Het Bijbels Evangelie!
De prediking van het Evangelie van Gods genade voor zondaren in de Heere Jezus Christus is het hart van de kerk. Door de verkondiging van dit Woord werkt en versterkt de Heilige Geest geloof en bekering in het hart en leven van verloren mensen. Rondom de verkondiging van dit Woord bouwt de Heilige Geest de Kerk in de breedte en de diepte. Tegelijkertijd is het een thema waarover soms heftige discussies ontstaan, al dan niet aangewakkerd door lezingen of opinieartikelen. Dat kan jongeren en ouderen in verwarring brengen en de vraag oproepen: wat is waarheid? Wat is het Bijbels Evangelie?
In dit artikel luisteren we (uiteraard zonder volledig te zijn) naar enkele hoofdlijnen die door ds. G. Boer (1913-1973) over dit onderwerp naar voren zijn gebracht. In het vorige nummer van Zicht op de kerk is er al aandacht gegeven aan het feit dat het dit jaar 50 jaar geleden is dat ds. Boer overleed; en is er een overzicht gegeven van zijn levensloop. Juist omdat ds. Boer in zijn prediking krachtig en helder het geluid van Gods Woord en de gereformeerde belijdenis vertolkt heeft, blijft zijn visie ook vandaag van belang voor een Bijbels zicht op het Evangelie.
In 1968 verscheen de bundel De prediking der verzoening, waarin diverse artikelen over dit onderwerp opgenomen zijn. Uit de tweede lezing in deze bundel (in 1959 gehouden tijdens de jaarvergadering van de Gereformeerde Bond in Utrecht) nemen we enkele grondlijnen over.
In het formulier voor de bevestiging van de dienaren van het Woord wordt voor hun roeping verwezen naar 2 Kor. 5. Daar leert de apostel Paulus ons dat de door God geroepen dienaar van het Evangelie allereerst heel persoonlijk weet heeft van zowel ‘de schrik des Heeren’ als ook van ‘de liefde van Christus’. Levend besef van Gods heiligheid in het hart van de dienaar van het Woord zal de prediking doorgloeien met de laatste ernst van de eeuwigheid. Daarom worden we in de prediking als gevallen zondaren voor Gods rechterstoel gedaagd. We staan voor de majesteit van de heilige en rechtvaardige God, Die ons aanklaagt en veroordeelt in Zijn wet. Zo worden we ontdekt aan ongerechtigheid en eigengerechtigheid. Dit ontdekkend element is onmisbaar. ‘Deze schrik geeft aan de prediking de klem, de ernst en de vaart.’
Tegelijkertijd mag de liefde van Christus daarbij nooit gemist worden in de evangeliedienaar. Zo zal het zijn vurig verlangen zijn om in de prediking zondaren tot Christus te leiden. Om tot heil en zegen voor de gemeente te zijn. ‘Het is de door Christus betoonde en bewezen liefde. Het is de liefde die van Hem uitgaat, die Hij betoonde tot in de dood. Hij was er vol van. Hij gaf Zich helemaal weg. Hij stierf. Deze liefde betoont Hij aan arme zondaren.
Deze liefde is beslagleggend. Is een van de motieven tot de arbeid van de apostel en zijn medewerkers. Daardoor gedreven roept hij mensen op zich te bekeren. Daarmee is hij geheel bezet. Niet alleen hij, maar allen die met hem werken in het Koninkrijk Gods.’
Maar ds. Boer gaat vervolgens ook meer expliciet in op de inhoud van het Bijbels Evangelie. In de prediking vindt er geen beweging van beneden naar boven plaats, maar juist andersom. De prediking dient zijn uitgangspunt te hebben in de drie-enige God en Zijn heilswerk. Paulus schrijft in zijn onderwijs over de verzoening immers eerst: ‘En al deze dingen zijn uit God’. Zowel het werk van de verzoening door Christus alsook de bediening van de verzoening in de prediking komen uit God voort. ‘Hier worden wij in de prediking gesteld voor de wellen van de ontferming, die uit Gods Vaderhart zijn voortgekomen. Hij is door niemand buiten Zichzelf bewogen. Zijn onbegrijpelijke zondaarsliefde deed Hem het initiatief nemen. Hier zijn de innigste bewegingen van Gods barmhartigheid aan de orde. Hier komt de prediking op uit het welbehagen Gods. Hier mogen wij ons met de apostel uitputten in het prijzen van de grote liefde Gods in het verkiezend voornemen des Vaders en in de zending van Zijn Zoon.’
In de prediking staat de Persoon en het werk van de Heere Jezus Christus in het middelpunt. Hij is door de Vader gegeven als Borg en Middelaar, om Zijn volk zalig te maken van hun zonden.
Hij heeft ons vlees en bloed aangenomen om de volle toorn van God over de zonde weg te dragen. Hij voldoet aan Gods gerechtigheid en openbaart daarin de rijkdom van Gods genade. ‘Het kruis is dus niet alleen en niet in de eerste plaats bekendmaking van de liefde Gods, maar de openbaring van de liefde Gods door de gerichtsakte aan de Zaligmaker.’ Zo dient de volle nadruk gelegd te worden op de waarde en de betekenis van het historisch werk van de Zaligmaker. ‘Want God was in Christus de wereld met Zichzelven verzoenende’.
In de prediking wordt deze verzoening bediend. God Zelf biedt ons daarin Zijn genade aan en Hij roept ons tot geloof en bekering. Hij bidt door Zijn dienaren: ‘Laat u met God verzoenen!’ Dit appèl mag niet ontbreken in de Woordbediening. ‘Wanneer wij in de wensende zin blijven steken komen wij niet toe aan het appèl op de harten en de consciënties van de hoorders. Wanneer wij in het beschrijvende blijven steken zonder de mensen in de tegenwoordigheid Gods te trekken, stompen wij de consciënties van de mensen af. Zo vaak blijven wij steken in wat ik het voorwerk zou willen noemen, het bereiden van de bodem, de toeleidende weg en de kenmerken daarvan. Dat is een zeer ernstige bedreiging van de prediking van de verzoening. Immers, dan wordt vaak, zonder dat men dit bedoelt, positie gekozen in de mens en de enige plaats, namelijk vanuit God in Christus de verzoening te preken, verlaten.’
In de prediking van het Bijbels Evangelie is er evenzeer aandacht voor het onmisbare werk van de Heilige Geest. De Geest maakt geestelijk doden levend door het Woord. Hij overtuigt van zonde. Hij trekt door het Evangelie tot Christus. Hij werkt en versterkt het geloof in Hem. Hij bewaart in het geloof door de bediening van het Woord en de sacramenten. Hij vernieuwt het leven van Gods kinderen naar het beeld van Christus. Hij
opent het oog van de gelovigen steeds meer voor de dingen die hen van God geschonken zijn, in gemeenschap met Christus. ‘Wonderlijk en onwederstandelijk is het werk van deze Geest door de prediking in een mensenhart. Hij handelt niet met een mens als een stok of een blok, maar heeft het op Zijn Naam dat Hij van een onwillige een gewillige maakt en dat op zo zachte en tere wijze, dat wij niet anders willen dan wat God wil.’
Tot slot; het zijn slechts enkele ‘houtskoollijnen’ die in dit artikel getrokken konden worden. Niettemin geven ze een antwoord op de vraag: wat is het Bijbels Evangelie? U mag, evenals de gemeenteleden van Berea (Hand. 17:11), de boodschap die u hoort steeds daaraan toetsen. Laten we als dienaren van het Woord vurig smeken om de hulp en de leiding van Gods Geest, om dit Bijbels Evangelie te (blijven) verkondigen. Zonder daar iets aan toe of af te doen. In de Bijbels gegronde verwachting dat dit Evangelie vast en zeker rijke vruchten zál dragen!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 2023
Zicht op de kerk | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 2023
Zicht op de kerk | 32 Pagina's