Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Théodore de Bèze en de Hervormde Kerk in Frankrijk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Théodore de Bèze en de Hervormde Kerk in Frankrijk

27 minuten leestijd

I Een korte levensschets W

Wij beginnen met een korte schets van het leven van Théodore de Bèze (1519 - 1605). Hij werd 24 juni 1519 geboren te Vézelay, uit een oud adellijk Bourgondisch geslacht. Drie jaar oud werd hij toevertrouwd aan zijn oom Nicole de Bèze, raadsheer en procureur van het parlement in Parijs. Zijn kinderjaren bracht hij door in het Quartier Latin waar zijn oom woonde. Hij was nog geen 10 jaar toen hij in december 1528 door zijn oom werd ondergebracht bij de Duitse humanist Melchior Wolmar te Orléans; een bijzondere leraar en pedagoog, die hem de Griekse en Latijnse klassieken en eveneens de evangelische opvattingen bijbrengt. Zo is Beza al vroeg bekend geworden met de geest en gedachtewereld van de Reformatie. En het was voor de jonge Beza een hevig verdriet toen Wolmar in mei 1535 het verstandig achtte om Bourges, waar zij sinds 1530 woonden, te verlaten en terug te keren naar Tübingen.

Sinds de affaire van de Placards (1534) 1 zijn velen verdacht en vervolgd. Beza moet op gezag van zijn vader afzien van zijn wens om met Wolmar mee te gaan. Zeer literair begaafd is Beza reeds jong een uitmuntende dichter in het Latijn. Hij leidt aanvankelijk enkele jaren te Parijs (1539-1548) een bestaan waarin hij zich geheel toewijdt aan de literatuur: hij geeft zijn fameuze gedichtenbundel uit waarmee hij zijn naam als een groot dichter vestigt. Door een ernstige ziekte, en de dreiging van de dood, komt hij er toe zich openlijk geheel aan de Hervorming te wijden. Veroordeeld door het parlement van Parijs, vlucht hij naar Genève (1548), waar hij door Calvijn wordt ontvangen. Calvijn begrijpt dat de overgang van een voornaam en rijk begaafd man als Beza een godsgeschenk is voor de Reformatie. Beza vestigt zich eerst te Lausanne, waar hij hoogleraar wordt in het Grieks aan de juist opgerichte academie. Hij is er rector van 1552 tot 1554. Zijn kwaliteiten als theoloog, exegeet, polemicus, en ook als diplomaat worden snel duidelijk en maken van hem de meest naaste collega van Calvijn bij wie hij zich zal voegen in 1558. Beza blijft nu te Genève, eerst naast Calvijn, daarna staat hij alleen aan het stuur, en de kerk en de stad van Genève zijn gezegend met zijn veelvuldige diensten.

De veelzijdigheid van zijn gaven en activiteiten is exceptioneel. Op het literaire vlak, krijgt zijn talentvolle Franse berijming van de Psalmen – regelrecht uit het Hebreeuws – een zeer hoge vlucht. Hij ontvangt toestemming voor de druk van de Franse koning. Op de titelpagina prijkt: Privilège du Roi. Voor de druk sloot Beza een contract met de Geneefse drukker Antoine Vincent. Deze eerste druk omvatte 50.000 exemplaren, maar na enkele jaren waren er 45 drukkerijen bij deze uitgave van de berijmde Psalmen betrokken. Het groeide uit tot de grootste druktechnische onderneming van de 16e eeuw. De psalmen werden zelfs gezongen aan het hof in Parijs in de omgeving van Catherina de Médicis. Als theoloog verdedigt hij de leer van de verkiezing van Calvijn. Zijn levenswerk is intussen zijn editie van de Griekse tekst van het Nieuwe Testament. Hij beheerste het vak om de Griekse handschriften te vergelijken en gedurende zijn lange leven hield hij zich continu bezig om zijn aantekeningen te verfijnen, die meer nog dan filologische en tekstkritische opmerkingen, echte commentaren vormen die de gereformeerde dogmatiek in de 17e eeuw hebben verrijkt en daaraan ten grondslag liggen. Er zijn gedurende zijn leven telkens verbeterde Griekse tekstuitgaven van het Nieuwe Testament verschenen. Er zijn sindsdien tot op 1963 meer dan 150 heruitgaven gepubliceerd. Hij bezat zelf een zeer oud Grieks handschrift van het Nieuwe Testament, de beroemde Codex Bezae, die nu bewaard wordt in Cambridge. Vervolgens: Beza stelt een eigen geloofsbelijdenis op, met de bedoeling zijn vader die rooms gebleven was, aan te tonen dat zijn zoon niet goddeloos of ketters was. Die confessie is meer dan 35 maal in bijna alle Europese talen gedrukt en zij heeft doorgewerkt in de confessio gallicana en de confessio belgica, zowel in de Franse als in de Nederlandse geloofsbelijdenis.

De carrière van Beza vertoont daarnaast een belangrijk diplomatiek aspect. Hij werd drie maal naar de Duitse vorsten gestuurd om een toenadering tot de Lutheranen tot stand te brengen. Beza is de woordvoerder van de Protestanten op het godsdienstgesprek van Poissy in 1561. Hij houdt de beroemde rede, waarin hij met zijn bijzondere welsprekendheid het hervormde geloof verdedigt en met zo’n overtuigende meeslepende zekerheid, dat hij de meerderheid achter zich krijgt. Zijn rede werd onmiddellijk in vele drukken verspreid. Hoewel het godsdienstgesprek mislukt, blijft Beza in Frankrijk en, vertrouwd als hij was met de hoge Protestantse adel, werd hij nu de raadsman van prins Louis de Condé en van de koningin van Navarre, Jeanne d’Albret. Dat is hij tot zijn dood ook gebleven van haar zoon, de Franse koning Hendrik IV.

Nadat Calvijn betrekkelijk jong is overleden in 1564 zet Beza diens werk voort in en vanuit Genève. Hij waakt er voor dat de kerkelijke ordonnanties goed worden toegepast en de regels voor de leer- en levenstucht nageleefd. Hij wijdt veel van zijn krachten aan de universiteit waarvoor hij als rector vele goede hoogleraren weet aan te trekken. Dankzij Beza blijft de invloed vanuit Genève enorm en die is belangrijk voor het bewaren van de eenheid van de Reformatie. Hij strijdt tegen de congregationalistische ideeën die rondgaan in Frankrijk en hij is praeses of moderator van verschillende synoden zoals die van La Rochelle in 1571. Het bloedbad van de Bartholomeüsnacht in Parijs (24 augustus 1572) doet de Hugenoten elk vertrouwen verliezen in het Franse koningshuis, dat direct en indirect verantwoordelijk is voor het uitmoorden van de onderdanen. Beza publiceert dan zijn beroemd geschrift over het Recht van de Magistraten, waarin hij het recht van de lagere overheden om zich te verzetten tegen de tirannie uitwerkt. De eerste aanzet daartoe heeft Calvijn gegeven in de laatste zinnen van zijn Institutie.

Tegelijkertijd voert Beza onvermoeid strijd tegen de oude en moderne ketterijen, hij steunt de Duitse hervormden tegen de ultra-lutheranen, die telkens opnieuw hardnekkig hun avondmaalsopvattingen opdringen. Hij verdedigt de rechte en bijbelse leer van de Reformatie samen met zijn collega’s in Bazel en Zürich, vooral met Heinrich Bullinger. Beza blijft tot zijn overlijden in 1605 een centrale figuur die hoog geacht wordt in Genève en door de Hervormden in heel Europa.

U ziet: Beza was een formidabele reformator met een zeer veelzijdige begaafdheid. Het grote Beza-boek dat binnenkort zal verschijnen en dus helaas vandaag nog niet getoond kan worden, geeft een inzicht in de grote betekenis die Théodore de Bèze gehad heeft voor de consolidatie en doorwerking van de Reformatie.

II. Beza en de Hervormde Kerk van Frankrijk

Over de Reformatie in Frankrijk is weinig bekend. Wij denken altijd dat de Reformatie ontstaan is uit de 95 stellingen van Luther op 31 oktober 1517 in Wittenberg. Calvijn is dan de man van de 2 e generatie. En Beza als opvolger van Calvijn is de figuur van de 3 e generatie. Dat is volstrekt onjuist – Beza was slechts 10 jaar jonger dan Calvijn en heeft dezelfde leermeesters gehad als hij. Het is goed om eerst een blik te slaan op het hele veld van de 16e eeuw. De landsgrenzen liepen toen heel anders dan vandaag. Duitsland was volstrekt geen eenheid, maar een verzameling van vorstendommen, ook Frankrijk vormde nog geen eenheid. Binnen het huidige Frankrijk waren ook verschillende kleinere soevereine staten. Het was nog lang niet het un roi, un loi, un foi, één koning, één wet en één geloof. Dat is Frankrijk geworden in de 17 e eeuw onder Lodewijk XIV.

Het begrip ‘emergence’

In die hele bonte wereld van de 16 e eeuw is de Reformatie niet een geheel nieuw fenomeen. In de Middeleeuwen zijn er voortdurend aanzetten geweest tot hervorming. Maar geen één poging heeft zo krachtig en radicaal doorgezet als de Reformatie van de 16 e eeuw. Wij proberen als historici tegenwoordig dat geheel te verstaan met behulp van het begrip ‘emergence’. Dit woord stamt uit het Latijn: emergere: opduiken, opspringen, zich tonen, zichtbaar worden. Bij ons hebben de Zeeuwen als wapenspreuk: luctor et emergo, ik worstel en ontkom, lett.: ‘ik duik op’. Het Engelse woord ‘emergence’ heeft zowel die letterlijke betekenis van het opduiken uit het water als ook de overdrachtelijke zin van: het in verschijning treden, te voorschijn komen, zich duidelijk zichtbaar ontplooien. Het is interessant om bij dat begrip ‘emergence’ even stil te staan. Dat ‘opduiken’ is niet alleen een natuurlijk verschijnsel, maar dat gebeurt ook in het geestelijk leven, in de geestes-geschiedenis. De geest van iedere tijd wordt gekenmerkt door een scala van opduikende verschijnselen, sommige langzaam, procesmatig, andere plotseling en wat wij tegenwoordig een ‘hype’ noemen. Dat begrip ‘emergence’ wordt aanschouwelijk als wij zien hoe een geweldig groot dier zoals een Nijlpaard uit het water opduikt, en met enorme kracht zijn omvangrijk lichaam uit het water opheft. Hij veroorzaakt niet slechts een paar rimpelingen in het water, maar vloedgolven, haast een tsunami. Zo gezien betekent ‘emergence’ een tevoorschijn treden van gebeurtenissen en omwentelingen. Ook wanneer die zichtbaar worden, soms plotseling en abrupt, dan is er altijd een verband met het voorafgaande. Alleen datgene kan opduiken, wat reeds tevoren onder de wateroppervlakte aanwezig was. Hetgeen opduikt is een nieuw verschijnsel wat tevoren niet zichtbaar was, maar wezenlijk is er een verband met wat reeds onder water, of ondergronds al bezig was. In deze zin kunnen wij reeds in het herfsttij van de Middeleeuwen de verschijnselen waarnemen die de bakermat vormen voor de nieuwe tijd met een geheel andere theologische, culturele en maatschappelijke constellatie. De basis is gelegd door de Renaissance, lett. ‘wedergeboorte’, terugkeer naar de bronnen zelf. De boekdrukkunst maakte die bronnen veel breder algemeen toegankelijk dan de handschriften van vroeger. De honger werd geboren om de bronnen zelf te lezen en te onderzoeken. Het Hebreeuwse Oude Testament, het Griekse Nieuwe Testament, de klassieke Griekse en Romeinse schrijvers. Renaissance, wedergeboorte, er komt weer directe kennis van het wonder hoe de boodschap van profeten en apostelen de gehele Griekse-Romeinse wereld binnendrong en hoe de heidenvolken werden geënt als een nieuw verbond in de stam van het oude verbond. De grote emergence van de Hervorming is de tsunami geweest die door Luther, zonder dat hij het zelf wist en bedoelde, teweeg is gebracht. Dat is zo’n gebeurtenis geweest zoals van het Nijlpaard dat opduikt uit het water. Die impuls heeft zich onmiddellijk verspreid in heel Europa. De politieke en maatschappelijke omstandigheden waren echter geheel verschillend. Tot voor kort was Franse vroege Reformatie altijd in het duister gehuld. Maar de nieuwste studies hebben aan het licht gebracht, dat de Reformatie zich al direct en zeer snel verbreid heeft in Frankrijk. Hier en daar publiek, en elders heeft de vroege reformatorische beweging zich vooral onder water, ondergronds verspreid. Willen wij iets begrijpen van de rol en de vooral ondergrondse invloed van Calvijn en Beza in Frankrijk, dan moeten wij iets weten van het vorstenhuis in Frankrijk. Twee personen, twee hooggeplaatste vrouwen vragen achtereenvolgens onze aandacht. 2

Margaretha van Angoulême, koningin van Navarre

Koning Frans I (1494-1547) en zijn twee jaar oudere zuster Margaretha (1492-1549) waren beiden gedrenkt in de kennis van de renaissance, van het bijbels humanisme. Vooral Margaretha was intens bekend met bijbels humanistische studies, en was sterk onder de indruk van Luther en later van Calvijn. De roomse orthodoxe en conservatieve fractie die genesteld was in de Sorbonne, de universiteit van Parijs, zag dat met argusogen aan. Frans I had geen gemakkelijke positie. Frankrijk werd voortdurend bedreigd door Habsburg, Karel V was koning van Spanje, keizer van Duitsland en Oostenrijk, en Heer van de Nederlanden. Hij had de steun nodig van de Duitse protestantse vorsten en keurvorsten, en in eigen land had hij te maken met dat deel van de hoge adel dat zeer fel rooms was, en hij kreeg steeds de hete adem van de Sorbonne in zijn nek.

In de Europese politieke spanningen heeft zijn zuster Margaretha een belangrijke rol gespeeld. Zij had grote invloed aan het hof en kende persoonlijk alle ambassadeurs en hun intriges. Zij heeft van meet af aan een eigen netwerk opgebouwd van hervormingsgezinden. Daartoe behoorden leden van de hoge adel, verder wetenschappers, hoogleraren, en ook drukkers en uitgevers. Daartoe behoorden ook de leermeesters van Calvijn en Beza, die hen de eerste beginselen van het bijbelonderzoek en van de Reformatie hebben bijgebracht. De jonge Calvijn was diep geïntegreerd in dit netwerk. Margaretha was als hertogin soeverein in verschillende gebieden in Frankrijk, en door haar huwelijk koningin van Navarre in Zuid Frankrijk. Zij had o.a. zeggenschap over de universiteit van Bourges en zorgde daar voor goede hoogleraren, die de Reformatie waren toegedaan. In Béarn, in Nérac, de hoofdstad van Navarre, zorgde zij voor een asiel voor vervolgde protestanten en zij gebruikte de invloed van haar broer Frans I om hen te beschermen tegen vervolging. Hoewel zij een overtuigde dissident was in de roomse kerk en zij de vervolgden beschermde, is zij zelf toch niet voluit protestant geworden. Meerderen uit haar netwerk zijn door de inquisitie opgepakt en omgebracht, anderen hoezeer ook van de roomse dwalingen en van de zuivere bijbelse boodschap overtuigd, zijn op de drempel van de Reformatie blijven staan. Maar een groot deel van haar netwerk, figuren uit alle rangen en standen treffen wij later onder de Hugenoten aan of onder de refugiés in Genève.

Voor zover wij de reizen en bewegingen van Calvijn en Beza kunnen nagaan, wisten zij precies waar het veilig was. Eerst was dat in bisdom Meaux onder de rook van Parijs, daar werd Farel ingewonnen voor het Evangelie. Later werd daar de grond te heet onder de voeten. Telkens is er ergens een emergence van Reformatie, eerst in Meaux, dan in Bourges, in Rouen, in Poitiers, in Nérac, in de vrijstad Straatsburg, en ook in Ferrara in Italië, waar dankzij de protectie van de hertogin Renata, schoonzuster van Frans I, de protestanten een toevlucht hadden. Zo weten wij dat Margaretha o.a. Calvijn en Clement Marot naar Ferrara gestuurd heeft. Het netwerk van Margaretha was omvangrijk. Calvijn en later Beza hebben met veel hooggeplaatste personen uit haar kring contact gehad. Daarnaast was de scopus van haar ambities indrukwekkend. Zij onderhield bijv. ook contacten met het hof van Hendrik VIII in Londen en heeft tevergeefs geprobeerd om haar broer Frans I over te halen het voorbeeld van Hendrik te volgen, die de paus had afgeschaft en zichzelf tot hoofd van de Engelse kerk had uitgeroepen. Dan zou er naast de Anglicaanse kerk ook een Gallicaanse kerk ontstaan zijn. Margaretha is twee jaar na haar broer Frans I overleden in 1549. Onder diens opvolger Henri II kreeg de inquisitie steeds meer macht en begon haar invloed te tanen.

Jeanne d’Albret, koningin van Navarre

Nu is het Jeanne d’Albret (1528-1572), dochter van Margaretha, evenals haar moeder koningin van Navarre, die naar voren komt. Een vrouw van een groot karakter en van een rotsvast geloof en die met grote moed de Reformatie was toegedaan. Zij werd een pilaar van de Franse Hervormde kerk. In de jaren veertig was de reformatorische beweging sterk gegroeid. De Franse editie van de Institutie van 1541 – door Calvijn zelf vanuit het Latijn vertaald – heeft daar zeer toe bijgedragen. De heldere wijze waarop Calvijn aan de hand van de Schrift het hart van het geloof uit-legt, geeft richting, steun en kracht. Het is geen nieuwe leer, maar de terugkeer tot het Evangelie van de apostelen. Het getal van de hervormden neemt elke dag toe. Jeanne d’Albret hoort de preken van de predikanten die in Genève zijn opgeleid en van daar zijn uitgestuurd. Zo’n leerling van Calvijn schrijft: ‘In Béarn, het koninkrijk van Navarre, is preken openbaar, in de straten worden de psalmen gezongen, geschriften van de hervormers worden vrij en openlijk gekocht’. Reeds in de jaren vijftig komt Jeanne voor haar geloof uit en in 1560 doet zij openlijk belijdenis van haar reformatorisch geloof en neemt deel aan het Heilig Avondmaal. Is zij in Parijs dan laat zij – evenals de prins van Condé – protestantse kerkdiensten houden in haar verblijf met al de deuren open. Beza stuurt haar meer dan 12 predikanten om het Evangelie te verkondigen. In Navarre worden zij beschermd door de wet. Processies zijn er afgeschaft, de kerken gezuiverd van de beelden, synoden komen bijeen en men heeft het plan voor een hervormde universiteit. De koningin van Navarre wordt geroemd, omdat zij alle afgoderij uit haar domein heeft weggedaan, en zij geeft een voorbeeld van ongelofelijke kracht en moed. Haar ambassadeur in Madrid verklaart namens haar aan Philips II: ‘Hoewel ik maar een kleine prinses ben, God heeft mij de regering van mijn land toevertrouwd zodat ik het mag regeren overeenkomstig Zijn Evangelie en Zijn wetten. Ik vertrouw op God, die machtiger is dan de koning van Spanje’. De reactie van Filips II is dat hij haar een duivelse vrouw noemt. Ook de paus stuurt haar zijn gezanten om haar te dreigen de ketterij weg te doen en met tranen terug te keren tot het ware geloof. Haar repliek is duidelijk: ‘U beroept zich op Uw gezag als gezant van de paus. De autoriteit van de paus wordt niet erkend in Béarn. Houd uw tranen voor uzelf.’

Jeanne d’Albret onderhoudt contacten met Calvijn en met Beza toen die naar Genève kwam in 1558. Een jaar later werd de universiteit gesticht met Beza als rector magnificus. De universiteit van Genève is onmiddellijk een groot succes en werkt als een magneet. De studenten stromen toe. Binnen vijf jaar zijn er 300 studenten. Elk jaar worden er 45 studenten ingeschreven, drie maal zoveel als in Zürich. 80% kwam uit Frankrijk. In die jaren zijn er zeker minstens 1250 hervormde gemeenten in Frankrijk ontstaan ondanks de voortdurende vervolgingen en de vele brandstapels. Beza maakt o.a. op uitnodiging van Jeanne d’Albret vele reizen naar Frankrijk om de Hugenoten te ondersteunen. Die reizen zijn zeker niet zonder gevaar. Hij is geruime tijd in Navarre en is hofprediker voor Jeanne d’Albret. Zij heeft aan hem de godsdienstige vorming van haar zoon Hendrik IV toevertrouwd. Beza blijft een vertrouwde raadsman voor Jeanne d’Albret en later voor haar zoon Hendrik IV. Het blijkt bijv. dat Beza geen voorstander was van beeldenstorm, maar geeft wel aan dat God idolen en beeldenverering afwijst. Beza heeft heel veel kunnen betekenen voor Frankrijk. In 1560 waren er hervormde gemeenten ontstaan in elke hoek van het koninkrijk, ze zijn geplant door moedige evangelische pogingen, en worden in stand gehouden door de dienaren des Woords die vanuit Lausanne en Genève in groten getale in het verborgen worden gestuurd. De steun van vooraanstaande personen uit de hoge adel, zoals Antoine de Bourbon, Jeanne d’Albret, de prins Louis de Condé en de admiraal De Coligny geven de protestanten hoop en vertrouwen. In de jaren 1561-1563 is Beza voortdurend in Frankrijk. Er zijn brieven aan de Raad van Genève van de koningin van Navarre, van de prins van Condé en van Coligny waarin zij vragen om Beza enige tijd af te staan. Omgekeerd vraagt Beza aan de hertogin van Ferrara en Jeanne d’Albret om de studenten financieel te ondersteunen, die vanwege de godsdienstoorlogen zonder inkomsten geraakt zijn.

Jeanne d’Albret, komt in de zomer van 1561 met haar zoon Hendrik IV, acht jaar oud, naar Parijs. De Engelse ambassadeur rapporteert, dat zij in een bijeenkomst in Orléans plechtig haar geloof belijdt. De reis is een triomftocht, overal worden zij toegejuicht door een enthousiaste volksbeweging van Hugenoten. En Beza bericht dat als zij in Parijs aankomt zij groots wordt onthaald met verlichting en vuurwerk. Het was de tijd van het godsdienstgesprek te Poissy (1561), waarna Beza een tijdlang zelfs aan het hof te Parijs vertoeft. Daar worden zijn psalmen gezongen en hij heeft er gepreekt. In september begint het godsdienstgesprek te Poissy. De hoogste plaatsen worden ingenomen door de koning, de koningin-moeder Catherina de Medici, en de koning en koningin van Navarre. In deze tijd scheen het velen toe dat Frankrijk op de drempel stond om Protestants te worden. Het was een euforie. Jeanne d’Albret en Beza hadden bijeenkomsten van wel 6000 volgelingen in Parijs. Helaas, want het gunstige getij keert heel snel. En volgen vele jaren van bloedige godsdienstoorlogen, burgeroorlogen, plotselinge, onverwachte bloedbaden, en vele verloocheningen en afzweringen van het hervormde geloof. Dat alles heeft voor goed een wreed einde gemaakt aan deze protestantse droom. Voor Beza persoonlijk is deze ‘gouden tijd’, die gekarak-teriseerd werd door geestelijke kracht en religieuskerkelijke optimistische verwachting, spoedig veranderd in een ‘ijzeren tijd’. De Franse koning is in die jaren nog een zeer jonge tiener, hij is zwak en steunt geheel op zijn ooms, de hertogen de Guise die de roomse fractie vormen. Dat bracht een hevige turbulentie teweeg binnen de hoge adel, waarvan een zeer groot deel behoorde tot de Hugenoten. Het zijn dramatische jaren geweest van een enorme groei van de Reformatie, en dan van concurrentie en een politieke crisis rondom de Franse kroon, hetgeen leidde tot de eerste godsdienstoorlog van 1562-1563. Beza is uiteraard intensief betrokken bij de mogelijkheid van een triomf van het Woord van God in zijn vaderland. De opeenvolgende te jonge koningen zijn continu doof voor dat Woord, en vanwege voortdurende vervolgingen vloeit het bloed van talloze gelovigen. Calvijn verklaart in 1562 vanaf de kansel in Genève dat zijn land Frankrijk geregeerd wordt door moordenaars, lasteraars en dieven. En Beza zegt tegen de roomse hertog de Guise: ‘Mijnheer, ik spreek in de naam van de kerk van God, het is waarheid voor de kerk Gods om slagen te verdragen en niet om die te geven.’ En het gebed is bewaard waarin Beza zegt: ‘Bevrijd ons, o Almachtige Here God, van de woede van de knechten van Saul /…/ wil niet toelaten, o Heer der heirscharen, dat de duivel de overwinning behaalt over Uw uitverkoren volk.’ Met de knechten van Saul bedoelt hij de aanhangers van de Guises.

Na die eerste uitbarsting van de bloedbaden door de hertogen de Guise keert Jeanne d’Albret terug naar Navarre. Eerst is zij nog in Meaux waar zij – in aanwezigheid van Beza – confereert met de prins van Condé en Coligny over de militaire strategie van de Hugenoten. In Orléans heeft zij opnieuw een ontmoeting met Beza, die vertelt dat er tegen hem een valstrik was gespannen. Wanneer zij veilig is gearriveerd in Navarre schrijft Beza aan Calvijn: ‘Intussen is Christus weer opgestaan’ (rursus emergit), hij bedoelt: de blijde boodschap van Christus heeft er ingang gevonden. Onder haar regering groeien in haar gebied de Hervormde kerken voorspoedig en zijn in zo grote veiligheid en vrijheid als nergens elders in Europa.’ 3 Beza blijft de ervaren raadsman en wijst Jeanne d’Albret op de gevaren: ‘U hebt meer en meer als vijanden hen, die de satan en zijn organen dienen, dat is de antichrist van Rome.’ 4 De oorlogszuchtige roomse partij wordt gefinancierd door Spaans en Vaticaans goud uit Madrid en Rome.

Jeanne d’Albret gebruikt dezelfde figuur van de antichrist in haar brieven. Zij is een vrouw van een groot karakter zoals zij getuigt: ‘Ik heb niet alleen te strijden tegen de vijanden van buiten, ik heb die oorlog in mijn ingewanden’. 5 Zij heeft een rotsvast godsvertrouwen: ‘De Heer der heirscharen zal Zijn rechtvaardige en goede zaak ondersteunen en de wapenen en werken van zijn knechten zegenen’ en zij illustreert de geestelijke strijd met Rome met bijbelse voorbeelden: de uittocht uit Egypte, de gang door de Rode zee, de strijd van Elia met de Baälspriesters. De ‘hervormde kinderen van Abraham’ zijn ontkomen uit de ‘wereld van Babylon’ in Parijs en het roomse koningshof van Frankrijk, en zijn ingegaan in het beloofde land van het reeds protestantse deel van het land. God is het die hoort en antwoordt. Jeanne d’Albret heeft de psalmberijming van Beza goed gekend en verstaan.

De Franse kerken hebben de presbyteriaal-synodale kerkorde ontwikkeld. De belangrijkste stap is de eerste nationale synode die gehouden werd in Parijs in 1559. Het principe van deze kerkorde is dat geen ambtsdrager heerst over een andere ambtsdrager en geen kerk heeft dominantie over een andere kerk. De synode van La Rochelle (1571) is gepresideerd door Jeanne d’Albret als de koningin van Navarre. Op haar invitatie komt Beza over uit Genève en functioneert als moderator. Ook de predikant Nicolas de Gallars uit Genève is aanwezig, evenals graaf Lodewijk van Nassau uit de Nederlanden. 6 De Confessie van La Rochelle is ondertekend door Jeanne d’Albret, Henri IV en Lodewijk van Nassau. 7

Voor Beza en zijn Hugenoten hebben de oorlogen en de herhaalde politieke terugslagen tussen 1572 en 1598 niet alleen hun verwachtingen en perspectieven totaal veranderd, maar hen ook gedwongen een nieuwe strategie te ontwikkelen om de overleving van de Reformatie in Frankrijk te verzekeren. De verschrikkingen van de Bartholomeüsnacht hebben grote ontzetting en angst teweeggebracht. ‘Teterrima, crudelissima, immanissima’ schrijft Beza: ‘allerverschrikkelijkst, allerwreedst en allerbedreigendst’. Wat staat er nu nog meer voor de deur? Coligny was omgebracht. Jeanne d’Albret was kort te voren overleden en is het bespaard gebleven. Het is de oorzaak dat Beza en de zijnen Calvijns opvatting van verzet tegen de tirannie hebben uitgebouwd, waarin zij een gelimiteerde monarchie voorstaan èn politieke weerstand tegen een tirannieke koning verdedigen. Geloofskracht, ergernis en angst zijn vermengd in hun actie en gewapende weerstand.

Beza als onbetwiste leider van de Hervormde Kerk van Frankrijk

Wij weten nu uit de correspondentie dat Beza zelf een veel belangrijker rol heeft gespeeld in gezagsondermijnende activiteiten dan algemeen werd erkend. In de invasies van de Hugenoten tussen 1575 en 1587 is Beza in Genève een leidende figuur in het rekruteren van huursoldaten, fund raising en het blazen van de oorlogstrompet. Echter, hij vreest de gevolgen van de oorlog evenzeer als hij de Franse koningen wantrouwt. Later in zijn leven heeft Beza zijn vrienden in Frankrijk geadviseerd om af te zien van gewapende confrontatie, want het is beter te lijden onder het kruis, dan verantwoordelijk te zijn voor de anarchie in het koninkrijk en de verscheuring van de kerken. In het explosieve klimaat na de overgang van Henri IV naar Rome, heeft Beza zijn koninklijke leerling gediend als advocaat voor geduld en aanvaarding van de politieke omstandigheden. Tenslotte: zijn openlijke steun voor Henri IV evenals zijn pleidooi voor de onderhandeling van een vrede tussen Hugenoten en de roomsen, heeft de Hugenoten geprepareerd om een compromis te aanvaarden dat tot stand kwam in het Edict van Nantes. Na heel lange tijd, uiteindelijk in 1598 wist Henri IV de godsdienstoorlogen te doen ophouden met het Edict van Nantes. In dit Edict is de feitelijke minderheidsstatus van de Hervormde kerk geformaliseerd en geïnstitualiseerd evenals de onmiddellijke overlevingskans. Restricties op Protestantse evangelisatie en expansie zijn de prijs die betaald werd voor de tijdelijke gegarandeerde vrijheid van geweten en godsdienstuitoefening tot aan de herroeping van dit Edict een eeuw later (1685).

Zo heeft Beza vanuit Genève en in zijn vele reizen in Frankrijk een substantiële rol gespeeld in de crisistijd tussen 1572 en 1598. Ondanks zijn hoge leeftijd en zijn leven als balling buiten zijn patria, heeft de hervormer een opmerkelijk grote plaats ingenomen als godsdienstig leider en met grote politieke invloed. Hij nam de plaats in van Calvijn en heeft zijn mantel gedragen en zijn autoriteit werd erkend door vriend en vijand. Het blijkt door de theologische en polemische geschriften en de uitgebreide correspondentie van Beza, dat zijn statuur en prominente plaats in de beweging van de Reformatie zeer groot is geweest. Zijn brieven vormen een netwerk met vele correspondenten en waren hartstochtelijk en vol van menselijke warmte. Hij toont zich een man, die vriendschap op hoge prijs stelt en persoonlijke loyaliteit en vertrouwen uiterst serieus neemt. Vroegere leerlingen en bekenden vragen zijn adviezen die zij gewoonlijk accepteren. De kerk van Genève met haar ‘compagnie van de predikanten’ zijn als een moeder geweest voor de Franse vluchtelingen, voor allen die verdrukt en vervolgd werden. Beza is de onbetwiste leider van de Franse kerken in diaspora. Hoe kwetsbaar zijn die Franse kerken. De zorgen voor de gevaren waarin zij verkeren, vullen zijn correspondentie. Die zijn tweeledig. Aan de ene kant om hen te steunen, die te lijden hebben onder de vervolgingen. En aan de andere kant om diegenen terug te houden, die dreigen af ta vallen van het rechte geloof uit vrees voor de vlammen van de brandstapels. Daarbij komen de meedogenloze contrareformatorische acties van de sociëteit van de Jezuïeten, begeleid door een nieuwe wijze van roomse apologetiek en argumentatie. De Geneefse universiteit probeert er een dam tegen op te werpen, want Beza onderkent dat het tekort van getalenteerde predikanten en intellectuelen een reële bedreiging vormt voor de toekomst van het Franse protestantisme.

Als zijn jaren gaan klimmen tot de leeftijd van de zeer sterken, moet hij zijn activiteiten verminderen, maar zijn zorg voor de zaak van de Reformatie wordt niet minder. Hij blijft de Franse kerken adviseren en waarschuwen vast te houden aan de Confessio Gallicana en de handhaving van de tucht. Hij blijft in de zorg om de overleving van de Franse kerken uiterst kritisch tegenover de macht van Rome. Hij legt uit aan een gast aan zijn tafel (29 juni 1602), dat het teken van het beest, het getal 666 in Openbaring 13 8 het totaal is van de getalswaarde van de Griekse letters EKKLESIA ITALIKA, de Italiaanse kerk. 9 Hij wijst elke compromis tussen Christus en de Antichrist af. Hij schrijft aan een Tsjechische student ‘dat hij ondanks de kwalen de rust van de oude dag ervaart en hij bidt om genade, om dat ene, om uiteindelijk de meest excellente thuishaven zonder schipbreuk te mogen bereiken’. 10 In een van zijn laatste brieven merkt hij op: ‘de grote dienaren van God moeten sterven, overeind staan zolang zij leven, totdat zij op hun beurt gezeten zijn in de hemel, in het huis, de eeuwige woningen die hun bereid zijn dichtbij hun [hemels] Hoofd.’ 11

Beza, 86 jaar oud, is heengegaan op zondagmorgen 23 oktober 1605, toen de klokken van de St. Pierre het volk van Genève riepen naar de kerk. De volgende dag is er een mededeling van de Magistraat gehecht aan de deuren van de universiteit: ‘Zoals de haven is voor de zeelieden, zo is deze overgang naar het andere leven voor hen wier

dood kostbaar is in de ogen des Heren. Gisteren is hij die een groot licht was in de kerk, uit dit tijdelijke en zorgvolle leven rustig overgebracht naar dat andere leven, waar de eeuwige en ongestoorde gelukzaligheid is.’ De oude Théodore de Bèze, reformator, herder, hoogleraar, Nieuw Testamenticus, historicus, diplomaat, gezant, dichter en kunstenaar, dat alles was hij tegelijk in één persoon, hij is gestorven zoals hij leefde, als een refugié, een geloofsvluchteling, totdat hij thuis kwam in een beter vaderland. W. Balke, ’s-Gravenhage


Noten

1 De affaire des Placards was een gebeuren in de nacht van 17 oktober 1534 waarbij anti-roomse posters in openbare plaatsen werden aangebracht. Zij werden aangetroffen in Parijs, Blois, Rouen, Tours en Orléans. Er was er zelfs een aangebracht op de deur van de slaapkamer van koning Frans I in het paleis te Amboise.

2 Jonathan A. Reid King’s Sister – Queen of Dissent. Marguerite of Navarre (1492-1549) and her Evangelical Network 2 vols. (Leiden-Bosten 2009); idem, “Marguerite de Navarre, la soeur fidèle” in Les conseillers de François Ier ed. Cédric Michon (Presses Universitaires de Rennes 2011). Over haar dochter Jeanne d’Albret: David M. Bryson Queen Jeanne and the Promised Land: Dynasty, Homeland, Religion and Violence in Sixteenth-Century France (Leiden 1999).

3 N. de Bordenave Histoire de Béarn et Navarre (Paris 1873), 123.

4 Corr. de Bèze, vol. 8, 76 (1567).

5 ‘Je n’eus pas seulement à combattre les ennemis étrangers, j’eus la guerre en mes entrailles’.

6 Bryson, l.l., 278ss.

7 De Confession de La Rochelle werd ondertekend door Jeanne Reine de Navarre, Prince Henri de Navarre, Prince Henri de Condé, Prince Louis de Nassau, Admiral Coligny et Théodore de Bèze, moderateur.

8 Openb. 13:18 ‘Hier is de wijsheid: die het verstand heeft, rekene het getal van het beest; want het is een getal eens mensen, en zijn getal is zeshonderd zes en zestig’.

9 Journal d’Esaïe Colladon, memoires sur Genève 1600-1605 (Genève 1883), 36.

10 Th. de Bèze aan G.S. Zástrizly: ‘totus de hoc uno sollicitus, ut in ilum tandem optatissimum portum sine naufragio appellam’ (juli 1600) in: F. Hruby Étudiants tchèques aux écoles protestantes de l’Eúrope occidentale (Bro 1970), 350.

11 Th. de Bèze à Anonymus, oct. 1603: ‘Les grands serviteurs de Dieu doyvent mourir tout debout pour vivre, et estre à leur tour assis ès lieux célestes, ès maison et demeurances éternelles qui leur sont aprestées auprès de leur Chef’.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 juli 2012

Ecclesia | 16 Pagina's

Théodore de Bèze en de Hervormde Kerk in Frankrijk

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 juli 2012

Ecclesia | 16 Pagina's