zeggen wat hij voor Mordechaï heeft voorgenomen): Wat is nu de juiste verering die men aan iemand geeft, tot wiens eer de koning een biZonder welbehagen heeft ? En- Haman, die alleen maar aan zyn eigen eer kan denken, niet wetende aan wie men die eer anders zou schenken, antwoordt dat men die man moet geven 's konings kleed, opdat men hem. zo op 's konings paard door de stad reed. Akkoord, zegt nu de koning, doet zo aan Mordechaï, nu ! laat niet één woord van dit alles vallen, en haast u. Ontzettende vernedering voor Haman, die vóór de stoet het uit moet roepen dat men alzo'aan dien man doet, tot wiens eer de koning een bizonder welbehagen heeft; God verhoogt, maar vernedert ook Haman; daarom: Beeft. Zyn huisvrouw en zijn wijzen hadden het met z'n allen heel goed toen zij zeiden dat hy gewisselyk zou vallen, als Mordechaï tot het geslacht der Joden zou behoren; dan kon hij er vast op rekenen: Dan was het verloren. Als Esther aan de maaltijd, waaraan Haman was verzocht, gaat zeggen dat zij en haar volk ten doden zijn verkocht, en Ahasveros dan vraagt waar hy de dader vinden kan, zegt ze: De onderdrukker en vijand is deze boze Haman. De kaning vertrok, Haman deed verzoek voor zyn leven; maar toen de koning zich weer in het huis zou begeven, ^ zag hij tot zijn schrik op het bed van Esther Haman erbij, terwijl even later één van zijn kamerlingen tot hem zei dat voor het huis van Haman, liefst vijftig ellen hoog, een galg voor Mordechaï stond, die niet voor hem boog. Toen was de maat vol, toen was het met Haman gedaan; onverbiddelijk beval de koning: Hang hem, Haman daaraan. Zo was het einde van hem die der Joden dood had gewild; alzo werd de grimmigheid van koning Ahasveros gestild. Hoe komt in deze geschiedenis uit dat de mens wel wikt, maar dat het God in de hemel is. Die alles beschikt. Daarna ontving Esther van de koning Hamans woning, en Mordechaï kwam voor het aangezicht van de koning. Ook werden Hamans plannen die hy had laten beschrijven, waardoor er geen enkele Jood in het leven zou blijven, herroepen, en werd er zelfs een nieuwe wet geschreven, die de Joden van 's koningswege toestemming zou geven om zich te wreken aan hun benauwers en al hun vijanden; ruim vijf en zeventig duizend vielen door hun handen. Ook werden alle tien zonen van Haman door hen gedood, en gehangen, zoals de koning op Esthers verzoek gebood. En Mordechdi werd steeds groter, gelijk vermeld staat, sprekende voor de welstand van het ganse Joodse zaad. In het bovenstaande heb ik heel in 't kort weergegeven wat ons in het Bybelboek Esther zoal staat beschreven. Wat zou het groot zyn als waar mocht worden of wezen dat we die God kenden. Wiens daden we in dit boek lezen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1973

De Wachter Sions | 8 Pagina's

Het boek Esther

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1973

De Wachter Sions | 8 Pagina's

PDF Bekijken