Sensationele vergadering gemeenieraad te Melissant
P.v.d.A.-fraktie richtte scherpe critiek tot b. en w. over de toestand van de openbare school en over de (niet) aanstelling van onbevoegde leerkrachten
Het was een zeer sensationele raadszitting die vrijdagmiddag j.1. te Melissant is gehouden, zoals we er in lange tijd geen hebben meegemaakt. Uit ons nummer van vrijdag j.1. kunnen onze lezers weten, dat door de P.v.d.A.- Iractie aan b en w schriftelijke vragen zijn gesteld over de toestand van de openbare school, de noodzaak van spoedige restauratie en het finantieel schadeloosstellen van de (onbevoegde) leerkrachten, die enige tijd de o.l.s. hebben gediend. Op deze vragen is door b en w een breedvoerig antwoord gegeven, maar daarmee was de P.v.d.A.-fraktie niet tevreden. Zij richten een scherp verwijt tot b en w als zou deze niet genoeg werk gemaakt hebben voor de bouw van een nieuwe school en thans stagneren t.o.v. restauratie. Ook werd breed gediscussieurd over de aanstelling van een onbevoegde kracht, waarover h.i. een raadsbesluit had moeten vallen om dit het op het hoogste niveau uit te vechten. De voorz. burgemeester Bos gaf de heren ruimschoots gelegenheid zich uit te spreken en antwoordde daarna in dezelfde zin, als in het praeadvies is gedaan (zie ons no. van vrijdag j.1.) De voorz. zei aan het slot van dit punt gebruik te maken van zijn bevoegdheid volgens art. 22 reglement van orde en schafte (zonder stemming) de rondvraag af. Vragen van raadsleden kunnen voortaan alleen schriftelijk ingediend en moeten 14 dagen te voren bij b en w worden gedeponeerd. Van de laatste mondelinge rondvraag maakte de heer v. d. Spaan gebruik om burgemeester Bos vragen te stellen over zijn houding t.o. het gemeente- en secretariepersoneel, waarbij hij de voorz. verweet, dat deze dictatuur uitoefent. Het ging er vrij scherp naar toe. Op de publieke tribune bevonden zich bestuursleden van de oudercommissie van de O.L. school en later kwam ook het personeel luisteren naar de besprekingen. Gezien de plaatsruimte in dit nummer hebben we de volgorde van het behandelde in de raad gewijzigd en geven eerst verslag van de hierboven genoemde punten. Het overige van het verslag is geplaatst aan de binnenzijde van dit blad.
Burgemeester Bos werd verweteD dat hij dictatuur uitoefent
In ons nummer van vrijdag j.1. hebben wij de vragen van de P.v.d.A.- raadsleden de heren Prins en v. d. Spaan met het antwoord van b en w in extenso opgenomen, zodat we die hier nog niet eens zullen vermelden.
Er was een verzoek binnengekomen van de oudercommissie van de O.L. school om toekenning voor een bijdrage ad ƒ 75,— in de kosten van aanstel durende de tijd dat aan die school een ling van een onbevoegde leerkracht, ge vacature in het onderwijzend personeel verzoek af te wijzen; de redenen daar heeft bestaan. B en w stelden voor dit voor heeft men kunnen lezen in het gen is gegeven. antwoord, dat op de schriftelijke vra De heer Prins verzocht deze twee
De heer Prins verzocht deze twee punten (voorstel en vragen) gelijktijdig te behandelen, wat de voorz. toestond. De heer Prins ging dan eerst in op
De heer Prins ging dan eerst in op punt 1, betreffende de onbevoegde kracht aan de O.L. school. Hij meende dat een stap in de verkeerde richting was gedaan en de autonomie van de raad gemeenschap een onbevoegde kracht was prijs gegeven, omdat in deze kleine niet kan werken buiten medeweten van b en w. Waarom heeft het college niet geïnformeerd hoe het in 1947 is gegaan aldus spreker, toen is voor een trokken, die door G.S. is goedgekeurd. onbevoegde leerkracht een post uilge Hij vergeleek het gem. bestuur als met iemand die een kleine jongen met een kluitje in het riet sturen. „Is die onbevoegde leerkracht door b
„Is die onbevoegde leerkracht door b en w aangesteld of met medeweten van b en w informeerde de heer Leijdens.
„Niet door de raad" antwoordde de reeds beantwoord. voorz. Die vraag is in de toelichting De heer D. Leijdens vond het een
moeilijk punt voor de raad. Indertijd De heer D. Leijdens vond het een zijn er 2 onbevoegde leerkrachten geweest (mej. Doornhein en mej. Keizer) wat goedgekeurd is door Ged. Staten. Nu is het vooraf aan Ged. Staten gevraagd, die zeiden het niet goed te keuren. Spr. gaf in overweging een raadsbesluit te nemen de onbevoegde te betalen en dan af te wachten wat G.S. zullen doen. Bij nietig verklaring wilde hij dan een beroep op de kroon. Het is een kwestie geweest van overbrugging. De heer v. d. Spaan merkte op, dat
De heer v. d. Spaan merkte op, dat toen geen leerkracht te krijgen was, de mijn vrouw voor de klas. U als burge heer Vogel heeft gezegd, dan zet ik meester moet toen gezegd hebben: dan houd ik mijn hand wel voor de ogen. Weth. Keyzer zei, dat hij met Piet
de Vogel gesproken had, die zei: als er Weth. Keyzer zei, dat hij met Piet geen toestemming voor komt, doen wij het zelf!
Dhr. P. A. Leijdens (A.R.) vond het ook een moeilijk geval. Een aanvrage van de oudercommissie is er niet geweest; hij begreep wanneer geen onbevoegde op school was geweest, de kinderen op straat hadden gelopen. Die ƒ 750,— vond hij een te grote draagkracht voor de oudercommissie, waarom hij daar niet afwijzend wilde tegenover staan, maar naar een middel zoeken om dit te dekken. Dit onderstreepte de heer Molenaar.
De voorz. de sprekers in eerste instantie beantwoordend weerlegde het gezegde dat ben w niet reëel heeft gehandeld. Spr. las de brief voor van 15 okt. 1959 (van de oudercommissie) waarin medegedeeld wordt, dat mevr. de Vogel was gepolst, die geen bezwaar maakte de school te dienen. Het speet de voorz. dat dhr. Prins woorden had gebruikt als zou de autonomie van de gemeente zijn prijs gegeven. De L.O.- wet 1920 houdt zelfbestuur in; dit is het wat het voor het gemeentebestuur zo moeilijk maakt. Als U het beleid van b en w vergelijkt met een kleine jongen, gaat U te ver, zei spr. tot dhr. Prins. De wet zegt nu eenmaal, dat voor een klas geen onbevoegden mogen staan. Spr. betoogde met klem, dat door b en w geen wettelijke en ook geen beleidsfouten zijn gemaakt, en als die gemaakt zijn, zijn ze verschoonbaar gezien de omstandigheden. Een gemeentebestuur is een overheidsorgaan; het kan niet werken met geld zoals een particulier dit doet. Dat er geen onbevoegden voor de klas mogen staan, impliceert, dat er ook geen geld voor mag worden gevoteerd aldus spreker, die voorts waardering had voor de heren P. A. Leijdens en Molenaar om er toch tenminste gezonde kritiek aldus spreker een oplossing voor te zoeken. Dat is
dat de oudercommissie zelf besloten Tot de heer v. d. Spaan zei de voorz,, verbinden. Inderdaad heeft b en w dat had mevr. de Vogel aan de school te oogluikend toegelaten, hoewel we wel dachten aan de consequenties.
In de 2e instantie zei dhr. Prins dat hij het gevoel had, dat zijn woorden werden verdraaid. Hij had niet gezegd dat de autonomie van het gem. bestuur was aangetast, maar van de raad.
„Dat is hetzelfde", gaf de voorz. terug.
okt. is gevraagd: hoe denkt b en w dit Dhr. Prins: In de vergadering van 9 geval te overbruggen, nu de benoeming van een tijdelijke kracht is mislukt. benoeming van een onbevoegde onmo Daarop heeft de voorz. geantwoord, dat gelijk was. U vergeet echter — aldus spr. — dat er een schrijven was van de had. Spr. was overtuigd scherp in zijn inspecteur, die er geen bezwaar tegen uitlatingen te zijn geweest; hij wilde niet altijd in de oppositie staan — maar dit is abnormaal! Op de mededeling van moeten nemen, om zich op te beroepen! de inspecteur had men een raadsbesluit U dacht echter aan de consequenties van doorberekening aan de Chr. School — daarover had U met het bestuur kunnen praten! aldus spr. tot de voorz. De heer D. Leijdens wilde alles om
De heer D. Leijdens wilde alles omzeilen met een subsidie aan de ouder commissie. En dan open kaart spelen t.o. Ged, Staten, aldus spreker.
„Kan het niet betaald worden als personeelsuitgaven vroeg dhr. v. d. Spaan.
De voorz. antwoordde tot de heer Prins over het bericht van de inspecteur, dat die inderdaad geen bezwaar maakte tegen een onbevoegde leer kracht. Dit was voor het gem. bestuur echter niet voldoende omdat er geen subsidie op kon worden verwacht. Deze aanstelling was zonder toestemming van het ministerie niet verantwoord. De doorberekening aan de Chr. School, is er pertinent niet van afhankelijk gesteld. Wel bestreed spr. de voorstelling van dhr. Prins dat het gem. bestuur „iemand wil laten betalen". Dit is niet juist. Wanneer er een weg voor gevonden wordt — hoe dan ook — is het geen kwestie van recht, maar van gunst. Spr. beklemtoonde dat dhr. Prins als gemeentebestuurder diende te zien, dat de wet dient te worden nagekomen, wat op zichzelf heel normaal is. Waar zou de grens zijn als overal onbevoegde leerkrachten konden worden aangesteld?
ren V. d. Spaan en Leydens om een an Wat de suggesties betreft van de he dere oplossing te zoeken is van latere orde.
De heer v. d. Spaan raadde de voorz. om eens te onderzoeken, hoe het in 1947 is gebeurd.
De voorz. wist, dat er toen een post voor de onbevoegde op de begroting is gebracht, die inderdaad is goedgekeurd. Nu ligt de situatie anders.
het voorstel tot afwijzing op het ver Spr. beëindigde de discussie en bracht zoek van de oudercommissie in stemming.
De heer D. Leijdens stemde voor, omdat geprobeerd zal worden een oplossing te zoeken. Tegen waren de heren Th. van der Spaan en Prins. Het voorstel was dus met meerderheid van stemmen aangenomen.
De voorz. laste hier tussen in, dat hij voortaan gebruik zou maken van art. 22 van het reglement van orde om voortaan vragen schriftelijk in te dienen, die 14 dagen tevoren bij b en w dienden gedeponeerd.
De heer v. d. Spaan: Daar ben ik op tegen! Dat het nu schriftelijk gebeurd is, komt niet uit de vergadering, maar om de foute conclusie! De voorz.: schriftelijk vragen indie
De voorz.: schriftelijk vragen indienen heeft grote voordelen om de vragen rustig en overwogen te stellen en ook voor de juiste beantwoording. Ik maak daarom van mijn bevoegdheid gebruik, aldus spreker, die daarna gelegenheid gaf om de vraag te bespreken over de toestand van de school zelf e.v. de restauratie.
De heer Prins was het globaal eens met het antwoord van b en w over de toestand van de school. Waarom — zo vroeg hij echter — heeft b en w niet steeds op stoep gelegen bij het ministerie om urgentie voor nieuwbouw? Spr. somde de tijdslimieten op, dat er niets aan gedaan was (van 13 en daarna van 18 maanden, het loopt al van 1954) reden waarom hij aan de voortvarendheid van b en w twijfelde. Er zijn wel brieven uitgegaan, maar hoe zijn die gesteld, vroeg spreker. Op 2 dec. zei de inspecteur: geen niewbouw, maar restaureren! Inplaats dat uw college daarop doorgaat, wordt het nu opgehouden om toch een urgentie voor nieuwbouw te krijgen. Spr. zei dat de voorstanders van de openbare school trots zullen zijn op een passend omhulsel en drong bij het college aan om restauratie te helpen bespoedigen.
De voorz.: Uit uw betoog bemerk ik, dat U twijfelt aan de trouw van b en w....
De heer Prins: Gezien de tijd van wachten van IV2 jaar.
„Waarom komt U daar nu pas mee, vroeg de voorzitter.
„Er is geen vergadering geweest, of er is over gesproken," repliceerde de heer Prins.
De voorz. zei: Voorheen had U nooit iets tegen het beleid van b en w.
Interrumptie van dhr. Prins: dan wordt het nu hoog tijd! „U trekt het in een vorm die niet
„U trekt het in een vorm die niet mooi is" antwoordde de voorz., voor b en w is het ook niet eenvoudig. Neem Dirksland: daar zitten we met twee scholen! De voortvarendheid van b en w — die U in twijfel trekt —• behoeft niet altijd uit de stukken te blijken. Er liggen nu eenmaal allerlei tegenwerkende factoren, bestedingsbeperking, bouwstop enz. U maakt zich er wel goedkoop af, zei spreker. De plannen voor restauratie zijn afgekeurd, daarop mag b en w niet doorgaan. Bouwkundigen hebben ook grote bezwaren; zij menen dat het niet verantwoord is en betwijfelen of het beleid van de inspecteur juist is. Spr. ontraadde het hoofd in de schoot te leggen om te besluiten tot restauratie. Mocht het ministerie de inspectie gelijk geven zal het moeten maar vooralsnog meent b en w het eerst te moeten afwachten besloot spreker.
Wijziging leerplan
Dan gaf de voorz. de derde vraag in besprelcing inzake de wijziging van het leerplan. De heer v. d. Spaan vroeg waarom
De heer v. d. Spaan vroeg waarom het aantal lesuren nu door b en w op 1080 is gesteld. De kinderen gaan toch al op school tot hun trouwdag! Hij wilde dit aan het hoofd van de school overlaten.
De voorz.: Het gemeentebestuur heeft wettelijke bevoegdheid.
De Ireer v. d. Spaan: Op het liele eiland komt het niet voor.
De voorz. antwoordde dat er 40 reserve-uren waren voor e.v. schoolverzuim, ziekte van leerkrachten enz. Dit beleid van ben w moest U toejuichen inplaats van afkeuren!
„Het doet dictatoriaal aan" zei de heer v. d. Spaan. Hij vond het niet nodig.
„De bevoegdheid ligt in de wet" antwoordde de voorz. U gaat niet in op de vraag over de meerdaagse schoolreis. De bepaling daarvan is aan het hoofd V. d. school.
De heer Prins: De wet schrijft over 1040 uren; het h. d. sch. heeft er 1065 van gemaakt; ben w zegt het moet 1080 worden! Spr. zei, dat er in de 9 jaar dat hij hier is geen ziekte bij de onderwijzers is voorgekomen. Op welke grond mogen nu maar 10 uren voor een schoolreisje uitgetrokken worden stelde spr. de vraag. Die reisjes zijn instruktief en behoren bij het onderwijs. In Stellendam en Stad gaat men 4 dagen; in O-Tonge zelfs 7 dagen met de kinderen op reis! Houdt het in, de vakanties * te bekorten vroeg spr., die voorts opmerkte dat de Bijz. school — waar b en w geen zeggenschap heeft — 1065 uren op het rooster hebben staan. Spr. wilde dat ook voor de openbare school. De voorz. antwoordde dat b en w geen
De voorz. antwoordde dat b en w geen bezwaar heeft, al wordt een schoolreis van 10 dagen gemaakt. Het behoort niet tot hun competentie. Spr. vond het niet de moeite waard om over die 15 uren' meer te praten — het gaat er om, of in totaal 1040 uren les wordt gegeven. U doet net, of b en w op allerlei rechten ingrijpt; het is alleen maar dat er een flinke marge moet zijn. De heer Prins: Als gebleken was dat
De heer Prins: Als gebleken was dat de kinderen niet aan de 1040 uren kwamen, zou het wat anders zijn. Misschien ben ik te stom om het te begrijpen, aldus spreker.
De voorz. raadde het nog eens goed te bezien en sloot de discussie.
„U wilt hetwinnen door veel woorden te gebruiken" zei dhr. v. d. Spaan.
De voorz.: U krijgt geen gelegenheid meer, de discussie is gesloten.
„Ik doe het toch" was het laatste woord van dhr. v. d. Spaan.
Hiermede werden deze vragen als afgehandeld beschouwd.
Bouw van 4 woningen, 2 te Melissant 2 te Kralingen
Ratten knagen gordijnen stuk
Besluit, tot nieuw verenigingsgebouw, gymnastieklokaal, douche-cellen enz.
Wij geven hier verslag van de overige agendapunten die m de raadszitting te Melissant van 25 maart zijn behandeld. Voorstel tot het uitgeven in erfpacht
Voorstel tot het uitgeven in erfpacht van bouwgrond in het uitbreidingsplan. J. de Blok en P. L. A. Tieleman, aannemers, hebben verzocht hen in erfpacht uit te geven ongeveer 283 m2 bouwgrond, gelegen ten oosten van de in aanbouw zijnde woningen aan de Beatrixlaan. De aanvragers zijn voornemens op deze grond voor eigen risico 2 woningen te bouwen. B en w stellen voor de grond in eeuwigdurende erfpacht aan de aanvragers uit te geven, overeenkomstig de Algemene voorwaarden voor uitgift enin erfpacht, overeenkomstig de Algemene voorwaarden voor uitgiften in erfpacht (vastgesteld bij raadsbesluit van 25 april 1956), tegen een canon van ƒ 0,30 per m2 per jaar en onder de ontbindende voorwaarde, dat de grond binnen 2 jaren na de overdracht moet zijn benut voor de bouw van 2 woningen.
De voorz. deelde mee, dat er binnenkort wel meer krotwoningen te Kralingen zullen worden onbewoonbaar verklaard voor sanering. Spr. deelde mee dat b en w plan had 2 woningen te bouwen aan de speelweide en daarmee tevens te voorzien in bewoning voor de beheerder.
Gezien over dit punt direct vragen rezen, bracht de voorzitter gelijktijdig punt 11 in bespreking, met betrekking tot de bouw van de 4 toegewezen woningwetwoningen. Hierop werd door b en w het volgende prae-advies gegeven:
Ged. Staten hebben op 8 febr. 1960 medegedeeld, dat het aantal woningwetwoningen dat in 1960 door de gemeente mag worden gebouwd is bepaald op 4. Hieraan is echter de restrictie verbonden, dat 2 thans nog bewoonde krotwoningen moeten worden afgebroken of blijvend aan de bewoning moeten worden onttrokken.
Daar het aantal krotwoningen in de dorpskom gering, in de buurtschap Kralingen daarentegen hoog is, hebben b en w gemeend dat het belang van de volkshuisvesting het beste wordt gediend wanneer 2 krotwoningen in Kralingen aan de bewoning woi'den onttrokken. Daar het bouwen van woningwetwoningen in de buurtschap zelf echter niet mogelijk is en er geen aanvragen van bewoners van Kralingen om toewijzing van een woning in de dorpskom zijn, zal het noodzakelijk zijn de toewijzing voor 2 woningen ten goede te laten komen aan de gemeente Dirksland, zulks uiteraard onder het voorbehoud dat met die gemeente overeenstemming moet zijn bereikt over de toewijzing van die woningen aan inwoners van de buurtschap Kralingen. B en W stelden voor ged. Staten te vragen 2 woningen minder aan Melissant en 2 woningen meer aan Dirksland toe te wijzen.
De heer v. d. Spaan wilde bij de gronduitgifte er de voorwaarde aan verbinden het vorige besluit voor grond aan de Marijkelaan, die aan Tieleman en de Blok voor de bouw van 5 woningen is uitgegeven in te trekken, om deze dan aan de andere kant te bouwen. Anders is er geen ruimte voor de bouw van be jaarden-woningen zei spr.
De voorz. zag daar de logica niet van in.
„Vindt U niet beter dat de bejaardenwoningen in het verlengde komen? vroeg de heer v. d. Spaan. De heren Blok en Tieleman zullen er ook niet tegen zijn.
Weth. Keizer merkte op, dat de lijst is nagegaan en er méér behoefte is aan woningwetwoningen, dan aan bejaardenwoningen. De heer v. d. Spaan: Ik wil van die
De heer v. d. Spaan: Ik wil van die bejaardenwoningen afzien, maar wel de grond beschikbaar houden. Spr. zei verder dat dhr. Stolk daar wat meer grond wil hebben.
„Weet U dit ook al? vroeg de voorz. Als het mogelijk is zullen we die man er een metertje grond bijgeven zegde spr. toe. De heer P. A. Leijdens informeerde
De heer P. A. Leijdens informeerde of het nu vast stond dat die 2 woningen bij de speelweide zouden komen. De voorz. vond dit wel zeer noodza
De voorz. vond dit wel zeer noodzakelijk, vooral voor de beheerder, dat die bij de speelweide komt te wonen.
De heer D. Leijdens was er niet tegen dat er 2 woningen te Kralingen werden gebouwd. Wel wees spr. er op, dat die mensen meestal niet een hogere huur konden betalen en vroeg er op te letten, wie er dan door ruiling o.i.d. in kwam.
De voorz. antwoordde dat er een rechtstreekse toewijzing zal plaats hebben.
De heer Prins: We hebben jaren zitten wachten op bouw woningwetwoningen en kon er met zijn verstand niet bij (hij wees naar zijn voorhoofd) dat ze nu worden weggegeven aan Dirksland, Spr. was het eens dat de mensen van Kralingen evenveel recht hebben als hier, maar het inwonertal van Melissant wordt er door verminderd.
„Vindt U het dan niet noodzakelijk dat wantoestanden te Kralingen worden opgeheven? vroeg de voorzitter. De heer Prins zei hierop dat het dan die mensen waard moest zijn om te Melissant (in het dorp) te komen wonen. Spr. vond dit niet zo bezwaarlijk, de afstand was ook maar gering.
De voorz. antwoordde dat op bestuurlijk niveau deze maatregelen zijn genomen. Nu kunnen wij medewerken dat er te Kralingen iets goeds tot stand komt. Men voelt zich te Kralingen geen Melissantenaar, daarmee dient rekening gehouden te worden, aldus de voorz. Wij kunnen de mensen toch niet pressen om hier te komen wonen, zei spreker.
„Intussen geeft U 2 woningen weg aan de gemeente Dirksland" wierp de heer Prins tegen. De voorz.: „Dit is een normaal be
De voorz.: „Dit is een normaal beleid. Al wijst U naar uw hoofd alsof dit razernij zou zijn," aldus spr. tot de heer Prins.
„Als Dirksland rekening houdt met de a.s. grenswijziging, dan dienen zij ook rekening te houden, dat zij zelf reeds daar iets aan doen ging de heer Prins verder. Hij meende dat de mensen van Kralingen als ze een goede woning wensten te Melissant dienden te komen wonen. Ze worden hier wel in-geburgerd meende spreker. Wat de bouw van de woningen bij de speelweide betreft, heeft v. d. Bos vanuit zijn kamer geen gezicht meer op de speelweide. Nu komt daar het verenigingsgebouw tussen in waarom hij de woning aan de andeer kant wilde zetten.
De heer Leijdens deelde mee, dat onder burgemeester van Heyst reeds een regeling was getroffen over de sanering van woningen te Kralingen.
Dhr. Molenaar liep niet zo iioog met Dirksland; ze zijn niet zo toeschietelijk vond spreker. Hij zou er node voor stemmen.
Dhr. V. d. Spaan kwam nog eens terug op de woning v. d. Bos om die anders te plaatsen, waarop de voorz. zei dat daar wel een modus voor gevonden kon worden. Er is bij de speeltuin ruimte genoeg.
Na deze bespreking werd het voorstel tot gronduitgifte m.a.s. aangenomen. Dan kwam het voorstel tot de bouw
van de 4 woningwetwoningen aan de orde (2 te Melissant en 2 te Kralingen) wat werd aangenomen met de stem van de heer Prins (P.v.d.A.) tegen.
Voor leden van de commissie van advies voor de keuringsdienst van slachtdieren en van Vlees, Kring Goeree en Overflakkee stonden op de voordracht weth. A. C. van Rossum als lid en weth. C. Keijzer als plv. lid. De voorz. verzocht voor ieder afzonderlijk op één briefje te stemmen, omdat de wet dit bepaald. Beiden werden benoemd.
Voorstel nieuw verenigingsgebouw, douche-cellen enz. aangenomen.
Dit voorstel, wat in ons vorig nummer met de toelichting van b en w is opgenomen vond bij geen van de leden bezwaren.
De heer D. Leijdens zei er van, dat hij grote voorstander van het voorstel was, te meer, daar er binnenskamers méér sport beoefend zal kunnen worden. Aan de andere kant hield hij zijn hart vast, omdat het grote lasten op de gemeente legt. Melissant heeft altijd in de hoek gezeten waar de slagen vallen; hij hoopte dat het verzoek om een subjectieve verhoging uit het gemeentefonds zou worden ingewilligd.
Aanvra-ag verhoogde subjectieve uitkering uit gemeentefonds.
Een voorstel voor een aanvrage om toekenning van een subjectieve verhoging der algemene uitkering uit het gemeentefonds kwam daarna in bespreking. Ged. Staten hadden n.1. in overweging gegeven, gezien het ongedekt tekort van ƒ 32.000,— op de begroting 1960, de straatbelasting en 'de reinigingsrechten te verhogen. B en w zijn van menong dat deze tarieven niet dan bezwaarlijk kunnen worden opgevoerd, vooral met het oog op de reeds zwaar drukkende waterschapslasten. Gezien de minister de mogelijkheid open laat alsnog een aanvrage in te dienen om toekenning subjectieve verhoging uit het gemeentefonds, stelden b en w voor deze in te dienen, omdat de reserves zijn verbruikt en de alg. uitkering van ƒ 29,98 per inwoner, ten enen male ontoereikend is.
De heer Prins (P.v.d.A.) bleek zijn licht opgestoken te hebben bij de Wiardi Beekman Stichting en haalde een en ander aan uit een rapport, hoe het verloop van de uitkeringen is geweest. Spr. had naar aanleiding daarvan niet veel moed, dat een hogere uitkering zou worden toegestaan en wilde daarom als kapitaalslasten opgeven de urgente openbare werken die moeten worden uitgevoerd, o.m. de riolering, die feitelijk geen dag uitstel kan leiden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 maart 1960
Eilanden-Nieuws | 6 Pagina's