Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ambtsgewaad (III)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Ambtsgewaad (III)

Na de Reformatie

5 minuten leestijd

In de terugblik op de geschiedenis, die wij in het voorgaande art. gaven, ging het vooral om het ontstaan van het liturgisch gewaad, zoals dit, in strijd met de absolute soberheid in het N. Testament op dit punt, zich een plaats veroverd heeft.
Het is volkomen begrijpelijk dat in de Reformatie, die vooral een breuk met Rome en een terugkeer naar de Schrift was, de pracht der gewaden niet ingevoerd werd.
Zwingli keerde zich fel tegen elk ambtsgewaad. Hij vond het een terugkeer naar het O. Testament en de dienst der schaduwen, die niet paste,
Luther was ook hier, als in alles soepeler. Hij zocht de kracht van de Reformatie vooral in de prediking van het Woord en het verstaan daarvan. Van hem is dan ook de opmerking: ,,Mits de Keurvorst het toestaat het evangelie zuiver te preken en de sacramenten richtig te bedienen, trek dan desnoods drie mishemden aan". In 1524, het jaar waarin hij wat meer aandacht aan liturgische aangelegenheden schonk, verscheen hij op de preekstoel in toga.
Hetzelfde deed van meet aan Calvijn.

Dr. A. Kuyper, die een brede studie over liturgische aangelegenheden gaf, schreef daarover - ik geef het hier maar door in zijn typische stijl - ,,Die toga was toen echter geen predikantscostuum, geen kerkelijke tabberd, maar een heel gewone kleding, gelijk elk gestudeerd persoon, die dragen kon en droeg, ook op straat", Aan universiteiten en hogescholen is het dragen van de toga, door de docenten in alle faculteiten nog gebruikelijk, zij. het alleen bij plechtige bijzondere gelegenheden.
Hier is het dus geen bijzonder ambtsgewaad, veel minder noch liturgische kleding. Het was, vooral in het verleden, de dracht der geleerden.
Dat de Reformatie de vraag van de kleding voor de voorganger der gemeente zo oploste - zonder bijzondere discussie noch nadrukkelijke besluiten - is volkomen begrijpelijk. Immers er werd sterke nadruk gelegd op de noodzaak van de onderwijzing der gemeente in het Woord des Heeren en de leer, die naar de godzaligheid is. Het accent viel sterk op de ,,leraar" die de gemeente onderwees. De Roomse orde, waarbij het sacrament en de bediening daarvan in het middelpunt stond was radicaal omgekeerd; men zag het Woord en de verkondiging daarvan als het genademiddel terwijl de sacramenten een bijkomende - niet bijkomstige - betekenis hadden..
In latere tijden toen de toga ook in het gewone leven niet meer gedragen werd verdween hij blijkbaar ook van de kansel.
De reformatorische dominee verscheen in de tijd, waarin de kerk in ons land b.v. haar plaats gekregen had, in de dracht van de welgestelde burger. Hij droeg wambuis en korte broek en later ,,de mantel van state" daar overheen. Onze schilders uit de gouden eeuw hebben menige burger en ook predikanten daarmede, in hun meesterlijke stukken, afgebeeld. De mantel, zwierig over één schouder opgeslagen, kijken de stoere figuren ons aan. De gezichten boven de witte kraagen of beffen kregen temeer reliëf, terwijl de hoed, meer of minder modieus, het hoofd dekte.
De gemeente ging vragen is dit niet te werelds? En, zoals te doen gebruikelijk, er zijn heel wat woorden over gevallen. Het duurde niet lang of gewaad en ,,ligging" - men kende dit woord toen geloof ik nog niet - waren op elkaar betrokken. De ,,lochtere Coccejanen" hadden mantels fijner van stof en met meer strikken en lissen, zwieriger hoeden enz. Weer anders de Remonstranten met hun ronde hoeden. Maar de goede gereformeerden droegen de ,,driepunt", een hoed met een rand in de vorm van de driehoek. Ik meen wel eens gelezen te hebben dat de mensen dit in verband brachten met de onvervalste belijdenis van de Drieëenheid. Natuurlijk hebben kerkelijke vergaderingen zich er ook mee bezig gehouden. Een er van, die te Edam in 1604 gehouden werd, bond de dominees op het hart: ,,Alzo in Gods Woord nergens een zekere wijze van kleding staat voorgeschreven, en de mensen ongelijk van karakter zijnde, mede ongelijk zijn in hun kleding en gewaad, zo is het nochtans dat de dienaren der synode, wetende dat zij door de Heere gesteld zijn om zijn kerk op te bouwen, waartoe zij zich dagelijks ook benaarstigen, verklaren dat zij bereid zijn een ieder in zijn zwakheid tegemoet te komen zoveel dat mogelijk is, en zich alzo willen gedragen, dat zij in hun kerken geen ergenissen zullen geven". Een uitspraak, die niet zo heel veel zegt!
Later werden de predikers stemmiger in hun kleding. De driekante hoed bleef lang, zolang dat ze een antiek hoofddeksel werd.
Van de zwierige witte kraag en de grote beffen bleef slechts een witte das over, om de hals geknoopt, met de punten naar voren.
Wambuis en mantel verdwenen. Het hoog toegeknoopte vest met de stijve „rok" vervingen deze. Wat van de mantel was overgebleven was een smalle strook fijne stof op de rug bevestigd, die dan ook „mantel" genoemd werd. Op sommige plaatsen vindt men op de uniform van begrafenisdienaren nog zo iets.
Het meer kleurige had voor het zwart met witte das plaatsgemaakt. De korte broek was lang gebleven en de lage schoenen met gespen eveneens. De driekante steek bleef ook.
Ik herinner mij dat ik als jongen de bekende ds. L. Boone van St. Philipsland nog in een dergelijk kostuum heb horen preken. Het stond de stoere kleine man niet slecht.
Het eigenaardige van deze gewijzigde dracht, die door niemand anders op den duur gedragen werd dan door predikanten, ging men nu houden voor het ambtsgewaad.
Maar daarover in een volgend artikel iets.

Kremer

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1966

De Wekker | 8 Pagina's

Ambtsgewaad (III)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1966

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken