Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De komst van Zions Koning (II)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De komst van Zions Koning (II)

7 minuten leestijd

»Ziet, uw Koning zal u komen ” Zach. 9 : 96.

Wat de profeet Zacharia in den naam es Heeren zijnen tijdgenooten verkondigt, zien we met de volheid des tijds in vervulling treden. Op bijzondere wijze was de komst van Zions Koning voorbereid. In Johannes den Dooper treedt op de groote heraut, die voor zijn aangezicht zou henen -gaan ais wegbereider. Een nog veel uitnemender heraut dan deze Johannes verscheen in den engel Gabriël, die de geboorte Tan dezen Koning aankondigt.
Hierbij moet echter wel bedacht, dat die aankondiging niet uitsloot het bestaan van dezen Koning, vóórdat Hij in het Wonder-kindeken in Bethlehem werd begroet.
Christus was Koning, daartoe reeds van eeuwigheid gezalfd. Hij was Koning, ook onder de oude bedeeling.
Maar Zijn komen, door Zacharia bedoeld, et op Zijn komen in de menschelijke natuur, den broederen in alles gelijk geworden uitgenomen de zonde.
Dit komen zou het wonder aller won-deren zijn.
God en mensch in eenigheid Zijns persoons, de verwachting der vaderen,de vreugde des hemels, de schrik van de hel, de Verlosser van zondaren, Immanuël, God met ons!
Als een rijsje uit den afgehouwen tronk van Isaï, als een wortel uit eene dorre aarde, als een Man van Smarten en verzocht in krankheden, zal Gods heilig kind Jezus zich openbaren, die, niettegenstaande al de nederigheid van Zijne openbaring, op de ondubbelzinnigste wijze zal toonen, dat in Hem de waarachtige God en het eeuwige leven onder de kinderen der mensehen is afgedaald.
Daarom schrijft een Johannes van Hem: En wij hebben Zijne heerlijkheid aanschouwd, eene heerlijkheid als des Eeniggeborenen van den Vader, vol van genade en waarheid.”
Toch zal de wetenschap dezer wereld in dezen beloofden Koning geene heerlijkheid.
Alleen Zion zal het zien, de kinderkens zullen verstaan, wat voor de wijzen en verstandigen (in eigen oogen) verborgen blijft.
Geen Koning zal ooit eene macht en eene heerlijkheid ontwikkeld en geopenbaard hebben als Christus, de Koning van Zijn zion. De stormen zullen zwijgen op Zijn machtwoord, en de golven der zee zullen stil worden op Zijne wenken.
De kranken zal Hij genezen, de dooden Ben herleven, zelfs de duivelen zullen Hem onderworpen zijn.
Die Koning, in wien zoo oneindig veel meer dan in Salomo aanschouwd zal worden, zal te gelijk ook Profeet en Priester zijn. De heerlijkste voorzeggingen gaan aan Zijne Komst vooraf, de duidelijkste omschrijving wordt in den naam des Heeren van Hem gegeven.
Al de eeuwen door is het volk der belofte, het nakroost van Abraham, in Hem de verlossing beloofd.
Dit deed Gods Zion in benauwde tijden zuchten: „Och, dat Israëls verlossing uit Zion kwame!”
De belofte des Heeren »UW Koning zal u komen!” was dan ook voor de Kerk des Heeren, voor het erfdeel Gods, eene stof van geheel eenige blijdschap.
En met het oog op de profetieën en beloften omtrent den Heere Christus, als Zions Koning gedaan, zou men allicht hebben vermoed, dat deze geheel eenige Koning alom zou erkend en geëerbiedigd worden.
Geen koning heeft echter zoovele en zulke machtige vijanden als Hij.
Maar al woeden tegen Hem de Heidenen, en al bedenken de volken ijdelheid, — al moet Christus éénmaal aan het kruis en vloekhout sterven als een misdadiger, — en al prijkt boven dat kruis nog het opschrift, waarin op spottende wijze Zijn koningstitel wordt vermeld, toch zal blijken, dat de belofte Gods, in en omtrent Hem gedaan, van onschathare waarde is.
Dat was het voor hen, die vóór de komst van Christus op aarde hebben geleefd, en dat is het nog voor hen, die onder de vervulling der belofte mogen leven.
Nog is Gods Zion op aarde het voorwerp van haat on verachting. Nog moet dat Zion door veel lijden worden geheiligd en door veel verdrukking ingaan.
De wereld gaat voort, beide Zions Koning en Zijne onderdanen te verachten, Zijne wet te versmaden, en in plaats van Zijne zegeningen te begeeren Zijne oordeelen over zich in te roepen.
Alle mogelijke listen en booze raadslagen worden bedacht tegen het Koninkrijk van onzen Heere Jezus Christus. Der vijanden aantal is legio.
Tegen Gods gezalfden Koning komen Herodes en Pontius Pilatus in verzet. Nog roept de wijsheid onzer eeuw: »Niet dezen, maar Bar-Abbas.”
In on verzoenlijken strijd zien we het rijk der duisternis, in duizendvoudige vormen, en met allerlei macht van wapenen, den strijd aanbinden en voortzetten tegen het eeuwig gezegend Koninkrijk van Hem, die gisteren en heden in der eeuwigheid dezelfde is.
Zoo zal de worsteling op dit benedenrond voortduren, tot éénmaal hemel en aarde zullen weergalmen van het geroep: de Koning komt!
Dan zal het niet slechts zijn tot Zion: »uw Koning komt!” maar alle geslachten der aarde zullen dan den Koning der Koningen en den Heere der Heeren aanschouwen. Dan niet meer de beloofde Messias, in gestalte van een nederigen dienstknecht. Dan niet meer de door menschen gesmade en verachte Nazarener, maar de luistervol verheerlijkte Vorst en Koning met de Middelaarskroon om Zijne slapen.
Treurig zou het er voor volgende geslachten hebben uitgezien, als de aankondiging van de komst van Zions Koning alleen ten zegen ware geweest voor hen, die Hem tijdens Zijne omwandeling op aarde hebben aanschouwd.
Christus is als de Zone Gods een geestelijk en een eeuwig Koning. Zijn rijk is een eeuwig rijk. Zijne heerschappij zal geen einde nemen. Altijd gaat de Koning voort, Zijn rijk uit te breiden, Zijne gemeente te vergaderen.
Vijanden maakt Hij tot vrienden. Nooddruftigen, tot Hem gevloden, zal Hij ten Redder zijn.
Overal, waar het Woord Gods zuiver wordt gepredikt, het Evangelie dor genade als een licht in de duisternis komt en het Gode behaagt, door de werking des Heiligen Geestes zondaren te ontdekken, te overtuigen en als verlorenen in zichzelven te doen uitroepen; »wat, moet ik doen, opdat ik zalig worde?” daar zal het woord, dat de Koning is gekomen, die als de Verlosser eeuwig leeft, met vreugde worden begroet.
Laat de vijand dan trachten u den weg te versperren, en u in zijne macht te houden, Christus is meerder dan hij. Met eene geschiedenis van eeuwen en met duizenden van voorbeelden vóór en om u, ziet ge des Heeren Woord bevestigd: »De Heere wijst niet af die tot Hem komen!”
Een Koning, die allen ontvangt, — een Koning, die genade schenkt aan dood- en doem schuldigen, — een Koning, die met Zijn eigen bloed het eeuwige leven verwierf, — een Koning, die al de Zijnen regeert, bewaart, verzorgt, en hen allen eens zal opnemen in eeuwige heerlijkheid, — geen wonder voorwaar, dat Zion zich verheugt in zijnen Koning, en dat niet alleen de verlosten in den Hemel, maar ook zij, die nog in de strijdende Kerk op aarde zijn, Zijne heerlijkheid roemen.
Straks viert de gemeente des Heeren haar heuglijk Kerstfeest. Dan wordt het groote feit herdacht, dat het Woord Gods vleesch is geworden en onder ons heeft gewoond. Al de bijzonderheden, met die komst van Zions Koning in verband staande, trekken dan onze aandacht.
Bij al de armoede dezer wereld, bij al den strijd en de moeite om ons heen, bij al het zuchten van Gods schepsel hier beneden, blijft het woord der profetie, dat op des Heeren tijd is vervuld geworden, de grond van alle ware vertroosting en blijdschap.
Eere daarom den Vader, die dezen Koning uit genade en eeuwige erbarming gaf ! Eere den Zoon, die uit vrijwillige liefde Zijn troon verliet, om als Borg voor anderen zich over te geven tot in den dood! Eere den Heiligen Geest, die zondaren bekwaam maakt, om de noodzakelijkheid en de heerlijkheid van Zions Koning te kennen!
Eere den Drieëenigen God voor dit wonder der genade, voor deze openbaring zijner eeuwige liefde!
Door de hand van dezen Koning zal het welbehagen des Heeren gelukkiglijk voortgaan.
Eens zal de laatste profetie worden vervuld, dat de Koninkrijken zullen geworden zijn onzes Gods en Zijns Christi. Dan zal Christus de Heere in Zijne heerlijkheid zich openbaren.
Verheug u zeer, gij dochter Zions! juich, gij dochter Jeruzalems! Ziet, uw Koning zal u komen !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 december 1895

De Wekker | 4 Pagina's

De komst van Zions Koning (II)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 december 1895

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken