Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De PVV en Europa

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De PVV en Europa

Opgaan, Blinken En Verzinken

32 minuten leestijd

Vijf jaar geleden, vóór de vorige Europese verkiezingen, hebben we iets geschreven over het ontstaan van de Socialistische Partij (SP) en haar visie op Europa. 1 Geconcludeerd moest worden dat haar standpunt gekenmerkt werd door een nuchter euroscepticisme, dat helaas weldadig aandeed ten opzichte van het standpunt van de SGP. Beide zeiden nee tegen een superstaat Europa, maar het euroverkiezingsprogram van de SP kon als negatief-kritisch, terwijl dat van de CU/SGP slechts als positiefkritisch moest worden gekarakteriseerd. 2 Met het oog op de komende Europese verkiezingen willen we op het huidige Europa-standpunt van de PVV ingaan en tot een beoordeling komen.

Omdat de heer Verwijs eerder over haar partijleider Geert Wilders geschreven heeft en de standpunten van hem en zijn partij in het algemeen kritisch vanuit de beginselen heeft beoordeeld 3 , behandelen we slechts kort het ontstaan, de snelle opgang en de structuur van deze partij, die alles met zijn leider te maken hebben, om vervolgens op het eigenlijke onderwerp in te gaan.

Ontstaan

Bijna tien jaar geleden op 2 september 2004 verliet Geert Wilders de VVD uit onvrede met de linkse koers van deze partij. Aanleiding was de toetreding van Turkije tot de Europese Unie, waarvan hij in tegenstelling tot de partijlijn onder geen voorwaarde wilde weten. Als eenmansfractie ging hij verder onder de naam ‘Stichting Groep Wilders’. In de Tweede Kamer kwam hij als onafhankelijk lid op voor een stop op immigratie, aanpak van mohammedaans extremisme (radicale moskeeën), het terugsturen van reljeugd naar het land van herkomst en een krachtiger justitiebeleid. Bovendien verklaarde hij toen al de Europese Grondwet en het EU-lidmaatschap van Turkije te zullen bestrijden. Nog voor de moord op Theo van Gogh op 2 november 2004 werd hij vanwege zijn waarschuwingen voor het gevaar van het mohammedanisme dermate bedreigd dat hij permanente beveiliging kreeg. Zelfs werd hij ondergebracht op een geheime locatie, waarschijnlijk Kamp Zeist. Begin 2005 stelde Wilders een ‘Onafhankelijksverklaring’ op, waarin hij in negentien pagina’s de standpunten van zijn partij in de ik-vorm bekendmaakte. Deze verklaring vergeleek hij met de bekende ‘Acte van verlating’ uit 1581, wat aardig gevonden, maar toch totaal misplaatst was omdat het meest wezenlijke aspect, namelijk de vrijheid van geweten om God naar Zijn Woord te dienen, schitterde door afwezigheid. Deze Bijbels te funderen vrijheid, die door het rooms-Spaans tirannieke optreden geheel miskend werd, was vervangen door een on-Bijbelse opvatting van vrijheid, waarvan de seculiere mens maat en middelpunt was. Onafhankelijk wilde hij zijn van de heersende politieke elite, die bang en laf was en de vrijheid van Nederland te grabbel gooide, waarin hij niet geheel ongelijk had.

In 2005 wees hij in zijn campagne de Europese Grondwet volkomen terecht radicaal af. Volkomen terecht omdat in deze grondwet zelfs nog geen plaats was voor een verwijzing naar God, wat helaas echter niet de hoofdreden voor zijn afwijzing was. Deze grondwet miskende daarmee op het allerverschrikkelijkst de God Die Europa met Zijn heil - eerst met de kerstening, later in de Reformatie - bezocht had, en sprak slechts van de culturele, religieuze en humanistische tradities van Europa.

Voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2006 liet hij zijn partij officieel registreren bij de Kiesraad onder de veelzeggende naam van ‘Partij voor de Vrijheid’ (PVV). Kort daarop verscheen het verkiezingsprogram onder de titel Klare wijn, waarin onder andere stond dat artikel 1 van de grondwet moest worden vervangen door een artikel waarin ‘de dominantie van de Joods-Christelijke en humanistische traditie en cultuur’ moest worden verwoord. Hoewel menigeen dacht dat hij een eenmansfractie in de Tweede Kamer zou blijven, behaalde hij bij de verkiezingen van 2006 negen zetels.

Toename populariteit

In 2007 deed de PVV nog niet mee aan de Provinciale Statenverkiezingen. Heel veel opschudding ontstond er toen Wilders de film Fitna (Arabisch voor ‘het kwaad’) in maart 2008 liet verschijnen waarin hij het mohammedanisme scherp bekritiseerde. Er volgde een debat in de Tweede Kamer, waar heftige kritiek op hem werd geuit. Hierop ontstond een langdurig juridisch gevecht. Het Openbaar Ministerie was van mening dat niet tot veroordeling wegens discriminatie kon worden overgegaan, maar het gerechtshof van Amsterdam droeg het Openbaar Ministerie op om dit wel te doen vanwege het aanzetten tot haat en discriminatie tegen moslims en hun geloof. Wilders beriep zich op de vrijheid van meningsuiting en ging bij de Hoge Raad in beroep, maar deze bepaalde dat tot vervolging moest worden overgegaan. In het proces, dat in oktober 2010 begon, werd door de advocaat Moszkowitz tweemaal een verzoek tot wraking ingediend, waarvan het tweede werd gehonoreerd vanwege de schijn van partijdigheid. De rechtbank wilde namelijk de bekende arabist en criticus van het mohammedanisme Hans Jansen - in de zaal aanwezig! - als getuige niet horen, terwijl een van de rechters van het Amsterdamse Gerechtshof hem tijdens een etentje beïnvloed zou hebben. Begin 2011 begon het proces met andere rechters opnieuw, waarin het Openbaar Ministerie weer vrijspraak eiste omdat Wilders zich wel over de godsdienst, maar niet over de belijders ervan had geuit. Op 23 juni 2011 gaf het Gerechtshof het Openbaar Ministerie gelijk en werd Wilders van alle aanklachten vrijgesproken. Heel deze rechtszaak, die voortvloeide uit zijn strijd tegen het mohammedaniseme, zorgde voor een enorme bekendheid, wat de PVV als partij geen wind eieren legde.

In februari 2009 wilde Wilders ingaan op een uitnodiging van een lid van het Britse Hogerhuis, Lord Pearson, om bij de vertoning van zijn film te zijn. De Engelse ambassade liet hem echter weten dat hij in het Verenigd Koninkrijk niet welkom was. Wilders trok zich hiervan niets aan, maar werd na zijn aankomst op het vliegveld in Londen weer teruggestuurd. De Nederlandse regering keurde dit Engelse optreden af, terwijl ook in Engeland de meningen verdeeld waren. Het Hof van Beroep in Engeland sprak in oktober uit dat men hem ten onrechte het land had uitgezet. Bij monde van zijn premier leek ook Denemarken Wilders de toegang te zullen weigeren. Toen de PVV bij de Europese verkiezingen van 2009 de tweede partij qua grootte in Nederland was geworden, kon hij echter op 15 juni 2009 op de Deense televisie zijn mening kwijt dat alle criminele mohammedanen en zij die de sharia wilden invoeren, uit Europa moesten worden gezet, wat hem natuurlijk hoogst kwalijk werd genomen.

Kabinet-Rutte I (2010-2012)

De felle oppositie leverde bij de vanwege de val van het kabinet-Balkenende IV vervroegde Tweede Kamerverkiezingen van 2010 de PVV een ongekende winst op van 15 zetels. Zij steeg van 9 naar 24 zetels en werd na de VVD, die met 31 zetels voor het eerst in haar bestaan de grootste partij werd, en na de PvdA (30 zetels) de derde partij van Nederland. Omdat het CDA bijna gehalveerd was (van 41 naar 21 zetels) kon de VVD als grootste partij geen centrumrechts meerderheidskabinet vormen. Hierop kwam Wilders met het voorstel om op voorwaarde van acceptatie van enkele PVV-standpunten als gedoogpartner van zo’n kabinet te functioneren. Dat Wilders graag deze gedoogfunctie wilde vervullen, bleek wel toen hij in september tijdens een demonstratie van een Amerikaanse anti-islambeweging een toespraak hield op de plaats waar eens het World Trade Center (WTC) gestaan had. Hier onthield hij zich bewust van extreme uitspraken over het gevaar van het mohammedanisme, hoewel hij anderzijds het gevaar ook niet verzweeg. Op 14 oktober 2010 werd het kabinet-Rutte I beëdigd als minderheidskabinet van de partijen VVD en CDA met de gedoogsteun van de PVV. Het had slechts een meerderheid van één zetel. Vooral vanwege de wispelturigheid van Wilders was het geen lang leven beschoren. Het lukte niet om tot overeenstemming met Wilders te komen over de begroting van 2013, waarna de PVV haar gedoogsteun per 21 april introk. Twee dagen later bood premier Rutte het ontslag van zijn kabinet aan de koningin aan en het was daarmee demissionair. Vervolgens kon het demissionaire kabinet drie dagen daarna na koortsachtig overleg met D66, GroenLinks en de ChristenUnie (Kunduz-coalitie) nog net op tijd tot een akkoord over een bezuinigingspakket komen (Lenteakkoord) om aan de deadline van de Europese Commissie in Brussel te voldoen.

Kabinet-Rutte II (2012-heden)

Betrekkelijk snel werd op 5 november 2012 een nieuw kabinet beëdigd met premier Rutte weer aan het hoofd, het kabinet-Rutte II. Het bestond uit de twee grootste partijen VVD en PvdA. Een verdere uitholling van de macht van het huis van Oranje was het feit dat bij de formatie voor het eerst - mede door toedoen van de PVV - aan de rol van koningin Beatrix werd voorbijgegaan. Een zaak die vanuit de beginselen gezien ten zeerste moet worden betreurd en die weer een stap verder betekent op de weg naar een formeel volledige democratie.

Hoewel de PVV in alle provincies aan de Provinciale Statenverkiezingen van 2011 meedeed en 10 zetels in de Eerste Kamer kreeg, verloor zij bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 negen zetels en viel daarmee naar 15 terug. Daarom is wel gesteld dat Wilders zichzelf met het intrekken van zijn gedoogsteun in de voet heeft geschoten. Daar komt nog bij dat een hele rij van Kamerleden de laatste jaren de partij met ruzie heeft verlaten: de heren Brinkman, Kortenoeven, Hernandez, Van Bemmel en Bontes. Niet in de laatste plaats vanwege de eigenaardige structuur van de PVV en het daarmee in verband staande autoritaire leidinggeven van Wilders. Onmiskenbaar hebben deze uittredingen aan een negatief beeld bijgedragen. Het maakt het des te opvallender dat een en ander niet tot uitdrukking komt in een afname van de populariteit van zijn partij. De achterban slikt het optreden van de leider zonder meer en neemt zijn incidenteel gedraai in zijn toenadering tot de antisemiet Jean-Marie Le Pen en de antisemitische Oostenrijkse FPÖ voor lief. Volgens een recente opiniepeiling van Maurice de Hond zou de PVV de grootste partij met 30 zetels worden, terwijl VVD en PvdA samen maar op 30 zetels zouden komen. Dit zou betekenen dat de PVV even groot zou worden als de hele huidige coalitie. 4 Hoewel deze wekelijkse peilingen met een vat zout genomen moeten worden, is wel duidelijk dat de lastige en impopulaire maat-regelen van dit kabinet de gemiddelde Nederlander in de handen van de PVV en SP drijven. En Wilders laat niet na op zijn eigen, menigmaal af te keuren wijze op de populariteit van zijn partij publiekelijk te wijzen. “De beste tijden van de PVV liggen nog voor ons”, zei hij in een interview. En niet zonder eigendunk: “De PVV zal niet alleen gaan gedogen, maar ook gaan regeren.” Volgens hem zullen hem nu vijandig gezinde partijen bijdraaien om toch aan de macht te komen. Zo heette het richting het CDA: “Die zouden hun schoonmoeder nog verkopen om aan de macht te komen.” 5

Strijd tegen het mohammedanisme en de EU

Zijn voortdurende strijd tegen het mohammedanisme als de ‘woestijngodsdienst’ alsook tegen de Europese eenwording spreekt menigeen aan. Die vindt men belangrijker dan zijn autoritaire leiderschap en zijn gedraai. De twijfelachtige tot af te keuren populistische wijze waarop hij deze strijd menigmaal voert, verklaren voor een groot deel zijn succes. We roepen enkele dingen in herinnering.

In 2009 deed hij het voorstel om een ‘kopvoddentaks’ in te voeren, een belasting op het dragen van hoofddoekjes. Eind 2011 kwam de PVV met een verzoek om een onderzoek naar de gevolgen van een terugkeer naar de gulden te doen plaatsvinden. Hoewel de meeste partijen zich hierin konden vinden, wees de regering dit als ‘een slecht plan’ af. Begin 2012 maakte Wilders - niet geheel ten onrechte overigens! - bezwaar tegen het feit dat koningin Beatrix bij een staatsbezoek aan de Verenigde Arabische Emiraten zich uit een verkeerd gevoel van respect van een hoofddoek had voorzien. Iets later liet de PVV zelf het zogenaamde ‘guldenrapport’ verschijnen, een onderzoek van het Lombard Street Research. Hierin werd gesteld dat de groei van de welvaart door de invoering van de euro is achtergebleven en dat Nederland een duidelijke achterstand heeft opgelopen met Zweden (niet in de eurozone) en Zwitserland. Conclusie een terugkeer naar de gulden zou miljarden aan economische groei opleveren. Een en ander werd tegengesproken door het Centraal Planbureau (CPB), dat na onderzoek in het rapport ‘gebreken’ constateerde. In mei 2012 kwam de PVV met een voorstel om de steun aan het noodfonds voor de euro (ESM), waarbij ingrijpende bevoegdheden aan Brussel worden overgedragen, vanwege de demissionaire status van het kabinet uit te stellen. Toen dit voorstel in de Tweede Kamer sneuvelde, deed Wilders de Nederlandse staat een kort geding aan, dat hij echter verloor. In augustus 2012 opende de PVV een meldpunt voor klachten over de hoge salarissen van Europese politici en ambtenaren. In november 2013 kondigde Wilders aan samen met de Franse Marine le Pen een grote anti-Europese vuist tegen Europa te gaan maken ‘met zoveel mogelijke eurosceptische partijen’. Hij distantieerde zich overigens in een interview van het antisemitisme van haar vader. 6

Begin februari van dit jaar liet Wilders een rapport uitkomen van een niet onbetekenend bureau, Capital Economics, waarin werd geconcludeerd dat het vertrek van Nederland uit de Europese Unie met de wisseling van de euro naar de gulden op termijn miljarden zou opleveren. Geen afdrachten meer aan Brussel en aan noodlijdende EU-landen, het sluiten van vrijhandelsverdragen met economisch sterke of snel groeiende landen, bovendien meer tijd om de begroting op orde te krijgen waardoor de economie harder kan groeien. De kosten van het vertrek uit de euro zouden niet opwegen tegen de miljardenafdracht aan Brussel. Het argument van de regering bij monde van haar premier dat bij vertrek uit de EU het gras op de Rotterdamse havenkades zou komen te staan, lijkt - ook met een land als Zwitserland en Noorwegen voor ogen - niet sterk. Het Centraal Planbureau kwam overigens in eerdere onderzoeken tot de conclusie dat het EU-lidmaatschap 2.000 euro per jaar per persoon opleverde. Toch heeft Wilders zich met dit onderzoek in zijn strijd tegen de EU en de euro van munitie voorzien die men niet zomaar kan laten liggen.

Het is niet verwonderlijk dat de felle oppositie tegen de euro en Europa niet zonder gevolgen is gebleven. Uit een onderzoek van het bekende bureau De Hond bleek onlangs dat zes van de tien Nederlanders de Europese Unie niet zien zitten en eenzelfde percentage vindt dat de Nederlandse vertegenwoordigers in de EU de Nederlandse belangen in Brussel slecht behartigen. 7

Marokkanenuitspraken

Een week voor de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart zei Wilders op verkiezingscampagne in Den Haag dat deze stad een stad “met minder lasten en als het even kan ook wat minder Marokkanen” moest worden. 8 Grote ophef volgde over deze uitspraak. Later nuanceerde hij deze uitspraak toen hij stelde dat hij het had over criminele Marokkanen. Strikt genomen werd met deze uitspraak overigens niets miszegd. Geen redelijk denkend mens kan er iets op tegen hebben om als rechtgeaard vaderlander zich tegen massa-immigratie van een mensengroep te keren die meer dan gemiddeld last bezorgt, zoals uit statistieken blijkt. En of de latere nuancering nu gemeend is of niet, de opmerking op zich is verdedigbaar. Daarbij kon Wilders ook nog naar zijn verkiezingsprogramma verwijzen waar duidelijk sprake is van het verwijderen van criminele buitenlanders en Antillianen (p. 33). Verdedigbaar is de opmerking ook vanuit de SGP-beginselen. Immers, immigratie van buitenlanders met een vreemde of geen godsdienst dient gebonden te zijn aan de belofte van een zich houden aan de Tien Geboden. Het is niet aannemelijk dat veel Marokkanen daartoe bereid zouden zijn. Wilders ging dus in dit opzicht nog niet ver genoeg. Deze voorwaarde zou immers voor alle immigranten moeten gelden. En in die zin is zijn uitspraak bedenkelijk en laakbaar. De uitzetting van criminele buitenlanders, en dus ook Marokkanen, achten wij zonder meer billijk.

Opvallend was weer dat ondanks de storm van kritiek die Wilders met deze uitspraak oogstte, de gemeenteraadsverkiezingen zelf nauwelijks een terugval van zijn partij lieten zien. Wel werden de twee regeringspartijen geconfronteerd met een aanzienlijke fictieve terugval van zetels, terwijl afgezien van lokale partijen een linkse partij als de SP lokaal haar positie wist uit te breiden. De PVV behaalde net iets minder stemmen dan vier jaar geleden en werd zelfs in Almere de grootste partij.

In zijn overwinningsroes stelde Wilders zijn achterban de volgende vragen: “Willen we meer of minder Europa, meer of minder PvdA, en meer of minder Marokkanen?” Na een uitbundige bevestiging van deze drie vragen door zijn volgelingen volgden zijn hoogmoedige woorden: “Nou, dan gaan we dat regelen.” 9 Het is duidelijk dat hij na zijn eerste uitspraak hier toch echt te ver ging. Weer geen nuancering, maar een onmiskenbare beschadigingsactie ter wille van zijn publiek. Maar om hem daarna met Goebbels, de propagandaminister uit het Derde Rijk, te vergelijken, zoals het Duitse persbureau DPA deed, is buiten proportie. 10 Wilders verdedigde zich met de opmerking dat men een hetze tegen hem voert. Maar hij verzweeg dat hij dit op deze manier bewust over zich afriep. Duizenden aangiften wegens discriminatie waren het gevolg met een uittocht van Provinciale Statenleden en een enkel gemeenteraadslid en twee Tweede Kamerleden (de heren Van Vliet en Van Klaveren). Op zijn eigen wijze sloeg Wilders weer terug door zijn oproep om aangifte te doen tegen de PvdA-leider Samson en PvdA-voorzitter Spekman, die boter op hun hoofd zouden hebben met vroegere uitspraken over Marokkanen zoals een “etnisch monopolie” op overlast in het kader van hun geloof (Samson), terwijl Spekman heeft gezegd dat Marokkanen die niet deugen, moeten worden vernederd voor hun eigen mensen. 11

Wat moeten wij hiervan zeggen? Dit in elk geval: het geheel is een indroevige vertoning, waardoor op het politiek bedrijf de grootste smet geworpen wordt. Veelal van beide kanten. Waarom kan men niet op waardige wijze de stijl van Wilders aan de kaak stellen, maar ook de zaken die hij aan de orde stelt, serieuzer ter harte nemen. Door dit te doen, vergroot men zijn slachtofferrol niet, maar gaat die juist tegen. Het valt toch ook niet te ontkennen dat hij wezenlijke zaken aan de orde stelt zoals het gevaar van de Europese eenwording, het gevaar van het mohammedanisme en de grote hoeveelheid (criminele) buitenlanders. En daarmee weet hij heel wat vaderlanders aan te spreken.

Structuur van de partij

Inmiddels hebben zeven Kamerleden de fractie van de PVV verlaten. Dit heeft ook alles te maken met de zeer bijzondere structuur van deze partij. Zij is een vereniging met een besloten karakter. Een vereniging moet twee oprichters en minimaal één lid hebben. Bij de oprichting van de Vereniging Groep Wilders, die onder de naam Partij voor de Vrijheid (PVV) aan de verkiezingen deelneemt, waren de oprichters Geert Wilders en de Stichting Groep Wilders met als enig lid Geert Wilders. Verder kan men geen lid worden van deze vereniging, maar alleen donateur of vrijwilliger. Wilders is behalve enig lid van de partij fractievoorzitter in de Tweede Kamer, partijleider en partijvoorzitter. Heel het beleid van de partij wordt dus door Wilders bepaald. Programma’s worden niet door leden goedgekeurd en vastgesteld, maar dit gebeurt door Wilders zelf.

De achterban praat deze structuur van eigenmachtige alleenheerschappij (autocratie) goed met de merkwaardige redenering dat niemand verplicht is op de PVV te stemmen, of met de dooddoener dat de traditionele ledenstructuur sterk verouderd is en de vaste kaders binnen een partij werkelijke inspraak tegenhouden. Het is daarmee wel duidelijk dat Wilders geen concurrenten naast zich wil dulden. Maar hoe gevaarlijk is een dergelijke structuur! Het is Calvijn geweest die er nadrukkelijk op gewezen heeft dat het goed is dat elke aardse macht gebonden is aan instanties die deze macht aan zijn plichten kan houden die God in Zijn Woord gegeven heeft. Hoe gemakkelijk kan een in Adam gevallen mens zich niet tot een tiran ontwikkelen en tot de grootste wandaden komen. Daarom ging zijn voorkeur naar een aristocratie of mengvorm van aristocratie en democratie uit. Hij schrijft in zijn Institutie:

En dat niet zozeer wegens de eigen kwaliteiten, als wel omdat het maar heel zelden gebeurt dat alleenheersers zichzelf zo weten te beheersen dat er nooit spanning ontstaat tussen wat zij willen en wat juist en recht is, en omdat ze in de tweede plaats ook maar heel zelden zo’n scherp inzicht en zoveel wijsheid bezitten dat ieder voor zich beseft waar zijn grenzen liggen.12

Hoe waar deze woorden zijn, is ook weer gebleken in het Derde Rijk van Hitler. Hoewel we Wilders op dit moment niet met een Hitler of een Goebbels willen vergelijken, wordt het zijn tegenstanders mede vanwege de keuze van deze partijstructuur wel gemakkelijk gemaakt tot een dergelijke vergelijking te komen. Begrijpelijk is het dan ook dat menige oorspronkelijke medestander hiermee een zodanig grote moeite kreeg dat zij uiteindelijk de partij verlieten.

Het verkiezingsprogram 2012-2017: Hún Brussel, óns Nederland

Voordat we het verkiezingsprogramma van de PVV aangaande de aanstaande Europese verkiezingen willen bespreken, is het zinvol om aandacht aan het PVV-verkiezingsprogramma voor de jaren 2012- 2017 te schenken. Hierin staat namelijk al het wezenlijke over haar standpunten aangaande de Europese eenwording.

Dit verkiezingsprogramma draagt veelzeggend de opmerkelijke titel: “Hún Brussel, óns Nederland”. Wat de opzet en vormgeving betreffen, bestaat dit uiterst kleurrijke programma na het ‘Ten geleide’ uit tien hoofdstukken, die elk met een passende paginagrote kleurenfoto en een samenvatting in punten worden afgesloten, terwijl tussendoor zo nu en dan ook nog een kleinere foto in kleur is afgedrukt. Samen met een helder en toegankelijk taalgebruik vormt het zonder meer op het eerste gezicht een aansprekend geheel, waarbij de kanttekening moet worden geplaatst dat het te populistische woordgebruik, dat soms zelfs op de lachspieren werkt, moet worden afgewezen.

Nu de inhoud. In het ‘Ten geleide’, dat door de partijleider Wilders is geschreven, wordt al zeer snel duidelijk wat het belangrijkste punt van dit programma is: Nederland moet uit de EU en uit de euro. In de typische stijl van Wilders heet het: “Wij binden de strijd aan met het EU-nationalisme. (…) Wij zijn er klaar voor. Wij hebber er zin in. Uit het moeras! Uit de EU! Uit de euro!” 13 Hiermee kan allereerst geconstateerd worden dat van een verschuiving van standpunten sprake is. Bij de Europese verkiezingen van 2009 ging het om een afwijzing van een verdergaande eenwording en waar mogelijk een terugkeer en heette het nog “Voor meer Nederland en minder Europa”. 14 Nu wordt de EU met haar euro ronduit geheel afgewezen. Het heet nu voor Nederland en tegen Brussel, wat behalve in de titel van het programma ook duidelijk in de hoofdstuktitels naar voren komt ‘Hun Brussel’ tegenover ‘onze economie’, ‘onze verzorgingsstaat’, ‘onze vrijheid’, ‘onze veiligheid’, ‘ons immigratiebeleid’, ‘onze zorg’, ‘onze kwaliteit van leven’, ‘ons buitenland’ en ‘onze omgeving’ [vet is van mij: PHoptH]. Een goed doordachte en uiterst functionele opzet. Op één zin uit het begin van het begeleidend woord hopen we terug te komen omdat deze in bijzondere zin opviel. Voor het eerste hoofdstuk volgt nog een zeer vermeldingswaardig citaat. Het is een uitspraak van Jean-Claude Juncker, de premier van Luxemburg en voorzitter van de Eurogroep, die kernachtig de werkwijze en bedoeling van het Europese supranationale eenheidsstreven weergeeft: “We beslissen iets. We brengen dat dan in en wachten enige tijd om te zien wat er gebeurt. Volgt er geen misbaar, breekt er geen opstand uit - de meesten begrijpen toch niet wat er is beslist - dan gaan we weer wat verder. Stap voor stap tot er geen terugkeer meer mogelijk is.” 15 Dus eenieder zij gewaarschuwd: op naar de superstaat en geen terugkeer. Inderdaad, een treffend en zeer waarschuwend citaat!

Samenvatting

Het is nu niet de bedoeling op heel dit programma in te gaan. Wel willen we ten aanzien van Europa dit programma bondig samenvatten en met een enkel citaat verduidelijken. De rode draad door het geheel ziet er als volgt uit. De erosie van Nederlands vrijheid en onafhankelijkheid, die door linkse elites wordt veroorzaakt met hun beloften van welvaart, moet worden tegengegaan. Onze macht wordt uitgeleverd aan Brussel en onze welvaart naar Griekenland, Bulgarije en Roemenië gebracht. We moeten weer baas in eigen huis worden zodat onder andere weer een eigen immigratiebeleid kan worden gevoerd. Daarom dient de EU verlaten te worden, om lid te worden van de Europese Vrijhandels Associatie (EVA) ter veiligstelling van de handelsrelaties, maar ook moet de gulden weer worden ingevoerd. Nederland zou dan weer kunnen optreden tegen “steeds meer islam, steeds meer hoofddoekjes, steeds meer criminali-teit, verpaupering” 16 en net als Noorwegen en Zwitserland weer goedkoper uit zijn. Zolang Nederland echter nog lid is van de EU, dient verzet geboden te worden tegen de komst van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM), een permanent financieringsprogramma om noodlijdende EU-lidstaten te redden, omdat vergaande bevoegdheden worden overgedragen. De eventuele kosten bedragen voor Nederland 40 miljard.

Verder puntsgewijs nog een greep uit de aansprekende doelstellingen. De betaling aan Brussel zo snel als mogelijk van 7 miljard naar nul, geen Europese belastingen, geen Europees leger, geen Europese ambassades, geen nieuwe toetredingen tot de EU, beëindiging van besprekingen met Turkije, geen bemoeienis van de EU met binnenlands beleid, stop het verhuiscircus tussen Brussel en Straatsburg, afschaffing Europees Parlement en verwijdering van ‘onze’ ster uit de EU-vlag en de EU-vlag van openbare gebouwen. Kortom, Nederland krijgt al zijn bevoegdheden en vetorechten terug.

