Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Synode 1879

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Synode 1879

4 minuten leestijd

Wij hebben een woord gelezen van den ouden Ds Gispen, dat van beteekenis is voor de Christelijke Gereformeerde kerk in haar strijd tegen het chiliasme. Ds Gispen is tegenwoordig geweest op de Synode van 1879, en heeft zelfs op de Synode van ’79 aanteekening verzocht in de notulen, dat het besluit van 1879 tegen zijn advies en stem is genomen.
Hieruit wordt nu door Ds Berkhoff en door anderen de conclusie getrokken, dat dus Ds Gispen c.s. aan hun zijde staat bij het verdedigen en propageeren van het chiliasme. De Synode van 1879 moge het verbieden, maar er waren dan toch maar mannen van naam, die het er niet mee eens waren, en die den moed hadden zelfs staande ter Synode er tegen te protesteeren.
Al heeft deze redeneering den schijn van waarheid aan haar zijde, toch is zij ten eenemale onjuist.
Vooreerst is de bedoeling van Ds Gispen met zijn protest niet geweest om uit te spreken, dat hij een voorstander was van het chiliasme, maar hij wenschte, dat de kerk zich nog duidelijker uitsprak dan zij al reeds gedaan had en vroeg om een nadere verklaring. Dat is natuurlijk heel iets anders dan hem een voorstander maken van het chiliasme.
Vervolgens heeft Ds Gispen zich na de Synode nog nader verklaard.
In een brief gedateerd 26 September 1879 aan „een vriend te Jeruzalem schrijft hij in „de Bazuin”:
„In de leer zijn wij onveranderlijk, ja onverzettelijk. Sedert 1863 is er op onze Synode geen ernstige leerkwestie behandeld. Alleen is van tijd tot tijd het z.g. duizendjarig rijk ter sprake gebracht. Ook nu weer had de Synode daarover te oordeelen. Een geacht predikant onzer kerk had aan zijn kerkeraad en Classis verklaard, het Chiliasme toegedaan te zijn, wel niet in de grof zinnelijke opvatting, maar, zooals hij meent, in Bijbelschen zin. Bedoelde kerkeraad en Classis wenschten nu gaarne, de desbetreffende Synodale bepaling eenigszins gewijzigd te hebben, zoodat het duidelijk werd, dat de kerk alleen het grof, zinnelijk chiliasme veroordeelt.”
De Synode evenwel meende daartoe niet te mogen overgaan en besloot de bestaande bepaling te handhaven, namelijk: „dat het gevoelen van de leer der wederkomst des Zaligmakers om 1000 jaar zichtbaar en lichamelijk op aarde te regeeren geen leer der Gereformeerde kerk is, maar daartegen zoowel als tegen Gods Woord strijdt, waarom het niemand toegelaten wordt dat gevoelen te leeren of te verbreiden.”
Gij ziet dus, dat wij geene afwijking, hoe gering ook, dulden. Het onderzoek der profetieën aangaande de laatste dingen, kan de Synode natuurlijk niet verbieden, want de Bijbel is in ieders handen, en het onbelemmerd gebruik der H. Schrift is een fundamenteel leerstuk van het Protestantisme in het algemeen en van de Gereformeerde kerk in het bijzonder. Maar de openbaarmaking van de uitkomsten des onderzoeks is niet vrij, zoo die uitkomsten niet in alles overeenkomen met de Formulieren van eenheid.”

Uit dezen brief van Ds Gispen wordt het beginsel der Chr. Ger. Kerk duidelijk.

A. de Synode van 1879 kent geen onderscheidt tusschen „grof” en „fijn” Chiliasme.
B. de Synode van 1879 duldt geen afwijking in de leer, hoe gering ook.
C. de Synode van 1879 acht, dat het chiliasme den toets der Formulieren van eenigheid niet kan doorstaan.
D. de Synode van 1879 handhaaft het kenmerk een er Gereformeerde kerk, dat deze in de zuiverheid der leer onveranderlijk en onverzettelijk behoort te zijn.

Zulke dingen lezende kunnen wij te meer dankbaar zijn dat de Chr. Ger. Kerk in 1933 met zoo groote eenparigheid de zuiverheid der leer heeft gehandhaafd en geen dwaalgevoelens heeft getolereerd.
Daarbij was in 1933 niet alleen de kwestie van het duizendjarig rijk, maar ook de leer eener tweeërlei opstanding in geding, waarover de Chr. Ger. Kerk thans een uitspraak heeft moeten doen, en als onschriftuurrijk heeft moeten veroordeelen.

A. (Apeldoorn) S.

Dit artikel werd u aangeboden door: De Wekker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1933

De Wekker | 4 Pagina's

Synode 1879

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1933

De Wekker | 4 Pagina's

PDF Bekijken