Boekbesprekingen
Sebastian Castellio, Contra libellum Calvini: A New Critical Edition Supplemented by the Text of the Basle Manuscript-Fragment, Uwe Plath (red.) [Cahiers d’Humanisme et Renaissance 160] (Genève: Droz, 2019) 240 p., € 27,49 (ISBN 9782600059763).
Op 27 oktober 1553 is Michael Servet in Genève als ketter op de brandstapel gedood. Reeds toen de geruchten omtrent Servets proces zich verspreidden, rees er verzet tegen de gang van zaken. Kritiek kwam er vooral vanuit de kring van humanisten rond Sebastian Castellio, die toentertijd in Basel woonde. ‘When news of the execution reached Basle, Calvin was instantly vilified’ (B. Gordon, Calvin, 225). In 1541 was Castellio op aanbeveling van Farel benoemd tot rector van de Latijnse school. Tijdens zijn verblijf in Genève waren meningsverschillen met Calvijn aan het licht gekomen. Castellio betwijfelde het canonieke karakter van het Hooglied en kritiseerde Calvijns uitleg van de nederdaling ter helle. Voor Calvijn kwam de eenheid in de leer onder druk te staan en was hij daarom van mening dat Castellio ongeschikt was voor het predikantsambt. Castellio moest in 1545 Genève verlaten en vestigde zich in Basel, waar hij zou wonen tot zijn overlijden in 1563.
De executie van Servet heeft geleid tot de publicatie van een reeks geschriften. In december 1553 verschijnt Historia de morte Serveti, dat met grote waarschijnlijkheid aan Castellio moet worden toegeschreven. Onder anderen Bullinger dringt er bij Calvijn op aan om een rechtvaardig verslag van de gehele gang van zaken te schrijven. In grote haast schrijft Calvijn zijn Defensio orthodoxae fidei de sacra Trinitate, contra prodigiosos errores Michaelis Serveti Hispani (COR IV/V, Joy Kleinstuber red.). Reeds in februari 1554 kunnen de Latijnse versie en een Franse vertaling gedrukt worden. Vrijwel gelijktijdig rolt in Basel De haeriticis an sint persequendi van de persen.
Castellio reageert op de Defensio contra errores Serveti met zijn Contra libellum Calvini (CLC). Castellio heeft deze tekst niet uitgegeven, maar clandestien laten circuleren. Pas in 1612 heeft de Amsterdamse humanist en publicist Reinier Telle (Biogr. Lex. I, 375-376) de Latijnse tekst gepubliceerd onder de titel Dissertatio, qua disputatur, quo iure, quove fructu, haeretici sint coercendi gladio vel igne. Tegelijkertijd bezorgde hij een Nederlandse vertaling: Corte ende duydelijkcke wederlegginghe, van ‘tghene door mr. Johan Calvijn [...] bygebracht wert, dat fungeerde als strijdschrift in het conflict tussen de remonstranten en contraremonstranten.
Uwe Plath, in 1974 gepromoveerd op Calvin und Basel in den Jahren 1552-1556, noteerde tijdens het werk aan zijn dissertatie op zijn kopie van CLC dat een nieuwe editie, voorzien van een inleiding en annotatie, de moeite waard zou zijn. De nieuwe kritische editie van CLC volgt op de Duitse vertaling die Plath bezorgde onder de titel Gegen Calvin in de ‘Bibliothek Historischer Denkwürdigkeiten’ (Essen: Alcorde Verlag, 2015). De editio nova van de Latijnse tekst ‘is an attempt to produce a readable, error-free text which is as close as possible to Castellio’s original text’ (26). Voor de uitgave van de tekst is ook gebruikgemaakt van een bewaard gebleven fragment dat door Castellio zelf geschreven is. Veel orthografische en grammaticale fouten in Telles editie zijn gecorrigeerd.
Castellio wil met zijn geschrift voorkomen dat lezers door Calvijn op het verkeerde been worden gezet. CLC heeft de vorm van een dialoog tussen Calvijn en Castellio, die zich Vatícanus noemt. Volgens Plath is dit woord afgeleid van vates – profeet, ziener. ‘Vatícanus appears as a prophet sent from God to warn his contemporaries about injustice towards heretics and Calvinistic intolerance and to exhort them to religious tolerance in the confessional age’ (24). Castellio heeft 154 kortere en langere citaten van Calvijn geselecteerd en daarop gereageerd. Alleen citaat 7 is niet afkomstig uit het de Defensio contra errores Serveti, maar uit de eerste uitgave van de Institutie. Castellio is van mening dat de doctrina theologiae buiten de bevoegdheid van de overheid valt. Ook verschilt beider beeld van Servet grondig. Waar Calvijn van mening is dat de fundamenten van het christelijk geloof in het geding zijn, beschouwt Castellio Servet als een katholiek christen die op een punt dwaalde en met betrekking tot de Triniteit een ander standpunt huldigde dan Calvijn. Niettemin zijn er ook voor Castellio grenzen: indien Servet God een demon genoemd zou hebben, zou dat blasfemie zijn en zou hij verheugd zijn wanneer hij gedood zou worden (20, 202).
De excellente ontsluiting van zowel CLC als de Defensio contra errores Serveti en Frans van Stams recente boek The Servetus Case. An Appeal for a New Assessment (Genève: Droz, 2017) vormen het geëigende gereedschap om opnieuw de vragen rond (religieuze) tolerantie te doordenken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 juni 2020
Theologia Reformata | 122 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 juni 2020
Theologia Reformata | 122 Pagina's