Bekijk het origineel

Waar is je hart vól van?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Waar is je hart vól van?

5 minuten leestijd

(Handelingen 8: 4-25)

Terwijl in Jeruzalem de kerk vervolgd wordt, gaat het evangelie verder. Het is net als met een paardenbloem: als je er tegen aan stoot, verspreiden de zaden zich. Filippus gaat naar Samaria. Geen idee waarom, maar het gebéurt! En dat is opmerkelijk! Want Samaria lag voor een lood nou niet direct voor de hand. Samaritanen waren ketters. Wél besneden, wél de vijf boeken van Mozes, maar niét de tempel van Jeruzalem. En uitgerekend daar moet Filippus zijn. De Geest stuurt hem er op af. Eerst de Jood... straks de Griek, maar eerst wat er zo'n beetje tussenin ligt: de Samaritaan. Trouwens... achteraf herinneren we ons ook de woorden van de Here Jezus: "gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea én Samaria en tot het uiterste der aarde". Oók Samaria dus. En nu gebeurt het. Het evangelie gaat een belangrijke grens over.

Overwinning
En het resultaat is geweldig. Mensen komen tot geloof. Samaritanen aanvaarden de blijde boodschap en laten zich dopen. Allerlei tekenen worden opgemerkt. En vooral is er blijdschap. En dat in een streek waar de satan veel invloed had, de streek van Simon de Tovenaar. Simon houdt zich er bezig met allerlei occulte praktijken zoals zwarte magie. Hij is er een grootmeester in. En zo noemt hij zichzelf ook: groot! Zo veréren de mensen hem ook. Haast als een goddelijk figuur. Simon is de grote kracht van God.
De Bijbel is echter over dat alles heel erg duidelijk: niks geen grote kracht van God; het is duivelswerk. Gelukkig vindt er in Samaria een omkeer plaats. Een omkeer van bovenaf De mensen lopen over van Simon de Tovenaar naar Filippus de Evangelist. Jézus blijkt de grote Kracht van God te zijn. Zelfs Simon komt tot geloof Hij valt nu zélf van de ene verbazing in de andere en het duurt niet lang of hij laat zich dopen. Simon wordt lid van de kerk van Christus. Een gedoopt christen..

Waar is je hart vól van?
Als we die vraag nou eens stellen aan Simon de Tovenaar? Wij zijn blij als mensen tot geloof komen. Maar wat is de teleurstelling groot als blijkt dat het niet echt geweest is, of een opwelling. "Simon, waar is je hart vól van?" Wij kunnen weliswaar niet in harten kijken, maar de Heilige Geest van God wel.
Kijk maar als de apostelen in Samaria op kerkvisitatie komen. Dan bidden zij om de Heilige Geest. Wat overigens niet betekent dat de Geest in Samaria nog niet aan het werk was. Zonder de Geest komt niemand tot geloof.
Hoogstwaarschijnlijk moeten we dit bidden om de Geest zien in het kader van de voortgang van het evangelie. God is zojuist een belangrijke grens overgegaan. Het evangelie heeft een grens doorbroken. En, net als op Pinksteren in Jeruzalem, mag dat bevestigd worden. Als een bemoediging voor loden én Samaritanen. De scheidsmuur tussen hen beide is gevallen. Maar hoe dan ook, Simon de Tovenaar vindt het prachtig. Geweldig! En hij trekt z'n portemonnee al open. Hij wil maar één ding: dat óók kunnen wat de apostelen kunnen. "Kan ik jullie geld geven, dat jullie mij het ook leren?" Simon ziet het al vóór zich... straks weer een heleboel mensen die hem bewonderen. Hij wil de Heilige Geest óók kunnen uitdelen. Hij wil ermee kunnen wérken. Handelen in Heilige Geest. En zo mensen aan zich binden. Macht uitoefenen.

Vol van Christus of vol van jezelf?
Wat een belediging voor de Heilige God. Petrus is dan ook scherp. Hij stelt niet voorzichtig de vraag: "Simon, waar is je hart vól van?" Maar - en kennelijk is dat soms ook pastoraal -: "naar de verdoemenis, jij en je geld!" Zó erg is het! Petrus weigert Simon de toegang tot het Koninkrijk van God. Simon staat volledig buiten. Wel gedoopt, wel christen in naam, maar niet een kind van God! Waarom niet? Omdat zijn hart niet vol is van Christus, maar vol van zichzelf! Bovendien kan geen mens zómaar over de Heilige Geest beschikken.
Zelfs de apostelen kunnen het niet uit eigen kracht. Het is Gód die zijn Geest uitdeelt. En dan moet er een band zijn aan God. Een gelóófsband. En die heeft Simon niet. Simon kent de Here Jezus niet écht. Dan had hij wel geweten dat Jezus gekomen was om de weg naar het eeuwig leven te banen in plaats van om kunstjes te doen.

Simon versus Filippus
Petrus doorziet Simon de Tovenaar Hij ziet een hart vol schijngeloof Daarbij hoort betovering, manipulatie en zelf in de schijnwerpers willen staan. Daarbij hoort het met God willen spelen en steeds je eigen positie veilig willen stellen. Heel anders dan bij Filippus. Bij Filippus gaat het om Hém dienen die ons eerst gediend heeft en daarbij afzien van eigen positie. Bij Filippus hoort blijdschap in plaats van angstige onzekerheid. Hoeveel is er eigenlijk ongemerkt van Simons houding óns leven binnengeslopen? Waar is ons hart vól van? Wat staat er voor ons nummer één: de eer van God of de goedkeuring van mensen? Wat ligt ons het beste: dienen of heersen? Liefde of applaus?
Een gezindheid als die van Filippus kun je niet kopen, die kun je alleen maar krijgen. Van de Here Jezus. Als je voluit erkent dat je Hem nodig hebt en als je gelooft in de totaal verzoenende boodschap van zijn evangelie.

E.B. Renkema

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juli 2000

De Wekker | 16 Pagina's

Waar is je hart vól van?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juli 2000

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken