Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kroniek

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kroniek

5 minuten leestijd

Zuid-Afrika. Nadat Lord Kitchener zijne welbekende proclomatie had uitgevaardigd, zond President Steijn aan den opperbevelhebber eenen brief, die tot nog toe door de Britsche Regeering werd geheim gehouden. Dit schrijven is zeer belangrijk en werd thans in the Manchester Guardian openbaar gemaakt. In de eerste plaats wijst de President er op, dat niet de Boeren, maar de Britten de oorzaak van den oorlog zijn en herinnert daarom aan den inval van Jameson, die met zijne medehelpers door de Transvaalsche Regeering zoo edelmoedig werden behandeld en door de Britsche regeering zoo onvoldoende gestraft. Verder wordt aangetoond, dat Engeland sinds 1895 geen ander doel voor oogen had dan de verovering van de beide Republieken. Dit blijkt ook uit een telegram, hetwelk de Regeering van den Oranje-Vrijstaat van de Britsche Regeering ontving, waarin haar verzocht werd onzijdig te blijven, wanneer het tot eenen oorlog met Transvaal mocht komen. Aan dit verzoek kon echter niet voldaan worden, omdat Transvaal met Oranje-Vrijstaat een verbond gesloten had. De veroveringsplannen van Engeland zijn voldoende bewezen, zegt de President, en vervolgt dan: «Wij hebben alleen het zwaard afgewend, dat ons op de keel werd gezet. Wat wij deden was zelfverdediging, een der heiligste rechten van den mensch, wij willen ons bestaan behouden. En om die reden geloof ik in alle eerbiedigheid, dat wij het recht hebben te vertrouwen op den rechtvaardigen God.» Daar Kitchener er op heeft gewezen, dat interventie onmogelijk was, antwoord Steijn: «Wij hebben gehoopt en hopen nog, dat het zedelijk gevoel der beschaafde wereld zich zal verzetten tegen de misdaad, welke Engeland in Zuid-Afrika begaat, een poging tot vermoorden van eene jonge natie; Maar wij waren vastbesloten, ook als die hoop niet werd verwezenlijkt, onze uiterste kracht in te spannen tot tegenstand met onwrikbaar vertrouwen op den barmhartigen God. En dat is nog ons onwrikbaar besluit.» De President wederlegt het beweren van den Britschen opperbevelhebber, dat de toestand voor de Boeren hopeloos zou zijn. Hij vergelijkt de toestand van nu met dien van een jaar geleden en merkt dan op, dat toen de Republieken voor het grootste gedeelte inde macht der Britten waren en dat de Britten nu alleen de voornaamste plaatsen en de spoorwegen bezet houden. „Het gezag van Uwe Exellentie”, zegt Steijn, „reikt wanneer het mij geoorloofd is dit te zeggen, niet verder dan Uwe kanonnen dragen. „Kunnen wij ons nu terugtrekken? — Wat Uwe. proclamatie betreft, ik kan U verzekeren, dat ik voor mij daardoor niet zal worden afgehouden van het vervullen van mijn plicht, ten einde toe. Ons land is verwoest, onze huizen en goederen zijn vernield, ons vee is weggevoerd of bij duizendtallen afgemaakt, onze vrouwen on kinderen zijn gevangen genomen, mishandeld, weggevoerd door Kaffers en soldaten, en honderden van hen hebben reeds hun leven gegeven voor de vrijheid van hun Vaderland. Zullen wij, kunnen wij nu terugdeinzen voor het vervullen van onzen plicht, omdat wij persoonlijk met ballingschap worden bedreigd? Zouden wij nu onze trouw breken tegenover de honderden dooden en gevangenen, die, op ons vertrouwend, bereidwillig leven of vrijheid opofferden voor het vaderland ? Zouden wij afvallig worden van ons vertrouwen in den rechtvaardigen God, die ons tot dusverre op zoo wonderbaarlijke wijze heeft beschermd ? Wanneer wij zoo handelden, daarvan ben ik overtuigd, zouden wij veracht worden, niet alleen door Uwe Exellentie, maar ook door ieder ander eerlijk man en door onszelven. Niemand verlangt meer naar herstel van den vrede dan ik en ik wil ten alle tijde daarover onderhandelen. Maar opdat Uwe Exellentie nièt misleid worde, moet ik herhalen, dat geen vrede door ons aanvaard zal worden, waarbij onafhankelijkheid van de twee Republieken en de belangen van onze Kaapsche broeders, die ons terzijde stonden, niet worden gewaarborgd. Wij vragen geen grootmoedigheid; wij vragen rechtvaardigheid.
Uit dit waardig schrijven van den man, die zoo volkomen van den toestand in Zuid-Afrika op de hoogte is, blijkt voldoende, dat in het vorig nummer de toestand der Engelschen volstrekt niet te donker werd geteekend. Gelukkig, dat wij, nu de brief reeds enkele weken oud is, den Heere er nog voor danken kunnen, dat de toestand voor de Boeren gedurende dien tijd niet is achteruitgegaan. Wij werden weder verblijd met een paar overwinningsberichten der Boeren. Bij Groot-Maurico-rivier in het Westen van Trans vaal versloegen zij de Engelschen en namen 100 Britten (waaronder 7 officieren) gevangen en maakten 8 wagens met proviand buit. Bij Berkenlaagte 20 mijlen N. W. van Bethel (in Z. O. van Transvaal) hebben de Boeren de achterhoede van kolonel Benson aangevallen, 2 kanonnen veroverd en 236 man buiten gevecht gesteld, waaronder 22 officieren en onder dezen den aanvoerder kol. Benson zelf gedood. Jammer, dat wij ook op een paar verliezen hebben te wijzen. Zoo bereikte Lord Kitchener, dat 3 Boerenlaagers waren verrast en 100 Boeren gevangen genomen, terwijl kol. Kekewich na een paar nachtelijke marschen te Beestekraal in het Rustenburgsche het laager van Albrecht heeft verrast en 79 man gevangen genomen, waaronder Comm. Klopper.
In de Kaapkolonie zijn alle Boerencommando’s aan de vervolgingen der Engelschen ontkomen, die klagen over aanhoudende, zware regens, waardoor zij in hunne bewegingen worden belemmerd. Men zou zoo vragen: „Regent het voor de Boeren dan niet?” Maar hoe het zij, bidden wij den Heere dat er spoedig vrede kome! Doch Zijn wil geschiede!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1901

De Wekker | 4 Pagina's

Kroniek

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1901

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken