Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Hooggeachte Broeder Ds. N.!

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Hooggeachte Broeder Ds. N.!

6 minuten leestijd

Het werd mij vergund, door dit bladeken mede te werken aan de welvaart der gemeente onzes Heeren door al wat die gemeente aantast, bestookt of laakt tegen te staan en den vijand te toonen, dat wij staan in de mogendheid des Heeren Heeren.
Ik zal dit niet doen door geleerde betoogen of door fantastische bespiegelingen, want geleerd ben ik niet en van bespiegelingen houd ik niet. Ik wil slechts zakelijke opmerkingen geven en den heilbegeerigen lezer van ‘t St. Wekkertje daardoor ernstiglijk aansporen om te bidden en te werken terwijl het dag is. Vooral in deze dagen, nu Ds. Kuyper en zijne volgelingen het er op toeleggen de Christ. Ger. Kerk in haar bestaan te fnuiken, moet ieder, die in de geschiedenis dier kerk de almachtige en wonderdoende hand des Heeren leerde erkennen, pal staan om de belangen der Kerk te verdedigen en te beschermen. En aangezien het niet allereerst de wijzen dezer wereld zijn, niet de betoogers over Gereformeerd en Ongereformeerd, niet de wetenschappelijke schrijvers over kerkrecht en kerkregeering, maar ‘t eenvoudig, vrome volk, dat de daden des Heeren leerde erkennen en op de knieën om de komst van Gods Koninkrijk vraagt, wil ik allermeest dat volk op den nood des tijds wijzen en in ‘t bijzonder op die der Christ. Ger. Kerk.
Ik vang mijne losse aanteekeningen aan met eene mededeeling van onzen Uitgever, nl. dat de Redacteur van de Bazuin, het weekblad der Christ. Ger. Kerk, weigerde de volgende advertentie op te nemen:

«Afscheiding of Doleantie?
De Redactie van het Stichtsche Wekkertje verzoekt aan alle Christ. Ger. predikanten, kerkeraden en leden, die niet op doleergebied willen overstappen, maar Christelijk Gereformeerd (d.i. op den bodem der scheiding) wenschen te blijven staan, hun adres op te geven aan onzen Uitgever H. Melder te Utrecht.»

De Redacteur van de Bazuin Ds. Gispen, Christ. Ger. predikant te Amsterdam, zegt in de «Correspondentie » van ‘t jongste nr. der Bazuin: «Inhoud en strekking (dier advertentie) is in strijd met den stelregel van de Bazuin, om niets op te nemen van wat tot het gebied der kerkelijke vergaderingen behoort en door deze behandeld moet worden.»
De voorzichtigheid heeft hier weer de wijsheid parten gespeeld! Hoe de redacteur Ds. Gispen in deze advertentie iets kon ontdekken, dat tot het gebied der kerkelijke vergaderingen behoort en daar behandeld moet worden, zal ieder gewoon menschenkind een groot raadsel zijn. ‘t Is ons echter een groot genoegen, naar aanleiding van dit feit Ds. Gispen, predikant der Christ. Ger. Gemeente te Amsterdam en redacteur van de Bazuin, te hebben leeren kennen in zijne verhouding tot de doleantie en wij kunnen dus thans constateeren:
a. de Redactie van de Bazuin is thans in handen van een predikant der Christ. Ger. Kerk, die tot elken prijs de langgezochte «vereeniging» met de Doleerenden wil;
b. advertentiën van Christelijke Gereformeerden, waarin zelfs geen schijn van kwaad ligt, maar waaruit aan des redacteurs hulpbureau te Kampen kwaad gezogen wordt, worden door de Bazuin geweigerd; (¹)
c. de Bazuin is niet meer het blad der Christ. Ger. Kerk, maar dat van eene partij dier Kerk, die, het koste wat het wille, de Christ. Ger. Kerk met de Doleerende Kerk wil vermengen. —
Ik ben vóór deugdelijke vereeniging, tegen vermenging. — Meer wil ik thans niet van ‘t feit zeggen. Alleen verzoek ik de Redactie van Het St. Wekkertje van dit Nr. eenige duizenden exemplaren te laten drukken, opdat aan alle bekende adressen van Christelijke Gereformeerden een of meer exemplaren kunnen worden gezonden, opdat men wete in welke richting thans de Bazuin geduwd wordt. —
Wel was er in de Bazuin plaats voor een ingezonden stukje van den heer J.C. Sikkel, doleerend predikant te den Haag, waarin deze Docent Lindeboom aanvalt over diens uitdrukking: «in den fuik der doleerenden loopen!» (²)
Als men een staaltje van jeugdige overmoed en van verregaande onbedaclitzaamheid wil, leze men dat ingezonden stukje! De heer Sikkel zegt o.a. «Mocht de heer L. verder uit indrukken en gedachten en voorstellingen gronden voor zijn oordeel nemen, ik hoop zeer, dat hij gelukkiger mag zijn, DAN HIJ in dit geval TOT HIERTOE WAS.”
Dat zegt iemand, die pas komt kijken van een man als Docent Lindeboom, die zoo buiten als in de Christ. Ger. Kerk geliefd en geacht wordt als een der grootste en gezegendste talenten, die de Christ. Ger. Kerk ooit bezat. De heer Sikkel moest wijzer wezen en zich eens afvragen of de bescheidenheid niet vordert, dat hij met zulke euvele taal wacht totdat hij er op kan wijzen, met ook woord en daad zóó warm en met zooveel vrucht voor de gemeente des Heeren te hebben gestreden als Docent Lindeboom.
De Bazuin — en wij wijden er zooveel woorden aan omdat het weleer ons liefste blad was — heeft voor ons volk al haar geur en kleur verloren. Men vergelijke slechts den inhoud van het laatste halfjaar met die van voor enkele jaren. Wat heeft ‘t eenvoudig volk thans aan de Bazuin!
En hiermede eindig ik ditmaal. «Niet veel zaaks,» zegt gij misschien op hetgeen ik u mededeelde. En ik ben het met u eens, als gij niet den indruk op veel, maar op zaaks legt. Ik wees op slechts een paar zaken, maar die zijn dan ook zóó ingrijpend kenmerkend, dat zij den stand van zaken met sprekende kleuren afmalen! En daarom zal het mij, zoo menigmaal ik iets schrijf voor dit blaadje, te doen zijn! In alles waar, zonder bespiegeling en met heenwijzing naar de drogredenen, waardoor men den eenvoudige zoekt te verschalken en hem onder de leus «Vrede, vrede en geen gevaar!» diets maakt, dat rooskleurig is wat, op den keper beschouwd, enkel wanstaltig moet heeten.
Ik doe aan het jagen naar den schijn niet mede! Ik zoek den vrede en jaag dien na, maar doe dit niet ten koste der waarheid! Ik zal daarbij de naakte feiten onder de oogen zien, in de hoop, dat de Heere mij nog maar verwaardigen, om mede te helpen aan eene vernieuwden bloeitijd van de gemeente des Heeren, waarin men wat minder raast en tiert over kerkrecht en kerkregeering, maar veel meer gewaagt van den dikwijls verborgen omgang met den eeuwiglevenden Koning der Kerk, van een godzaligen wandel en de wonderen van genade, waarin den bloei der gemeente onzes Heeren helderder uitkomt dan in veel gepraat en geschrijf. Heilbiddend,

t.t.

(¹) Reden, om liever in Gidion te adverteeren.

(²) Een aanval kan ‘t niet heeten; de heer Sikkel zegt eigenlijk niets: ‘t is alles sukkelachtig. Redactie.

Dit artikel werd u aangeboden door: De Wekker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 februari 1889

Het Stichtsche Wekkertje | 4 Pagina's

Hooggeachte Broeder Ds. N.!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 februari 1889

Het Stichtsche Wekkertje | 4 Pagina's

PDF Bekijken