Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Het hele gezin leed onder mijn burn-out”

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

„Het hele gezin leed onder mijn burn-out”

8 minuten leestijd Arcering uitzetten

Icter Pieter van Wijck (35) weet er alles van hoe het is om met een burn-out thuis te zitten. In mei 2014 meldde hij zich ziek. Nu, anderhalf jaar later, doet hij vrijwilligerswerk, nadat een re-integratiepoging tot twee keer toe mislukte.

In de maanden voorafgaand aan zijn ziekmelding tobde de Terneuzenaar met steeds terugkerende keelontstekingen en vermoeidheid. Antibiotica hielpen nauwelijks. Vervolgens kreeg hij ook nog eens pijn op de borst. „Ik ging me afvragen: Heb ik iets met mijn longen? Longkanker misschien?”

De huisarts zocht echter in een andere richting. De klachten waren volgens hem een voorbode van een burn-out. „Daar wilde ik eerst niet aan. Totdat ik zelf ook de signalen in de gaten kreeg. Zo ontdekte ik dat ik diverse werkmails wel moest hebben gelezen, maar totaal niet had geregistreerd wat erin stond. Verder hoorde ik me in gesprekken met klanten fouten maken.”

Een maand nadat hij bij de dokter was geweest, ging het helemaal mis. „Ik reed naar mijn werk, maar moest de auto langs de kant van de weg zetten. Ondertussen liet ik mijn tranen de vrije loop. Toen werd het me duidelijk: dit gaat niet langer meer.”

Nauwelijks vakantie

Terugkijkend wijst Van Wijck verschillende oorzaken aan die tot zijn burn-out hebben geleid. „In 2011 overleed mijn moeder op vrij jonge leeftijd. Ik heb me toen niet de gelegenheid gegeven dit te verwerken, maar me op mijn werk gestort. Ik had een fantastische baan waar ik erg van genoot, maar wat ik allemaal deed, was eigenlijk te gek voor woorden. Klanttevredenheid stond voor mij bovenaan. Maar door de crisis werden klanten steeds veeleisender, waardoor de druk toenam. Het vroeg erg veel van me om iedereen tevreden te houden.”

Van Wijck gunde zich jarenlang nauwelijks vakantie. „Drie à vier keer per jaar nam ik krap een week vrij. Halverwege belde ik dan naar het werk of alles goed ging. Uiteindelijk kostte mijn baan me meer energie dan die opleverde.”

Nadat hij noodgedwongen thuis kwam te zitten, adviseerde de bedrijfsarts hem een tijd niet te werken en alleen maar activiteiten te ondernemen waar hij zin in had. „Dat vond ik heel moeilijk. Doordat ik ineens thuiszat, viel ik in een enorm gat en werd ik depressief. Leuke dingen doen was voor mij eigenlijk niet eens mogelijk.”

Nieuwe start

Twee keer probeerde hij zijn werk weer op te pakken. De eerste keer lukte het hem om uiteindelijk weer volledige werkweken te maken. Het duurde echter niet lang voordat hij opnieuw instortte. „Ik liep op dezelfde manier vast als eerst.”

Een tweede poging, kort daarna, mislukte ook. „Een gesprek met een klant liep erg moeilijk. De dag ervoor had ik te horen gekregen dat mijn salaris naar 70 procent zou gaan, omdat ik het tweede ziektejaar inging. Dit is wettelijk zo geregeld, maar niettemin was het zo’n klap dat ik weer terugviel.”

Nu doet de Zeeuws-Vlaming twee keer per week eenvoudig vrijwilligerswerk in een buurthuis en helpt hij kennissen met kleine klussen. „Ik moet weer langzaam opbouwen en kan nog geen taken met verantwoordelijkheid aan.”

Leerzame tijd

Voor Van Wijck en zijn gezin is de toekomst onzeker. „Financieel redden we het, hoewel er op mijn werkende vrouw nu een grotere verantwoordelijkheid rust. In mijn baan had ik veel opgebouwd, maar met weinig diploma’s. De vraag is of ik volledig herstel en wat ik in de toekomst aankan.”

Financiën zijn echter bijzaak geworden voor de Terneuzenaar. „Toen ik nog werkte, had ik onvoldoende oog voor mijn vrouw en twee kinderen. Daarna hebben ze geleden onder mijn ziek-zijn. Ik heb zelfs een tijdje bij mijn vader gewoond omdat het thuis niet meer ging, ik kon geen drukte verdragen. Nu heb ik andere prioriteiten, waarbij mijn gezin absoluut op nummer 1 staat. In die zin is afgelopen anderhalf jaar een leerzame tijd geweest.”

Grenzen stellen

Wat adviseert hij anderen die tegen een burn-out aan zitten? Van Wijck: „Let serieus op de signalen van je lichaam. Heb je vaak hoofdpijn? Rare kwaaltjes? Zeggen anderen tegen je dat je gestrest overkomt? Neem gas terug. Probeer grenzen te stellen, nee te zeggen. Dat is moeilijk als je een gedreven persoon bent, maar belangrijk als je niet over de kop wilt gaan.”

Voor mensen die re-integreren na een burn-out heeft de Zeeuw ook enkele ervaringstips. „Als je al in een burn-out zit en je werk weer wilt oppakken, neem dan niet te veel hooi op je vork. Wees je bewust van de valkuil om op de oude manier door te gaan. Dan is de kans dat het misloopt heel groot. Herstel heeft gewoon veel tijd nodig. Gun jezelf die en laat je niet gek maken door een bedrijfsarts die je het liefst elke week een uur meer laat werken.”


