Bekijk het origineel

Glijdende werkweek

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Glijdende werkweek

6 minuten leestijd

Onder deze titel schreef het „Fries Dagblad" een artikel, dat overgenomen is uit de Geref. Kerkbode van Apeldoorn.
Het artikel uit het „Fries Dagblad" blijkt voornamelijk een samenvatting te geven van een artikel van ds. A. Hilbers in het „Weekblad van het Noorden".
Het leek ons goed dit artikel ook in ons kerkelijk orgaan een plaats te geven nu de glijdende werkweek voor de papierindustrie acuut aan de orde wordt gesteld. We lezen in dit artikel:

Diverse werkgeversgroeperingen dringen er op aan dat een zgn. glijdende werkweek, wordt ingesteld in een aantal bedrijven. Dat wil zeggen, dat de fabrieken niet meer op zondag worden gesloten, maar dat alle dagen van de week wordt gewerkt. De machines zullen nooit stilstaan, want dat kan niet volgens de bedrijfsleiding. De machines zijn te kostbaar om stil te laten staan. Instelling van de glijdende werkweek betekent, dat de werknemer weliswaar een of twee vrije dagen per week krijgt, doch dat deze vrije dag — in het kader van het ploegenstelsel — niet steeds op zondag zal vallen. Deze zaak is actueel geworden voor de werknemers in de papierindustrie. In deze branche wil men namelijk overgaan tot het invoeren van de glijdende werkweek.
Ds. A. Hilbers, Chr. Geref. pred. te Zwolle heeft er in het Kerkblad voor het Noorden over geschreven.
Bij het invoeren van de glijdende werkweek waartoe de werkgeversgroeperingen aandringen — het eerst bij de papierindustrie — komen onze mensen die in de industrie werkzaam zijn, voor ingrijpende beslissingen te staan. De kerk kan zich van het vraagstuk dat zich hier opdringt niet ontslagen achten. We mogen de christenarbeiders niet alleen laten staan — we hebben hen met Gods Woord te begeleiden en in pastorale zorg het vraagstuk met hen van alle kanten te bezien. Elke kerkeraad heeft hier een verantwoordelijke taak.
De uiteindelijke beslissing ligt bij de man zelf. Hij moet weten of hij wanneer dit van hem gevraagd wordt, overgaat tot volcontinu-arbeid: ja dan nee. Zijn verantwoordelijkheid staat voorop. Adviserend en begeleidend staan hem geestelijke verzorgers ter zijde.
We moeten dit duidelijk stellen. Men kon hier of daar wel eens menen, dat wanneer een kerklid niet zou kunnen komen tot de weigering bij aandrang tot volcontinu-arbeid, de kerkeraad dan gedwongen moest zijn tot toepassing van kerkelijke tucht. Dit is natuurlijk dwaasheid. Een dergelijk handelen getuigt van weinig begrip van de situatie, waarin we gekomen zijn. En van weinig begrip van de pastorale taak. Men zij uiterst voorzichtig met het hanteren van kerkelijke censuur.
We herhalen dat de kerk een adviserende en begeleidende taak heeft.
Adviserend: daaronder verstaan we dat met de arbeider die voor de beslissing komt te staan gesproken moet worden en dan gesproken op het niveau van begrijpen. Dat is niet: goedkoop redeneren in uiterste rechtlijnigheid. Daar bereikt men niets mee, hoogstens dat de betrokkene gaat zeggen: jullie begrijpen niet wat er aan de hand is. En dan heeft hij nog gelijk ook. Daarom is het zo gewenst, dat de kerkeraden zich op de hoogte stellen van wat er omgaat in het bedrijfsleven. En als zij dan naast de werkman in deze gaat staan dan moet tevens het bedrijf worden aangesproken, ook weer op het niveau van begrijpen. Deze ingrijpende verandering in de werktijden van de arbeider zullen ons moeten dringen tot gesprek met bedrijfsleiding en werkgeversgroepering.
Dat is een hele taak, die hier van de kerkeraden gevraagd wordt.
