Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Steeds meer robots op de werkvloer

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Steeds meer robots op de werkvloer

De ontwikkeling van de robottechniek leidt tot nieuwe ethische vragen

9 minuten leestijd

”The Beast”, zo wordt de coronatestrobot genoemd. Op één dag verwerkt het apparaat van Genmab en het Hubrecht Instituut maar liefst 20.000 coronatests. Dat is even veel als alle laboratoria in Nederland bij elkaar aankunnen. De testcapaciteit van de Strip-1, zoals de ”The Beast” officieel heet, toont waartoe robots in staat zijn.

Het Amerikaanse robotbedrijf Boston Dynamics publiceerde eind 2020 een video van een stel dansende robots. Twee mensachtige robots op twee benen dansten met een soort hondvormige robot op pootjes en een struisvogel op wielen. De robots bewaarden niet alleen hun evenwicht op één been, maar maakten ook sprongen in de lucht. Vooral dat laatste is technisch een hele prestatie: springen én landen is een complexe activiteit.

Vergeleken met de houterige bewegingen die robots een paar jaar geleden nog maakten, zijn de dansende machines met sprongen vooruitgegaan. Het filmpje van Boston Dynamics was niet alleen grappig bedoeld: het liet vooral zien hoe ver de robottechniek gevorderd is.

De hondachtige robot, met de naam Spot, kan niet alleen dansen maar ook traplopen. Bovendien kan de machine zo’n 14 kilo aan apparatuur meedragen. In de ‘kop’ zitten camera’s ingebouwd, zodat het apparaat bruikbaar is voor verkenningen, bijvoorbeeld op boorplatforms of in kerncentrales. Het apparaat is voor nog geen 75.000 euro te koop. Spot maakt duidelijk wat robots zijn: programmeerbare machines die dingen kunnen doen, zoals lopen, rijden, kijken of dingen oppakken en verplaatsen. De meeste robots kunnen één ding, lassen bijvoorbeeld: in autofabrieken worden lasrobots gebruikt die aan de lopende band delen van auto’s lassen. Een ander deel van de robots gebruikt echter kunstmatige intelligentie om zelf te ‘denken’ en kan dus zelf ‘beslissingen’ nemen. Sommige robots leren ook van hun fouten en zijn in staat zichzelf te verbeteren.

Robotarmen

Veel mensen hebben bij een robot een soort ‘metalen mens’ in gedachten. Maar anders dan ilms en stripverhalen doen geloven, zijn zulke ‘humanoïde’, mensachtige robots een uitzondering en zien veel robots er bijvoorbeeld uit als een metalen arm. Wereldwijd worden er miljoenen van zulke robots gebruikt. De Nederlandse Explosieve Opruimingsdienst Defensie (EOD) gebruikt robots met grijparmen op rupsbanden voor gevaarlijke verkenningen. De grootste robot, met de naam tEODor, weegt bijna 400 kilo, heeft zes camera’s en kan met een speciaal wapen bommen onschadelijk maken. Sterk is het apparaat ook: zonder problemen duwt de robot een personenauto van zijn plaats. Op die manier kan een autobom gemakkelijk verplaatst worden.

Ook andere hulpdiensten, zoals de brandweer, gebruiken robots. De brandweer doet dat in de vorm van een drone, die kan worden uitgerust met een scanner die gevaarlijke stoffen in de lucht kan meten. Warmtecamera’s in een drone helpen de brandweer te bepalen waar zich de brandhaard bevindt.

Magazijnmedewerker

Ook in distributiecentra wordt er volop gebruikgemaakt van robots. Robotvoertuigen –ook wel automatische geleide voertuigen, agv’s genoemd– voeren spullen af en aan. Soms gebeurt dat door magnetische strips op de grond te volgen, maar een deel van de voertuigen rijdt zelfstandig met behulp van camera’s, infraroodsystemen en kunstmatige intelligentie. Geautomatiseerde opslag- en ophaal systemen zorgen ervoor dat de spullen in de juiste stellingen belanden of gepakt worden.

Een heftruckchauffeur die een foutje maakt en een paar stellingen omver rijdt, kan in een paar seconden duizenden euro’s schade veroorzaken. Robots maken zulke fouten niet en werken veiliger. Experts verwachten daarom dat het aantal robots in distributiecentra de komende jaren enorm groeit.

Gezelschapsdier

Niet alleen gevaarlijke klusjes, maar ook heel precieze werkzaamheden kunnen door robots worden uitgevoerd. Steeds meer ziekenhuizen en medisch specialisten gebruiken robots voor bijvoorbeeld het uitdelen van medicijnen of om bloed te prikken. Steeds vaker ook duiken robots op als gezelschap voor eenzame ouderen.

Robothond Aibo van Sony is zo’n ‘gezelschapsdier’, dat dankzij kunstmatige intelligentie leert van z’n baasje. De cameraoogjes van het ‘dier’ leren het baasje herkennen en –ook handig– het apparaat gaat vanzelf terug naar de ‘oplaadmand’. De robot gedraagt zich als een echte hond en reageert op aanrakingen en commando’s. Voor eenzame ouderen die slecht ter been zijn, heeft de Aibo het grote voordeel dat hij niet uitgelaten hoeft te worden.

Voor kinderen met autisme zijn er speciale robots die helpen gezichtsuitdrukkingen te herkennen. Ook in de operatiekamer leveren robots goed werk. Wereldwijd maken duizenden operatierobots van Da Vinci Surgery bijvoorbeeld ingewikkelde hartoperaties mogelijk. En neurologische en gynaecologische ingrepen worden eveneens steeds vaker met behulp van een robot uitgevoerd. Doordat de hand van de operatierobot veel preciezer kan buigen en draaien dan een menselijke hand, kunnen operaties nauwkeuriger worden uitgevoerd. Digitale verbindingen maken het mogelijk dat bijvoorbeeld een specialist in de Verenigde Staten een operatie in Nederland uitvoert.

In landen met een slechte infrastructuur bewijzen robots ook hun nut als ‘bloedbezorger’. Het Rwandese wegdek laat spoedbezorgingen door de bloedbank niet toe. Robotdrones kunnen per parachute razendsnel een zak bloed op de juiste plaats droppen.

Machtsmisbruik

Onschuldige robots in leger, distributie en zorg nemen veel werk uit handen. Eentonig werk kan gemakkelijk aan machines worden overgelaten. Bijkomende voordelen: robots worden niet moe en ze zijn, in vergelijking met menselijke arbeidskrachten, stukken goedkoper. Maar het werk dat een robot doet, wordt niet meer door mensen gedaan. Dit betekent dat de opmars van de robot voor werkloosheid zorgt. Onderzoek van het Engelse bedrijf Oxford Economics wees uit dat sinds 2000 wereldwijd bijna 2 miljoen menselijke banen door robots zijn overgenomen. In de komende jaren gaat dat aantal fors toenemen, is de verwachting. Tegelijkertijd zijn robots een uitkomst voor bedrijven die moeilijk aan personeel kunnen komen.

Niet alleen werkloosheid, maar ook macht en machtsmisbruik vormen een risico van robots. Zo waarschuwde de Britse natuurkundige Stephen Hawking in 2014 in een interview met de BBC dat de „ontwikkeling van volledige kunstmatige intelligentie het einde van de mensheid zou kunnen betekenen”. De atheïstische hoogleraar herhaalde die waarschuwing later en gaf aan dat robots met kunstmatige intelligentie weleens een „nieuwe levensvorm” kunnen ontwikkelen „die de mens zal overtreffen.”

Rode lijn

Overdreven? Antonio Guterres, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties (VN), gaf een minder dramatische, maar serieuze waarschuwing voor de gevaren van kunstmatige intelligentie: „Technologie moet ons macht geven, niet de macht over ons krijgen.” De VN hebben daarom een platform opgericht van deskundigen die beleid ontwikkelen op het terrein van bijvoorbeeld robots en kunstmatige intelligentie.

Het Amerikaanse ministerie van Defensie gaf in 2020 meer dan 4 miljard dollar uit aan onbemande wapens. Deze autonome wapensystemen zijn bedoeld om mensenlevens te redden: een kapotte vechtrobot is gemakkelijker uit te leggen dan een gesneuvelde soldaat.

Het Amerikaanse leger gebruikt al jaren robots in de vorm van bewapende drones om bijvoorbeeld terroristenleiders uit te schakelen. Om zo’n drone een raket af te laten schieten, is nu nog een menselijke operator nodig die op een knop duwt. Achter de schermen wordt echter ook gewerkt aan robots die met behulp van kunstmatige intelligentie op basis van een algoritme bepalen of er geschoten moet worden. In dat geval bepaalt de computer de dood van een mens. Het is daarom niet vreemd dat de Russische president Poetin in een toespraak zei dat het land met de beste kunstmatige intelligentie heerser van de wereld wordt.

Maar mag dat, een robot bouwen die zelf op basis van een algoritme beslissingen neemt over leven en dood? De ontwikkeling van de robottechniek leidt tot nieuwe ethische vragen. Want wat zijn de ‘regels’ voor het gebruik van robots? Wereldwijd hebben verschillende kerken hun zorgen uitgesproken over bijvoorbeeld het gebruik van drones. Een denktank van onder andere de Church of Schotland en de Engelse United Reformed Church stelde dat „de autonome werking van wapensystemen een rode lijn is die niet mag worden overschreden.”

Rentmeesters

De christelijke hoogleraar Nigel Brooks van de Engelse Oxford Brookes University pleitte een aantal jaren geleden voor de ontwikkeling van een „moreel karakter” bij robots. Het ontwikkelen van regels en programma’s voor robots is niet genoeg, vindt Brooks, die naast zijn hoogleraarschap ook regelmatig voorgaat in kerkdiensten. Robots moeten ”principes” hebben en leren wat de morele gevolgen zijn van wat ze doen, om zich zo te ontwikkelen tot „robot met een goed karakter”. Wat daar ook van te vinden is, zulke ideeën leiden ook weer tot andere vragen. Wereldwijd denken theologen na over vragen zoals: Kunnen robots een geweten hebben? Kunnen robots zondigen? Wat betekenen robots voor het christelijke mensbeeld? Wat betekent het werk dat robots doen voor de christelijke visie op werk?

Antwoorden zijn nog niet zo eenvoudig, maar mensen hebben als rentmeesters van de schepping een zware verantwoordelijkheid om zorgvuldig om te gaan met die schepping. Dat geldt niet alleen de zorg voor het milieu, maar ook het gebruik van technologie.


Zwoegende machines

Ruim honderd jaar geleden gebruikte de Tsjechische toneelschrijver Karel Capek voor het eerst het woord robot. Het woord is een al eiding van ”robota”, dat zwoegen betekent. De robots in het toneelstuk R.U.R. zijn een soort mensachtige machines die alles eten en alles doen wat wordt gevraagd, totdat ze in opstand komen tegen de mensen. Uiteindelijk doden de robots alle arbeiders op één na.

Niet lang na Capeks toneelstuk bouwde de Japanse bioloog Makoto Nishimura een robot met de naam Gakutensoku, wat zoiets als ”leerling van de natuur” betekent. Het apparaat werkte op luchtdruk en kon gezichtsuitdrukkingen nabootsen, zijn hoofd schudden en zijn handen bewegen.

Kort voor de Tweede Wereldoorlog werd de robot Elektro gebouwd. De machine was ruim 2 meter hoog, zag er uit als een mens en kon lopen, sigaretten roken en ballonnen opblazen. Bovendien ‘sprak’ de robot 700 woorden.

Vanaf de jaren vijftig zette de ontwikkeling van de robot een spurt in. In 1961 nam General Motors een robotarm in gebruik om auto’s te bouwen.

Vooral Japanse fabrikanten hadden oog voor de mogelijkheden die robots boden. In de jaren tachtig telde Japan in korte tijd duizenden robots. Computers werden kleiner en sneller en daarmee kregen robots meer mogelijkheden.

De ontwikkeling van kunstmatige intelligentie maakte robots ‘slimmer’. Eind jaren zestig bouwde het Stanford Research Institute de robot Shakey. Deze robot kon zelf opdrachten analyseren en opsplitsen kleinere onderdelen. Shakey was het begin van een ontwikkeling waarbij robots bijvoorbeeld zelf de weg leerden vinden en voorwerpen konden herkennen. Zo’n dertig jaar later zorgde kunstmatige intelligentie in robots ervoor dat zij zelf beslissingen konden nemen.

Dit artikel werd u aangeboden door: Terdege

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 14 april 2021

Terdege | 130 Pagina's

Steeds meer robots op de werkvloer

Bekijk de hele uitgave van woensdag 14 april 2021

Terdege | 130 Pagina's