Bekijk het origineel

Terzijde

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Terzijde

5 minuten leestijd

Van tussen zijn voeten

Op 1 maart 1994 heeft de Eerste Kamer der Staten-Generaal de Algemene Wet Gelijke Behandeling aangenomen. Daarmee is aan een discussie van twaalf en een half jaar een eind gekomen. Als er geen wonder gebeurt, kan de wet nu binnenkort in werking treden. Wat zullen daarvan de gevolgen zijn? Hoe zullen wij ermee te maken kunnen krijgen? Wat kan het betekenen voor het kerkelijk leven?

De wet is allereerst een teken aan de wand. Gods wet is door het Nederlandse volk bij meerderheid van stemmen aan de kant geschoven. Al jarenlang. Deze wet is een blijk van het moderne, ontkerstende, post-christelijke denken, waarin principieel geen plaats meer is voor Gods openbaring.

Dat is het ergste. Met deze wet wil de wetgever ons volk bepaalde normen opleggen. Normen met name op zedelijk gebied, zeg maar het terrein van het zevende gebod, die rechtstreeks tegen Gods geboden ingaan. De overheid, dienaresse Gods onder meer om de ongebondenheid der mensen te bedwingen, heeft haar ambt te grabbel gegooid met een wet die tot doel heeft, de zonde te beschermen en het tegengaan van de zonde te verhinderen. Een wet die daarmee onder het oordeel uit de mond van de profeet Jesaja valt: Wee dengenen die de ongerechtigheid trekken met koorden der ijdelheid, en de zonde als met dikke wagenzelen. Wee dengenen die het kwade goed heten en het goede kwaad, die duisternis tot licht stellen en het licht tot duisternis, die het bittere tot zoet stellen en het zoete tot bitterheid, Jesaja 5:18, 20.

Wat zal het deel zijn van zulk een volk? Onlangs publiceerde het Sociaal-Cultureel Planbureau heel droevige cijfers over de geweldig toegenomen onkerkelijkheid. Zo heeft Nederland zichzelf rijp gemaakt voor dergelijke wetgeving. De wetgever heeft een wet gegeven, maar daarmee is op het duidelijkst openbaar gekomen, dat de wetgever van tussen Juda's voeten is geweken. Wee zulk een volk!

Ten tweede is deze wet er een blijk van, hoe het gereformeerde volksdeel, historisch gezien de kern der natie - ons volkslied is daar het duidelijkste bewijs van - , naar de rand van de maatschappij geschoven wordt, als "gereformeerde minderheidsgroep", ingeperkt in zijn vrijheden, meer en meer in een gedoogpositie bij de gratie van uitzonderingsbepalingen.

Wat zullen de gevolgen zijn van deze wet? Hoe zullen wij ermee te maken kunnen krijgen?

Het meest zullen besturen van instellingen de gevolgen ervan onder ogen moeten zien. Hun mogelijkheden om een personeels- en toelatingsbeleid te voeren in overeenstemming met de grondslag van de instelling, is fors ingeperkt.

De schoolbestxiren hebben nog een zekere mate van vrijheid van handelen behouden, dankzij het grondwettelijk verankerde beginsel van vrijheid van onderwijs. Maar de poging die de SGP bij de behandeling in de Eerste Kamer nog ondernomen heeft, om voor de zg. zorginstellingen (zoals bejaardentehuizen, verzorgingstehuizen, verpleeginrichtingen) op levensbeschouwelijke grondslag dezelfde mate van vrijheid te behouden, werd door de minister beslist afgewezen. "Ieder die op zorg is aangewezen, moet geaccepteerd kunnen worden, " zei hij.

Dat betekent, dat het niet toegestaan is, een levenswandel te eisen die in overeenstemming is met de grondslag van de instelling, noch van het personeel, noch van de bewoners.

Nota bene, dat geldt dan instellingen die juist uit de nood geboren zijn! Omdat men steeds meer ging ondervinden, dat men elders niet meer terecht kon, vanwege de grote verwereldlijking allerwege, kwamen er eigen tehuizen. Uit de nood opgericht voor de eigen mensen. Mensen vaak in een kwetsbare positie, voor wie het juist zo belangrijk is, in een eigen vertrouwde omgeving te verkeren, in een leefgemeenschap met anderen met wie men zich één weet in belijdenis en wandel.

De wet wil dat doorbreken.

Nu zal men natuurlijk zeggen, dat andersdenkenden toch weinig lust zullen hebben om in zulk een instelling een baan te zoeken, of opgenomen te worden. Dus zal het in de praktijk nog wel meevallen met die gedragingen die in strijd komen met de grondslag, zo wordt gezegd.

Dat zal in zeker opzicht ook wel zo zijn. Maar de moeilijkheid zal vooral aan de dag treden bij mensen die van opvatting veranderen. Personeel of bewoners die andere opvattingen krijgen. Die in zonde vallen. Of die op zeker moment openlijk voor de dag komen met wat ze eerder in het verborgene deden. Er ontstaat zo een ernstig conflict in de levenssfeer, vooral als men zich niet meer wenst aan te passen aan de regels van de instelling. En probeer dan maar eens zo iemand te ontslaan, of uit de instelling te krijgen. Dat is vooral de wezenlijke bedreiging, die van deze wet uitgaat.

In de praktijk zal moeten blijken, wat de consequenties van deze wet zullen zijn. Wij kunnen processen verwachten. Hoe zal de rechter dan oordelen? En hoe de commissie gelijke behandeling, die een belangrijke plaats in de wet heeft gekregen? Hoe zal deze commissie eruit gaan zien? Wanneer bij voorkeur drijvers van de gelijkheidsideologie zullen worden aangezocht, staat ons niet veel goeds te wachten.

Hoe moet nu onze houding zijn? Daarop willen we de volgende week nader ingaan, en dan ook speciaal op de vraag, wat de gevolgen van deze wet kunnen zijn voor het kerkelijk leven, voor de prediking, en de kerkelijke tucht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 maart 1994

De Wachter Sions | 8 Pagina's

Terzijde

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 maart 1994

De Wachter Sions | 8 Pagina's

PDF Bekijken