Begeleidend; daaronder verstaan we dat hoe een beslissing ook uitvalt, we de arbeider en zijn gezin in alle omstandigheden hebben te begeleiden met het Woord van God. Hij mag niet het gevoel krijgen dat hij in de steek gelaten wordt of dat de kerk alleen maar komt zedemeesteren, zonder zich ook maar in te denken welke consequenties aan een beslissing verbonden zijn. Onder begeleiden wil ik verstaan: het opvangen in al de gevolgen die zijn beslissing meebrengt. Dat dit geen eenvoudige zaak is, realiseert zich ieder die in de praktijk hier mee te maken heeft gehad. En in de naaste toekomst zal dit vraagstuk nog heel wat zorgen geven. Nog weer herinner ik kerkeraden aan het deputaatschap: diakonale en maatschappelijke aangelegenheden, dat bereid is kerkeraden te dienen die met dit vraagstuk zitten.
Ds. Hilbers wijst er dan voorts op dat de generale synode van de Chr. Geref. Kerken in 1959 een rapport heeft aanvaard over de glijdende werkweek. In dat rapport is onderscheid gemaakt tussen zondagsarbeid uit technische en uit economische noodzaak. Onder de eerste wordt verstaan noodzakelijke reparatiewerkzaamheden aan de apparatuur. Dit wordt nog wel eens verschoven naar de zondag. Men kan eenvoudig niet zeggen dat alle arbeid op zondag zonder meer moet worden afgewezen. Wel moet dit beperkt worden tot het hoogst noodzakelijke, maar er zijn ook in de industrie nu eenmaal werkzaamheden die doorgang moeten vinden om een bedrijf op maandag weer te kunnen laten werken. En hiervoor kan een christen niet een niet-gelovige laten werken omdat hij er principieel op tegen is. Hij legt dan een ander een last op, die hij zelf niet wil dragen. Als de Heere hem die last verbiedt (dat is dan zijn overtuiging), dan verbiedt de Heere die ongelovige evenzeer die last te volvoeren.
En economische noodzaak? Het wil me voorkomen, dat we zondagsarbeid uit economische motieven moeten weigeren. De zgn. glijdende werkweek dient een economisch doel. Hier geldt Gods gebod. Dat heeft de synode 1959 ook uitgesproken. Daar hebben we ons aan te houden. Alleen van een beslissing in deze mogen we de arbeider niet de dupe laten worden. Geestelijk niet, financieel niet. Als het hier een vraagstuk betreft dat de hele Nederlandse samenleving raakt en het materiële welzijn van de samenleving betreft, dan zal die samenleving ook bij een willen handhaven van de zondag de consequenties daarvan moeten dragen. Dit zal de samenleving niet opbrengen, omdat zij zeer different denkt over zondagsarbeid. Maar de kerk is er als gemeenschap der heiligen en deze heeft wel de roeping tot het mee-lijden en mee-leven met hen, die getroffen worden door wijzigingen in het arbeidspatroon.
Wat de papierindustrie betreft, zegt de Chr. Bedrijfsgroepencentrale dat er geen scheiding kan aangebracht worden tussen technische en economische motieven tot het invoeren van de glijdende werkweek. Beider noodzaak dringt ertoe. Het vloeit in elkaar over. Daar hebt u de moeilijkheid al.
Hier ligt een vraagstuk dat ons in de naaste toekomst bezig zal houden.
Het wordt zaak dat deputaten voor correspondentie met de Hoge Overheid er bij de regering op aandringen dat christen-arbeiders die principieel de zondagsarbeid weigeren niet als arbeidsonwillig worden beschouwd en dat het arbeidsrecht daarbij aangepast wordt.
Tot zover ds. Hilbers.
Wij kunnen hier nog aan toevoegen dat bij de leiding van grote concerns — o.a. de AKU — steeds meer neiging bestaat een gedeelte van het produktie-apparaat te verplaatsen naar landen, waar men geen moeilijkheden heeft m.b.t. de zondagsarbeid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1964

De Wekker | 8 Pagina's

Glijdende werkweek

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1964

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken