Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Droomen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Droomen

3 minuten leestijd

De geest des menschen kan niet zonder werkzaamheid zijn, ook al blijft het niet in de herinnering en is het onbewust. Waar wij het meest mede vervuld zijn komt telkens boven en waar de schat is, is het hart en de gedachte. Ook in den slaap gaat het denken voort. Vandaar de droomen. Lichaam en ziel zijn nauw verbonden. Vandaar het onbestemde, het verwarde in onze droomen, waarin men in den regel nooit het begeerde verkrijgt, hoe men zoekt en zich inspant. Hoe vaster de slaap is des te minder is de wetenschap bij het ontwaken van hetgeen ons voor de aandacht stond en de herinnering ie het sterkst, als de slaap week en het wakker worden nabij was. Er zijn natuurlijke droomen, welke ontstaan uit hetgeen bij dag het gemoed vervuld heeft. De droom, zegt de Wijze (Pred. 5 : 2) komt door vele bezigheid Er zijn zinnelijke droomen. De lusten en begeerlijkheden des vleesches hebben vrijer spel bij den mensch, wiens natuur eene zinnelijke is. De Prediker zegt (5 : 6): in de veelheid dor droomen zijn ijdelheden.” Lichamelijke smarten of behoeften laten zich ook in den slaap gevoelen. Zoo zegt Jesaja (29 : 8) „een hongerige droomt en ziet hij eet; een dorstige droomt en ziet hij drinkt.” Er zijn inbeeldingen zooals Jeremia (23 : 25 v.) spreekt van profeten, die roepen: „ik heb gedroomd; ik heb gedroomd.” Er zijn ook goddelijke droomen. Meermalen is een zondaar wakker geschrikt uit den zondenslaap, zooals Elihu daarvan spreekt (Job 33 : 14 vv.): „God spreekt eens of tweemaal, doch men let er niet op. In den droom, door het gezicht des nachts, als een diepe slaap op de leden valt, in de sluimering op het leger. Dan openbaart Hij het voor het oor der lieden en Hij verzegelt hunne kastijding, opdat Hij den mensch afwende van zijn werk en van den man de hoovaardij verberge.” Het behaagt den Heere ook niet zelden om vertroostingen toe te voegen of wegen en middelen aan te wijzen of te openbaren wat Hij zal doen. Wij hebben echter wel te bedenken, dat het hart des menschen arglistig is en daarom ook niet lichtvaardig voor stemmen Gods te houden wat ons in wakenden veel minder wat ons in slapenden toestand voor de aandacht is gekomen. Beproeven wij het vooral daaraan of het onze ziel tot God beweegt, of het ons met ootmoed, met gebed vervult. Werkt het doodelijke gerustheid, dan is het niet uit God, werkt eene belofte een werkzaam zoeken en bidden, een gevoelvol vertrouwen, dan mogen wij er meer met hope de genade des Heeren in zien. Jagen wij naar die droomen niet. In de dagen, toen de bijbel nog niet was, bediende de Heere Zich van gezichten en droomen. Nu is ons echter in het woord des Heeren geopenbaard alles wat wij tot zaligheid behoeven. Die op dat woord verstandig let en zich daaraan vasthoudt, dien weg bewandelt, zelfs de dwazen zullen niet dwalen (Jes. 35 : 8).
van Lingen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 maart 1898

De Wekker | 4 Pagina's

Droomen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 maart 1898

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken