De Dominee en Zijn Traktement
Bij wie is de dominee in dienst? En wie betaalt hem? Voor veel mensen is dat niet duidelijk. Er zijn predikanten die het idee hebben in dienst te zijn van de kerkenraad. Er zijn kerkenraden die zich als ‘werkgever’ van de dominee gedragen. En er zijn mensen die menen dat de predikant na elke dienst de inhoud van de collectezak krijgt. In dit artikel ga ik in op de positie van de predikant.
De Predikantsplaats
In veel gemeenten wordt gecollecteerd voor de ‘instandhouding van de predikantsplaats’. Daarmee is duidelijk dat er gecollecteerd wordt om de predikant, de pastorie en andere kosten die het hebben van een predikant met zich meebrengt te betalen. Er wordt echter niet gecollecteerd ‘voor de predikant’. Bij elke (wijk) gemeente is een zogenoemde ‘predikantsplaats’ gevestigd. Die predikantsplaats is niet tastbaar, het is eerder te vergelijken met een ‘fonds’. De gelden die in een ‘fonds’ verzameld zijn, zijn alleen voor dat doel bestemd. Zoals bijvoorbeeld voor het ‘bouwfonds’. Zo wordt er ook voor de predikantsplaats gecollecteerd. Toch is een predikantsplaats meer dan een ‘fonds’. De kerkorde verwoordt dat als volgt:
Ter verzekering van de vrijheid van het ambt van dienaar des Woords wordt voor de predikant tot gewone werkzaamheden geroepen een predikantsplaats gevestigd waaraan inkomsten en rechten zijn verbonden voor hem en zijn nabestaanden (ordinantie 13-11-1).
De predikantsplaats is bedoeld om ‘de vrijheid van het ambt van dienaar van het Woord’ te borgen. Een predikant woont en werkt in het midden van een kerkelijke gemeente. Hij dient jong en oud. Bovenal is hij echter dienaar van het Woord van God. Een predikant moet vrij zijn om vanuit het Woord te spreken. Zijn predikantswerk is dan ook werkelijk pro Deo (voor God). De boodschap van het Woord is echter scherp en tegelijk vol liefde. Er zijn altijd ambtsdragers en gemeenteleden die daar een mening over hebben en die hun invloed gebruiken om een predikant en de verkondiging een bepaalde kant op te duwen, bij het Woord vandaan. Daarbij kan geld een zeer gevaarlijke rol spelen.
‘Wiens brood men eet, wiens mond men spreekt.’ Om dat te voorkomen is de predikant niet in dienst van de kerkenraad of van de gemeente, maar ‘staat hij op een predikantsplaats’. Deze predikantsplaats wordt niet door een kerkenraad of college van kerkvoogden ingesteld, maar wordt op hun verzoek, door het breed moderamen (dagelijks bestuur) van de classis bij een gemeente gevestigd. De rechtspositie van de predikant is verbonden aan de predikantsplaats en hij heeft recht op de inkomsten die bij deze predikantsplaats horen en op de ligger vermeld staan. Aan de predikantsplaats kunnen ook ‘opbrengsten’ verbonden zijn. Vroeger gold dat bijvoorbeeld voor opbrengsten van landerijen. Zover ik weet is dat binnen de Hersteld Hervormde Kerk echter nergens meer van toepassing.
Werktijd En Beroepingsplicht
Er wordt altijd gesproken over een predikantsplaats. De werktijd van de predikantsplaats wordt berekend in dagdelen, waarbij een predikantsplaats voor de volledige werktijd twaalf dagdelen telt. Wanneer een predikantsplaats kleiner dan vier twaalfden is, mag er niet worden beroepen. Daarentegen als een predikantsplaats vier twaalfden of groter is en vacant is, geldt een plicht om elk kwartaal een beroep uit te brengen (ord. 3-17-4). De achterliggende gedachte is dat in een gemeente drie ambten aanwezig behoren te zijn. Het is duidelijk dat een predikant en een kerkenraad niet rekenen in ‘werkuren’, maar in ‘taken’. Een predikant verricht de taken die in de kerkorde staan en die in overleg met de kerkenraad worden vastgesteld (ord. 13-2). Die taken moeten in redelijkheid binnen de beschikbare tijd kunnen worden uitgevoerd. Om die reden moet er voor predikanten in deeltijd een ‘werkplan’ zijn (ord. 13-3-3). Het staan op een predikantsplaats betekent dus niet dat de predikant ‘een vrijbuiter’ is die naar eigen inzicht alles kan bepalen.
Een Contract?
Een predikant heeft nadrukkelijk geen (arbeids) contract met de gemeente. Hij kan ook niet door een kerkenraad of college van kerkvoogden worden ontslagen. Mocht er onverhoopt reden zijn om als gemeente en predikant elkaar los te laten, dan moeten daar classicale en landelijke organen over besluiten (ord. 13-31). De rechten en verplichtingen van gemeente en predikant zijn vastgelegd in een zogenoemde ‘ligger’. Hierop is bijvoorbeeld vermeld: het recht op het basistraktement, de vrije bewoning van de pastorie of de vervangende woonruimte, de pensioenregeling en de arbeidsongeschiktheidsvoorziening. Deze ligger wordt meegestuurd bij de beroepsbrief. Als de predikant een beroep aanneemt, aanvaardt hij ook de rechten en verplichtingen die op de ligger vermeld staan.
Solvabiliteitsverklaring
Voordat een beroep kan worden uitbracht moet een gemeente bij de commissie toezicht en financiën van de landelijke kerk een aanvraag voor een solvabiliteitsverklaring indienen. De commissie toetst of de gemeente in staat is om de lasten en de plichten die aan de predikantsplaats verbonden zijn te dragen.
Pas als deze verklaring is afgegeven en het breed moderamen van de classicale vergadering toestemming heeft verleend, mag door een gemeente een beroep worden uitgebracht. De beroepen predikant hoeft hierdoor in zijn overwegingen geen rekening te houden met de ‘stoffelijke’ aspecten en dit dient de geestelijke zaak van het beroepingswerk.
Het (Basis)Traktement
Het traktement van de predikant bestaat uit twee onderdelen: het basistraktement en de periodieke verhogingen. Het basistraktement wordt vanuit de predikantsplaats betaald. Dat betekent dat de penningmeester van het college van kerkvoogden dat bedrag maandelijks overmaakt naar de predikant. Dit basistraktement is voor elke predikant gelijk. Echter, een predikant met een beperking van de werktijd zal naar rato minder ontvangen. Voor een gemeente maakt het in financieel opzicht dus niet uit of een jongere of een oudere predikant wordt beroepen. Voor een predikant maakt het niet uit of hij in een grote of een kleine gemeente wordt beroepen. In alle gevallen is het basistraktement gelijk. Dit systeem voorkomt ongelijkheid en ongeestelijke afwegingen bij zowel het uitbrengen van een beroep als het overwegen ervan. Toch ontvangt een oudere predikant meer traktement dan een jongere predikant. Dat onderscheid ontstaat door de ‘periodieke verhogingen’. Vanaf het dertigste levensjaar tot en met het vijfenveertigste levensjaar krijgt de predikant elk jaar een verhoging. Deze verhoging wordt maandelijks vanuit de landelijke kerk aan de predikant betaald. Om dit te kunnen betalen wordt door elke gemeente elk jaar een bepaalde afdracht aan de landelijke kerk gedaan. Daarnaast zijn er nog diverse vaste kostenvergoedingen die door de gemeente aan de predikant worden betaald.
Wie Stelt Het Vast
De hoogte van alle traktementen, vergoedingen en andere rechten en verplichtingen wordt bepaald door de commissie toezicht en financiën. Dit gebeurt jaarlijks. De commissie kan aanpassingen alleen doorvoeren nadat overleg heeft plaatsgevonden in het ‘georganiseerd overleg’ (ord. 13-42). Dit overleg bestaat onder andere uit afgevaardigden van predikanten, afgevaardigden van kerkvoogden uit zowel ‘aangepast’ als ‘vrij’ beheer gemeenten en afgevaardigden van de commissie toezicht en financiën.
De verschillende belangen worden hierin afgewogen en er wordt gezocht naar wat redelijk en billijk is. Een gemeente mag hier vervolgens niet van afwijken. Al deze bepalingen zorgen ervoor dat stoffelijke zaken met orde geregeld zijn en de aandacht van kerkenraad en predikant vooral gericht zijn op de verkondiging van het Woord tot uitbreiding van het Koninkrijk van God.
Betrokken artikelen uit de kerkorde (te vinden op de website van de kerk: www.hhk.nl/kerkorde):
• Hoofdstuk II en IX van ordinantie 13.
• Generale regeling voor de predikantstraktementen en predikantspensioenen.
• Op de website zijn ook de modellen te vinden van de ligger en andere documenten met betrekking tot de predikantsplaats en het beroepingswerk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 maart 2024
Zicht op de kerk | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 maart 2024
Zicht op de kerk | 32 Pagina's