Men stelle vast: bijna alle punten kunnen van harte worden onderschreven!

Citaten

Een enkel citaat om de lezer de sfeer en het populistische taalgebruik te laten proeven:

Het sluitstuk van de opheffing van Nederland als zelfstandige natie is het ESM. Het betekent de totale gelijkstelling van ons land binnen de Groot- Europese superstaat. We raken de macht over onze schatkist volledig kwijt. (…) Toetreding tot de EU zien sommige landen als ongelimiteerde toegang tot een flappentap. In Roemenië lachen ze zich suf om al die domme Hollanders die blijven gireren, in Griekenland nemen ze nog een ouzootje met dank aan Henk en Ingrid, in Bulgarije zijn ze maar wat blij dat hun zigeuners verhuizen naar onze straten.17

Ten aanzien van de economie heet het onder andere met een verwijzing naar de Tachtigjarige Oorlog:

Brussel, handen af van onze belastingen. Never nooit niet Europese belastingen! Wij burgers zijn er niet voor om jullie ondemocratische toko te financieren. Zoek nog eens uit hoe de Tachtigjarige Oorlog is begonnen. (Hint: het startte met de tiende penning, een belasting van de Europese superstaat van die dagen.)18

Aangaande de vrijheid:

Meer vrijheid betekent minder EU en minder islam. De Europese Unie is in zijn essentie een totalitair project. Zeer terecht spreekt sovjetdissident Vladimir Boekovski over de EUSSR, de Europese Unie als reïncarnatie van de Sovjet-Unie, de USSR. (…) De Partij voor de Vrijheid zegt: geen centimeter ruimte voor de islam in Nederland. Dat betekent dat we met plezier de zegepralen van de islam in onze straten tegengaan: de minaretten, de boerka’s, de hoofddoekjes etc. Wie behoefte heeft aan dergelijke zaken kan prima terug. Graag zelfs.19

Nog een enkel kort en kernachtig citaat ter afsluiting om over na te denken. Op pagina 35 lezen we: “De islam is geen godsdienst, maar een totalitaire politieke ideologie met hier en daar een religieus tintje. (…) Buiten de problemen met de islam die we nu geïmporteerd hebben, zien we een oververtegenwoordiging van niet-westerse allochtonen op het gebied van uitkeringsafhankelijkheid, antisemitisme, homohaat, vrouwendiscriminatie, criminaliteit, overlast, schooluitval en eerwraak. Niet westerse allochtonen kosten Nederland 7,2 miljard euro per jaar.”

Op pagina 42 over het onderwijs: “Geen ‘je’ en ‘jij’ meer in de klas maar ‘u’ en ‘meneer’. Beter onderwijs begint bij betere leraren. Lerarenopleidingen moeten veel betere leraren afleveren. Mensen met meer kennis, die nog beter kunnen lesgeven. Op de basisschool staan taal en rekenen centraal.” En op pagina 45: “Bescherming van onze vissers tegen bizarre EU-regelgeving. Ruim baan voor Urk, Volendam, Yerseke en Scheveningen!” Op pagina 47 over Israël: “Israël, de enige democratie in het Midden-Oosten, verdient onze enthousiaste steun. Zeker nu het land steeds bedreigd wordt door de knotsgekke moellahs in Iran” en op pagina 49 “Geen cent subsidie voor de anti-Israël-haatindustrie.”

Verkiezingsprogramma EP 2014

Pas zeer onlangs werd het ‘Verkiezingsprogramma Europees Parlement 2014’ van de PVV openbaar; het staat gedateerd op 28 maart 2014. Na het verkiezingsprogramma ‘Hún Brussel, óns Nederland’ kunnen we er kort in zijn omdat er weinig nieuws meer in staat. Het bestaat ook slechts uit één A4’tje met zeven punten. Daarom een korte opsomming:

1. Gekozen moet worden voor Nederland, omdat vanwege Brussel het geld verscheept wordt naar Zuid- Europa, de grenzen wagenwijd open moeten, zodat Nederland onder de zware belastingen en vele werklozen zucht en onze economie slecht draait.

2. Daarom uit de EU en uit de euro met behoud van bilaterale handelsbetrekkingen.

3. Na de bevrijding uit de macht van Brussel handel drijven met de hele wereld en de EU.

4. Sluiting van onze grenzen voor arbeidsimmigratie uit Oost-Europese en islamitische landen.

5. Als grootste nettobetaler van de EU direct en volledig ons geld terug.

6. Buiten de EU weer een eigen economisch beleid zodat de koopkracht stijgt en het aantal banen weer groeit.

7. Geen massa-immigratie en islamisering (geen Eurabië) en de politiek weer in Den Haag in plaats van in Brussel.

Het enige Kompas

Wanneer we nu tot een conclusie komen over de doelstellingen van de PVV ten aanzien van Europa, moet eerlijk erkend worden dat deze op het eerste gezicht zeer aanspreken. Vele worden pijnlijk gemist in het CU/SGP-euroverkiezingsprogramma 2014-2019 ‘Samenwerking JA, Superstaat NEE’. De definitieve omslag van de SGP van een anti-Europa-houding naar een positief-kritische opstelling is al bij meer Europese verkiezingen vastgesteld. 20 Door de samenwerking met de CU zal deze laakbare ontwikkeling alleen maar toenemen. Bij de PVV is wat dat betreft een omgekeerde ontwikkeling vast te stellen. Toch moet het ons de ogen niet doen sluiten voor het ontbreken van het meest wezenlijke fundament, namelijk Gods Woord en wet. Onze bezwaren tegen de Europese eenwording gaan veel dieper dan de zorg voor het materiële en het oppervlakkige nationalisme van de PVV. Wilders zelf schreef zeer terecht in het ‘Ten geleide’: “Onze ‘interessante tijden’ hebben vooral betrekking op de totale afwezigheid van enig kompas.” 21 Helaas wordt met dit kompas niet het enige ware kompas van Gods Woord bedoeld, maar wel een nationalisme dat zonder dit kompas gevaarlijke trekken kan aannemen. Het ontaardt zo vlug in een verheerlijking van de staat en van de grote man. Een parallel met het nationaalsocialisme ligt ontegenzeglijk voor de hand. Hoe aantrekkelijk daarom het Europa-standpunt van de PVV ook is en hoe zeer ook te waarderen boven die van een verwaterde SGP, toch dient het principieel afgewezen te worden. Het is een huis zonder fundament. Hoe krachtig heeft in dit verband ds. Kersten voor de oorlog gewaarschuwd tegen het nationaalsocialisme en de NSB die met hun daadkracht, orde en discipline toen ook zo’n aantrekkingskracht op menigeen uitoefenden. Al op 28 februari 1934 horen we hem in Utrecht in zijn partijrede ernstig waarschuwen tegen de bekoring van het fascisme en nationaalsocialisme: “Wie onzer mist niet op het allereerste horen van dit ‘Leidend Beginsel’ van de NSB de enige ware grondslag waarop eenmaal de Staat der Nederlanden als op een onbeweeglijke rots werd gefundeerd. Gods Woord wordt er door miskend.” 22 Hij voorspelde zware tijden voor de kerk, die zich aan de staat zou moeten onderwerpen. Nog scherper uitte hij zich in 1937: “Die NSB is een van de jongste uitingen voor een staatsbestel dat in grond en wezen heidens is. De staat is de god voor wie de NSB’er de knie ootmoedig buigt. Wordt de godsdienst al geduld, het is slechts voor zover de staat er belang bij heeft. (…) Het is te verstaan dat velen de huidige gang van zaken moede zijn en tot de grenzen der wanhoop worden gebracht. Doch dat mag hen niet doen vluchten tot een beweging die Gods Woord verkracht.” 23 Hoe actueel zijn deze woorden ook voor onze dagen ten opzichte van de PVV! Ook in het volgende ten aanzien van de vele beloften: “Het is gemakkelijk aan het volk schone beloften te geven, doch de inlossing der beloften van genoemde richtingen blijft onmogelijk.” 24 En in het bijzonder waarschuwde hij de jeugd en sloeg de spijker op de kop ook met het oog op de PVV: “Ons volk, vooral ons jonge volk, bedenke dat het uitstrooien van schone beloften, juist het bewijs is van machteloosheid. Hoe minder men kan, hoe meer men dikwerf belooft.” 25 Bij dit laatste citaat kunnen we niet nalaten te herinneren aan de brallende taal van Wilders: “Nou, dan gaan we dat regelen.”

Ook in de Tweede Kamer heeft ds. Kersten gewaarschuwd tegen het nationaalsocialisme, vooral toen men hem verweet geen bezwaren te hebben tegen het fascisme. 26 Ds. Zandt sloeg op geen ander aambeeld, zoals in het vorige nummer van In het spoor nog te lezen was toen ds. Zandt naar aanleiding van de taak van de overheid op de verwijzing van de Delftse burgemeester naar de staatsopvatting van Hitler duidelijk daarvan afstand nam door op het wezenlijke verschil te wijzen, namelijk dat Hitler zich niet aan Gods Woord gebonden achtte. 27

Ten besluite

Laat duidelijk zijn dat er behalve andere goede standpunten, zoals de inzet voor Israël, hogere straffen, meer zorg voor de ouderen, meer aandacht voor waarden en normen, ook meer principieel af te keuren standpunten van de PVV zijn aan te voeren. De inzet voor de homo-emancipatie, het voorstaan van een grenzeloze vrijheid van meningsuiting, geen censuur op internet, geen zondagsrust en zondagsheiliging, geen koning in de regering, het voorstaan van volkssoevereiniteit en van een scheiding van kerk en staat. Kortom, het gaat hier om een volkomen seculiere partij, waarop een stem bij voorbaat al volstrekt onverantwoord is. Ook bij de Europese verkiezingen. Immers in de grondslag van de EU en de Europese verdragen ontbreekt God en Zijn Woord geheel. Men wil zelfs in het Verdrag van Lissabon, dat feitelijk de Europese grondwet is, nog niet eens van een verwijzing naar de Christelijke tradities in Europa weten. Deze grondslag is dus zeer verwerpelijk en berust geheel op volkssoevereiniteit met wat humanisme en socialisme.

Bovendien is men zeer inconsequent en onwaarachtig bezig als men aan de verkiezingen deelneemt of in het Europees Parlement zitting neemt. Men realiseert zich niet dat men dan de grondslag accepteert en zeker bij het zittingnemen in het EP te kennen geeft dat men de Europese belangen stelt boven de Nederlandse in een zoektocht naar een superstaat zonder God. Men is daar allereerst Europeaan - wat dat ook zijn moge! - en in de tweede plaats Nederlander. Een Nederlands belang geldt niet meer in Europa. De Europese eenwording afwijzen en opkomen voor eigen natie passen niet in het Europees Parlement en zijn strijdig met zijn grondslag, die men door verkiezingsdeelname en het zittingnemen onderschrijft. Dat zouden alle PVV’ers - en helaas ook vele SGP’ers met hen! - zich eens bewust moeten worden! Eerder schreven we: “Men koopt geen kaartje voor een trein naar Brussel om dan in de trein te gaan roepen dat deze terug moet naar Den Haag of om desnoods uit het raam te gaan hangen met een parachute om de trein af te remmen terwijl de spoorrails achter deze trein met instemming zijn opgeruimd.” 28 Maar men kan toch niet maar zo uit de EU stappen, zegt de euro-SGP’er. Men is toch gebonden aan de verdragen en moet de nieuwe overheid van Europa toch gehoorzaam zijn? De Europese gemeenschap is een doelcorporatie, “een openbare instelling ter behartiging van bepaalde aangewezen belangen” 29 . Vrijwillig sluit men zich erbij aan, en dus kan men ook het lidmaatschap opzeggen. In het ‘Verdrag van Lissabon’ is uitdrukkelijk een clausule opgenomen dat lidstaten uit de EU mogen stappen (artikel 50). Van een echte overheid en regeringsparlement is dus geen sprake. De overheid van Nederland bevindt zich in Den Haag. En vandaaruit dient Europa en de PVV opgeroepen te worden tot de Wet en tot de Getuigenis met de waarschuwing dat voor hen zal gelden; zo zij niet spreken naar dit Woord, het zal zijn dat zij geen dageraad zullen hebben. (Jes. 8: 20)! Het zal dan worden: opgaan, blinken en verzinken.


Noten:

1) P.H op ’t Hof, ‘Een beter Europa begint in Den Haag’, in: In het spoor, jrg. 33, nr. 2/3, 2009, p. 90-95 (hierna te noemen: Een beter Europa)

2) Zie: Een beter Europa, p. 94, en: A. Verwijs in hetzelfde nummer van In het spoor onder de titel, ‘Het CU/SGPeuroverkiezingsprogram’, p. 77-83

3) A. Verwijs, ‘Wilders vaart zonder het juiste kompas!’, in: In het spoor, jrg. 33, nr. 6, 2009, p. 231-239

4) Zie: ‘PVV in peiling even groot als hele coalitie’, in: Reformatorisch Dagblad, 17 februari 2014, p. 4

5) Voor deze drie citaten: zie: K. de Groot, ‘Na het zuur mogelijk toch ook zoet voor PVV’, in: Reformatorisch Dagblad, 12 maart 2014, p. 7

6) Zie: G. Wilders, ‘Er komt een revolutie in Europa’, in: Algemeen Dagblad, 27 april 2013

7) Zie: A. de Jong, ‘Electoraat vergeeft Wilders bijna al zijn gedraai’, in: Reformatorisch Dagblad, 25 januari 2014, p. 4

8) Zie: J. Visscher, ‘Rechtsgeleerde: PVV-leider past weer zijn truc toe’, in: Reformatorisch Dagblad, 15 maart 2014, p. 4

9) Zie voor de beide citaten het hoofdredactioneel commentaar: ‘Krachtige reactie’, in: Reformatorisch Dagblad, 21 maart 2014, p. 3

10) Zie: ‘Wilders met Goebbels vergeleken’, in: Reformatorisch Dagblad, 21 maart 2014, p. 5

11) Zie: ‘Wilders: Doe aangifte tegen Samson’, in: Reformatorisch Dagblad, 4 april 2014, p. 4

12) J. Calvijn, Institutie of onderwijzing in de Christelijke godsdienst, uit het Latijn vertaald door dr. C.A. de Niet, dl. 2, Houten 2009, boek 4, hoofdstuk 20, 8, p. 669

13) Hún Brussel, óns Nederland, verkiezingsprogramma 2012-2017 van de Partij voor de Vrijheid, p. 7 (hierna te noemen; Hún Brussel)

14) Zie: Standpunten - Voor Nederland- De PVV doet mee aan de Europese verkiezingen op 4 juni a.s.! Voor meer Nederland en minder Europa!, p. 1

15) Hún Brussel, p. 9

16) Hún Brussel, p. 11

17) Hún Brussel, p. 13

18) Hún Brussel, p. 21

19) Hún Brussel, p. 26

20) Zie voor de Europese verkiezingen van 2004: A. Verwijs, ‘Een wezenlijke verschuiving’, in: In het spoor, jrg. 28, nr. 2, 2004, p. 85-94 en voor die van 2009: A. Verwijs: ‘Het CU/SGP-euroverkiezingsprogram’, in: In het spoor, jrg. 33, nr. 2/3, 2009, p. 77-83

21) Hún Brussel, p. 7

22) G.H. Kersten, Hoort de roede, partijrede van 1934, p. 12 (hierna te noemen: Hoort de roede), geciteerd uit: Hoort de roede, uitgave ds. Kersten en ds. Zandt serie, dl. 1, 1980. De spelling is wat aangepast. Dit geldt ook voor de volgende citaten.

23) G.H. Kersten, Vier hoornen, partijrede van 1937, p. 12, geciteerd uit: Hoort de roede, uitgave ds. Kersten en ds. Zandt serie, dl. 2, 1981

24) Hoort de roede, p. 13

25) G.H. Kersten, Hunne handelingen, partijrede van 1936, p. 8, geciteerd uit: Hoort de roede, uitgave ds. Kersten en ds. Zandt serie, dl. 1, 1980

26) Zie bijvoorbeeld: Handelingen Tweede Kamer, 1933-1934, p. 261 en Handelingen Tweede Kamer, 1936-1937, p. 99

27) Zie: A. Verwijs, ‘Ds. P. Zandt in debat over de overheidstaak in de raad van Delft -1- ’, in: In het spoor, jrg. 38, nr. 1, 2014, p. 9

28) Een beter Europa, p. 95

29) Voor deze omschrijving zie: Van Dale, Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, dl. 1, Utrecht/Antwerpen 1999 13 , p. 760

Dit artikel werd u aangeboden door: In het spoor

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 2014

In het spoor | 68 Pagina's

De PVV en Europa

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 2014

In het spoor | 68 Pagina's