CGK Zeist: verouderde, maar warme familie
“De gemeente leeft met elkaar mee als een soort familie. Wel wordt die familie ‘ouder’. De jongeren trekken weg.” Aan het woord is zr. Hetty Mannessen (60). Haar familie behoort al generaties lang tot de gemeente.
“Mijn opa was koster van 1933 tot 1972. Mijn vader werd diaken in 1974. En ik kwam dus als derde generatie op catechisatie, jeugd-, jongvolwassenen- en vrouwenvereniging. Op de jeugdvereniging leerde ik mijn man kennen. Onze oudste dochter is met haar gezin ook lid hier: de vierde en vijfde generatie.”
“Ik ben al sinds mijn geboorte lid van deze warme gemeente”, vertelt Berendjan Sok (28). “Mijn ouders komen oorspronkelijk uit de CGK van Nieuw- Balinge. Toen zij in Woudenberg gingen wonen, kozen zij ervoor om naar Zeist te gaan, wat toen de dichtstbijzijnde gemeente was.”
Zr. Kleyn-Noorlandt (86) werd in 1972 samen met haar eerste man lid in Zeist: “Ik kwam van Flakkee en was verpleeg kundige in Rotterdam, dus moest erg wennen. Maar ik kreeg hier een groot gezin: ik werd directrice van een bejaarden tehuis! Helaas is de gemeente veel kleiner geworden. En dat er zo weinig jongelui zijn is nog het meest erge. Onder de tien zijn ze denk ik op twee handen te tellen. Ik vind dat best verdrietig. Jaren geleden was er een bloeiende JV, maar stelletjes gingen ergens anders wonen: hier was het te duur. Toen wij kwamen waren er ongeveer 400 leden, nu minder dan 150.”
“We hebben ongeveer 130 leden”, vertelt Hetty. “De gemeente is steeds kleiner geworden, al is ze nooit echt groot geweest. Dit jaar zijn er acht gemeenteleden overleden. Dat is veel, ook al is de gemeente aan het verouderen.”
Berendjan was een jaar of zeventien toen prof. Kater (toen nog dominee) Zeist verliet om een andere gemeente te dienen: “In die tijd hadden we rond de 250 leden, wat langzaam naar beneden zakte. Jonge gezinnen trokken weg. Waar er voorheen veel jeugd was, kwam geen nieuwe aanwas. De verenigingen werden kleiner. We kregen onderwijs van verschillende predikanten en soms van een ouderling. De betrokkenheid op elkaar bleef wel aanwezig. Die werd zelfs versterkt door het kleiner wordende aantal leden!”
“In die vacante periode”, vertelt hij verder, “liet God me zien, door woord en daad van mensen in de gemeente, dat het goed is om de HEERE te dienen. Dat zette me aan het denken. Hij veranderde die mensen daadwerkelijk naar Zijn beeld. Toen we een nieuwe predikant kregen, opende God mijn ogen voor het Evangelie en liet Hij zien dat in Zijn Zoon alles al volbracht is. Dat we door Zijn Goddelijke kracht alles ontvangen wat tot het leven en de godsvrucht behoort en dat de Heilige Geest nog steeds werkt in onze gemeente door het Woord.”
“En al is geen kerk volmaakt, door de onvolmaakte mensen daarin”, stelt Hetty, “waar we bezig mogen zijn met Gods Woord, wil Hij bij ons zijn. Hij gaat door met Zijn werk!”
Met dertig in de kerk
De beide zusters kunnen zich goed vinden in het kerkenraadsbeleid met het oog op de coronaregels. Hetty: “De landelijke richtlijnen van de CGK worden gevolgd. Ik vind het daarbij fijn dat er een paar zangers zijn voor de gemeentezang.”
Zr. Kleyn stemt in: “Het is wijs beleid om met niet meer dan dertig samen te komen en het is inderdaad fijn dat er wordt gezongen.”
Berendjan heeft echter zijn twijfels: “Dat we op dit moment als gemeente niet bij elkaar komen, ervaar ik als een gemis. Ik begrijp het eerlijk gezegd gewoon niet. Er komen allerlei vragen in me op over gemeentezijn. In hoeverre geldt de gehoorzaamheid aan adviezen van de overheid, terwijl God ons oproept om de samenkomsten niet te veronachtzamen? Als onderdelen van het lichaam van Christus heb je elkaar nodig, geloof ik, en daarom is ontmoeting belangrijk. Door beperkende maatregelen gebeurt dat nu niet, wat echt zorgelijk is, denk ik.”
“Je hebt elkaar inderdaad nodig om een levend lid te zijn”, vindt ook zr. Kleyn. “Met een enkeling praat ik wel bij over de preek en zo. Je mist de ontmoetingen heel erg, ook de vrouwenochten den met sprekers, die waren zo fijn. En wijkavonden … al die mooie dingen. Ik kijk ernaar uit om weer naar de kerk te gaan.”
“Er zijn zeker ook mooie dingen te benoemen, waarin er flexibel wordt omgegaan met de situatie”, vindt Berendjan. “De Kerstviering bijvoorbeeld hebben we wel kunnen houden in besloten kring. We hebben Avondmaal gevierd, wat echt een heerlijke bijeenkomst was. Gods Naam moet eeuwig eer ontvangen, dat is een hoofdreden waarom we samenkomen. Hij is in beheer, dat staat boven alle maatregelen en mensen die ziek worden.”
De CGK Zeist heeft ca. 130 leden. Sinds 2015 is ds. J. Hoefnagel hun predikant.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 2021
De Wekker | 24 Pagina's