Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De wens van Bileam

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De wens van Bileam

5 minuten leestijd

'Mijn ziel sterve de dood des oprechten, en mijn uiterste zij gelijk het zijne! (Numeri 23: 10)

Het is de mens gezet om eenmaal te sterven. Wat mens leeft er, die de dood niet zien zal? Ouden moeten sterven, jongen kunnen sterven. Er is maar één schrede tussen ons en de dood.

Wezenlijk verschil
Nu is het einde van allen niet gelijk. Niet alleen in die zin dat de één een zware doodsstrijd heeft, terwijl de ander in de slaap heengaat. Maar de dood als zodanig is voor allen niet gelijk. Hoe wezenlijk anders is de dood van de rechtvaardigen dan die van de goddelozen.
Voor Gods kinderen is de prikkel, de angst uit de dood weggenomen. Voor hen is de dood (al kunnen ze er ontzaglijk tegen opzien en er voor vrezen) toch geen koning der verschrikking meer, maar veeleer een vredebode die hen leidt tot de eeuwige zaligheid. Ze worden er dus eeuwig beter van. Voor de goddelozen (zij die los van God zijn) is de dood recht verschrikkelijk, want het zal vreselijk zijn om met een onverzoende schuld te vallen in de handen van de levende God.

Bileam stond op de hoogten van Baäl. Vandaar zag hij het volk van Israël, dat op weg was naar het beloofde land, maar nu nog gelegerd in de woestijn. En door de Heilige Geest, die hem verlichtte, zag hij dat volk Israël als een volk door de Heere gezegend. Het is alsof hij, door de Geest geleid, dat volk ziet in zijn opkomst, in zijn uitbreiding en in zijn einde als volk van God.
En Bileam roept het uit: 'mijn ziel sterve de dood des oprechten, en mijn uiterse zij gelijk het zijne!'.
Bileam begeert voor zichzelf dus de dood van de ware, oprechte Israëliet, die in de rechte verhouding tot de God van Israël is komen te staan. Op zichzelf was dat van Bileam een voortreffelijke wens. Maar in werkelijkheid was het een onbedachtzame wens!

Echt waar?
Wat nu, Bileam? Wilt u nu echt sterven met dat volk dat u toch zo graag had willen vervloeken in ruil voor de geschenken van koning Balak?
Bileam, wilt u aan uw zondig leven dat einde verbinden? Is het wel waar Bileam? Wilt u echt zó sterven als de oprechten, die stervende nog Gods lof verkondigen, om het vervolgens in de hemel eeuwig te doen? Bileam, zoudt u het in de hemel wel kunnen uithouden: eeuwig in de nabijheid van de God van dat volk, waarmee u zegt te willen sterven, maar waarmee u geen ogenblik zoudt willen leven? Nee Bileam! U kunt niet, u wilt niet, u zult niet sterven de dood van de oprecht. Bileam, uw einde zal vreselijk zijn: helse pijn, helse verlatenheid, eeuwig!

Er is een onlosmakelijk verband tussen het leven en het sterven. Er wordt weleens gezegd (mijn vroegere leider van de knapenvereniging zei het ook; ik weet het nog goed!): een nauw leven geeft een ruim sterven! Dit is in elk geval waar: wie zalig begeert te sterven, moet door het geloof leren leven. De apostel zegt: 'Hetzij dan dat wij leven, hetzij dan dat wij sterven: wij zijn des Heeren!'.
Hoe zal ons einde zijn? Het er maar op wagen, en maar afwachten wat het worden zal, is toch veel te gevaarlijk. Daarvoor is de reis naar de eeuwigheid toch te belangrijk. In het onzekere voort te leven is te gewaagd. Daarvoor is het verschil bij het sterven toch veel te groot: eeuwig wél of eeuwig wéé! Te hopen op ongenoegzame gronden is roekeloos. Het zal vreselijk zijn om te menen in te gaan en toch niet kunnen!

De apostel zegt: 'het leven is mij gewin!' Hij wist wat zijn einde zou zijn. Hij wist dat hij van sterven eeuwig beter zou worden: gewin, winst! Het mindere inleveren, om dan het meerdere te ontvangen: een goede ruilhandel! Sterven aan de zonde, verlost worden van het lichaam des doods, van het verdorven bestaan, om dan te ontvangen de zalige onsterfelijkheid, een reine ziel, schoon gewassen door het bloed van het Lam, straks verenigd met een volmaakt lichaam, om dan als Gods volmaakte beelddrager Hem volmaakt te dienen in volmaakte liefde-toewijding.

Uit en voor Christus leven
Het sterven is mij gewin! Maar het zal, in tegenstelling met de wens van Bileam, aansluiten op het leven, hier en nu. Hoor maar: 'het leven is mij Christus, het sterven is mij gewin'. Eigenlijk zegt de apostel: Te leven is mij Christus. Het is het verlangen van zijn vernieuwde, wedergeboren hart om uit en voor Christus te leven. Het is zijn diepste begeren geworden dat de levende, opgestane Christus steeds meer gestalte in hem moge krijge, zodat heel zijn leven door de Geest van Christus beheerst, door de wil van Christus gedragen moge worden.

'Mijn ziel sterve de dood des oprechten, mijn uiterste zij gelijk het zijne', zo zegt Bileam. Een vrome wens, maar die niet in vervulling zal gaan. Leven in de zonde en dan sterven met Gods volk? Nee, het kan niet en het zal niet. Leven met Gods volk en dan sterven met Gods volk? Ja, dat gaat en dat zal zo zijn. Hier aan gene zijde van het graf met God verzoend worden door de dood Zijns Zoons, leven door het geloof door Christus en uit Christus en daarom ook voor Christus. O, het is waar: heel gebrekkig, met vallen en opstaan, soms met vrezen en beven, maar toch in oprechtheid.
Welnu, waar gaat de reis heen? Toch niet met Bileam mee? God verhoede dat genadig....

Ds M. Vlietstra, Zeist

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 mei 2001

De Wekker | 16 Pagina's

De wens van Bileam

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 mei 2001

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken