Paul-Jan
BELEVENISSEN VAN EEN AMBULANCEVERPLEEGKUNDIGE
In deze periode is bijna elke rit die we rijden coronagerelateerd. Dat betekent dus veel omkleden en schoonmaken. Ondertussen ontvangen we van wildvreemde mensen spontane reacties. Het varieert van een duim opsteken wanneer we met de ambulance langsrijden, tot een spontaan applaus bij aankomst op een adres. Er worden zelfs bossen bloemen en fruitmanden bij de ambulanceposten afgeleverd. Persoonlijk vind ik het een mooi gebaar, maar niet nodig. De collega’s in de verpleeg- en ziekenhuizen, die soms constant in isolatiepakken lopen, verdienen dit meer, vind ik.
Het is tijdens deze weken met de 1-1-2-meldingen ook veel rustiger dan normaal. Uiteraard zijn er door het weinige verkeer en de lege sportscholen minder ongevallen, maar de onwelwordingen zouden toch niet minder zijn, lijkt me. Deze ochtend gaan al vroeg onze piepers af. Het blijkt een 1-1-2-melding te zijn vanuit Strijen. Wanneer we die kant oprijden, komt er in het scherm: alleenstaande man met pob (= pijn op de borst) te staan. Dit kan een levensbedreigende aandoening zijn en daarom wordt er op zo’n melding standaard met A1 gereden. Het is ook nu weer erg rustig op de weg, zodat we ondanks de spoedrit toch om ons heen kunnen kijken. Schitterend om te zien hoe de zon zijn eerste stralen laat schijnen. Iedere keer een teken dat de Heere God ook deze dag weer, nog genadig is met ons…
Eerlijk gezegd zijn ben ik blij dat niets erop wijst dat we ons moeten verkleden, maar de meldkamer denkt er anders over. Er komt meer informatie op ons scherm: de patiënt hoest al een paar dagen en heeft ook pijn in de keel. De pob-klachten kunnen zich ook in combinatie met corona voordoen, dus dit betekent toch weer mondmasker, spatbril en het inmiddels bekende witte pak aan. Aangekomen bij het huisadres trek ik voordat ik het huis inloop alles aan.
De patiënt, die een oudere man blijkt te zijn, kijkt mij verschrikt aan. „Dit is standaard”, probeer ik vanachter mijn mondkapje uit te leggen. Maar het is tegen dovenmansoren gezegd, want hij mompelt meteen niet naar het ziekenhuis te willen en dat ik beter maar weer kan gaan. Het enige wat ik nog mag doen is een elektrocardiogram (ecg) maken om te kunnen beoordelen of er afwijkingen zijn. Het blijkt gelukkig geen acuut hartinfarct, maar de afwijkingen zijn zodanig dat een ziekenhuisbezoek wel nodig is. Weer leg ik alles uit, maar de man is resoluut in zijn beslissing. We lichten de huisarts in en pas als die belooft vandaag nog een bezoekje te brengen, rijden we enigszins gerustgesteld de straat uit.
Paul-Jan Dekker verzorgt op deze plek een wisselcolumn. Volgende keer politieagent Johan Dubbeldam.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 24 juni 2020
Terdege | 178 Pagina's