Internet en mobieltje belangrijke stressbronnen

”Werkstress vergroot risico op beroerte”, ”Aantal burn-outs flink toegenomen na crisis”, ”Jongere lijdt onder werkstress”; enkele recente krantenkoppen over „beroepsziekte nummer 1” klinken bijzonder alarmerend. Maar: wat is een burn-out eigenlijk? Kan iedereen die krijgen en hoe kom je er weer van af?

Volgende week is het Week van de Werkstress. Deze overheidscampagne is bedoeld om het gesprek tussen werkgever en werknemer over werkstress te stimuleren. Stress op de werkvloer is namelijk de belangrijkste veroorzaker van een beroepsziekte. Elk jaar lopen ruim 1 miljoen mensen het risico op een burn-out. Meer dan een derde deel van het ziekteverzuim komt door te hoge werkdruk.

Van een burn-out, aldus Pieter Dingemanse (1976), auteur van het boek ”Wat burnout met je doet” en klinisch psycholoog bij Altrecht GGZ, is sprake als iemand mede door zijn werk ernstig vermoeid raakt en daarbij lichamelijke klachten krijgt. Typerend is verder dat een burn-out niet van de ene dag op de andere ontstaat, maar het sluitstuk is van spanningsklachten die al langer aanwezig zijn, aldus de therapeut.

Kan iedere werknemer deze beroepsziekte krijgen?

Dingemanse: „Iederéén kan die krijgen. Een burn-out ontstaat als de verhouding tussen draagkracht en draaglast langdurig wordt verstoord. Neem het voorbeeld van een accu. Dat ding krijgt energie als je hem aan de stroom legt en verbruikt energie zodra je hem gaat gebruiken. Dat laatste kan niet onbeperkt.

Hoe snel bij mensen de accu leeg raakt, is per individu verschillend. Ook raakt bij de een de accu weer veel sneller vol dan bij de ander. Los daarvan lijkt het erop dat mensen die in de zorg of het onderwijs werken een verhoogd risico lopen op een burn-out. Verder vergroten alle dingen die stress veroorzaken de kans op geestelijke uitputting. Denk bijvoorbeeld aan een reorganisatie die eraan zit te komen, of conflicten op het werk.”

Is een burn-out van alle tijden?

„Dat durf ik niet met zekerheid te zeggen. Feit is dat er de laatste decennia meer aandacht voor is gekomen. Aangenomen wordt dat de sterk toegenomen informatiestroom een belangrijke veroorzaker is van werkstress. Vroeger leegde je één keer per dag je postvak, nu krijg je doorlopend e-mails, soms tientallen op één dag. Ook heeft iedereen een mobiele telefoon waardoor je voortdurend gestoord kunt worden. Dat legt een enorme mentale druk op mensen.”

Volgens ArboNed komt verzuim door stress op steeds jongere leeftijd voor. Herkenbaar?

„Ik kan me voorstellen dat de leeftijd voor burn-out omlaaggaat. Juist jongeren zijn vaak naast hun baan actief met internet en mobiele telefoon. Dat zorgt voor extra mentale belasting. Daarnaast was de arbeidsmarkt voor jongere werknemers de afgelopen jaren niet bepaald gunstig. Velen van hen werken met een tijdelijk contract, waardoor ze geen baangarantie hebben. Dat zorgt voor onzekerheid. Verder eisen jongeren doorgaans veel van zichzelf in het sociale leven. Vakantie gebruiken ze meestal niet zozeer om tot rust te komen, als wel om verre reizen te maken en avonturen te beleven.”

Hoe kan een burn-out worden voorkomen?

„Zorg ervoor dat de accu voldoende opgeladen blijft. Als er structureel meer energie uitgaat dan erin komt, gaat het vroeg of laat mis. Hoe de balans tussen inspanning en ontspanning op orde gehouden kan worden, is voor iedereen verschillend. De een ontspant door lekker te luieren, de ander door intensief te sporten.

Belangrijk is verder dat je regelmatig als het ware een thermometer in jezelf stopt. Als je merkt dat je lichaam signalen afgeeft van overbelasting, reageer dan onmiddellijk. Dat kan bijvoorbeeld door plezierige activiteiten te ondernemen waardoor je weer nieuwe, positieve energie krijgt.”

Stel, u spreekt een zaal werkgevers toe over werkstress. Wat is uw belangrijkste advies?

„Houd contact met de werknemer. Bespreek of iemand stress ervaart en waardoor dat precies komt. Misschien moeten er werktaken anders worden verdeeld, of meer pauzes worden ingebouwd. Soms kan de bron van stress niet worden weggenomen, maar is het feit dat iemand zich door de werkgever gesteund weet voldoende om het vol te houden. Het belangrijkste is dat zowel werkgevers als werknemers op de balans letten.”

De omgeving van iemand met een burn-out reageert niet altijd tactvol.

„Niet iedereen is ervan gediend om telkens maar de vraag te krijgen hoe het nu gaat en of er al vooruitgang is te bespeuren. De ene persoon is de andere niet. Mijn advies? Vraag gewoon aan iemand met een burn-out wat hij of zij nodig heeft.”

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 2015

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

„Het hele gezin leed onder mijn burn-out”

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 2015

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken