Bekijk het origineel

Later afspreken van preekbeurten?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Later afspreken van preekbeurten?

6 minuten leestijd

Schoon schip
De actie "Schoon schip" is een succes geworden, zo las ik in de krant. Deze actie is in 1999 gestart door een negental predikanten uit de Gereformeerde Bond in de Ned. Hervormde Kerk. Ze deden het voorstel om de preekbeurten voor een nieuw kalenderjaar voortaan niet meer af te spreken vanaf de maand januari van het jaar daarvoor, maar te wachten tot de derde zaterdag van september.
Dit initiatief werd genomen omdat men constateerde, dat er onvrede was over de gegroeide praktijk, dat al zo vroeg preekbeurten worden afgesproken. Als principieel argument werd aangevoerd, dat het zo vroeg maken van afspraken niet past bij de belijdenis van de afhankelijkheid van God. Als praktisch argument werd genoemd, dat er rond de jaarwisseling nog onvoldoende zicht is op de activiteiten die er in het daarop volgende jaar in eigen gemeente plaats vinden. Het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond heeft dit initiatief gesteund om een zo groot mogelijk draagvlak te creëren. Nu er voldoende draagvlak is, laat het hoofdbestuur het verder aan de negen initiatiefnemers over.
De actie blijkt aan te slaan. Er zijn 130 predikanten die meedoen. Ze hebben hun naam op een lijst laten zetten. Kerkenraden kunnen die lijst opvragen en zo zien, welke predikanten pas na de derde zaterdag van september gebeld kunnen worden voor een preekbeurt.

Ook onze problematiek:
Het is - naar mijn mening- de moeite waard om kennis te nemen van dit initiatief. Want ook onder ons proef ik soms onvrede met de gegroeide praktijk. De neiging bestaat om preekbeurten steeds vroeger af te spreken. Het kost scriba's en preekvoorzieners soms grote moeite om de afspraken rond te krijgen.
Een van de problemen is, dat er meer preekplaatsen zijn dan er voorgangers beschikbaar zijn. Ds. Quant heeft in december 2000 hierover een artikel geschreven in "Ambtelijk Contact". In dat artikel stond een berekening hoeveel diensten er in totaal gehouden worden en hoeveel voorgangers er beschikbaar zijn (inclusief emeriti-predikanten en predikanten in bijzondere dienst). Ik zal u die ingewikkelde berekening besparen. Zijn conclusie was, dat er per zondag in 44 Chr. Geref Kerken de hele zondag gelezen moet worden. Dit was een vrij gunstige berekening. Er is geen rekening gehouden met het tijdelijk uitvallen van predikanten door ziekte of bijzonder verlof en dergelijke dingen. Wel zijn de derde beurten die predikanten regelmatig vervullen even buiten beschouwing gelaten.
Deze gegevens laten zien, dat de preekvoorzieners geweldig met elkaar moeten concurreren om de openstaande zondagen gevuld te krijgen. Het is bij tijd en wijle echt een jagen naar afspraken om de ander voor te zijn. Het logische gevolg is, dat er steeds vroeger wordt gebeld.

Het voorbehoud van Jakobus
Het principiële argument, dat de hervormd-gereformeerde predikanten gebruiken spreekt mij erg aan. Wij belijden, dat wij in alles afhankelijk van de Here zijn. Wij gebruiken regelmatig bij ons planning de afkorting: D.V., Deo Volente, zo God wil. Of om het wat minder plechtig uit te drukken: "onder het voorbehoud van Jakobus". Wij hebben het gevoel, dat wij falen als wij die aanduiding eens een keer vergeten.
Maar beleven wij die afhankelijkheid wel bij het plannen van al die preekbeurten die soms anderhalf jaar of langer van te voren zijn vastgelegd? Ik kan mij nog herinneren, dat ik geschrokken ben van het vroege tijdstip waarop ik mijn eerste preekverzoek kreeg. Het was tijdens mijn studie in Apeldoorn. Het zou nog ongeveer een jaar duren voordat ik preekconsent hoopte te krijgen. Er moesten nog ± 7 tentamens worden afgelegd voor het zo ver was. Als student ben je dan gericht op die tentamens. Daar moet je ook echt voor geslaagd zijn om preekconsent te ontvangen. Het is nog heel ver weg. Dan schrik je van zo'n telefoontje waarin gevraagd wordt om over zo lange tijd voor te gaan.
Na een aantal jaren ben je eraan gewend, dat die preekafspraken heel ver in het voren gemaakt worden. Het wordt eigenlijk iets vanzelfsprekends. Maar het is wel goed om eens stil te staan bij de vraag of dit alles niet tekort doet aan het afhankelijk zijn van de Here? Plannen wij echt anders dan de wereld? Of zijn we misschien som! zo menselijk bezig, dat het maken var afspraken "onder het voorbehoud van Jakobus" meer een formaliteit is, dan dat het beleefd wordt?

Aantal preekbeurten
Het jagen naar preekbeurten wordt ook bevorderd door het feit, dat leesdiensten over het algemeen minder gewaardeerd worden. Met de mond belijden wij, dat een leesdienst een echte eredienst is, waar de Heilige Geest door het Woord in de harten er levens van mensen werkt. Maar in de praktijk wordt dat niet altijd zo beleefd en dat is voor de preekvoorziener een stimulans te meer om het aantal leesdiensten zo beperkt mogelijk te houden. Als dat om een of andere reden niet lukt, dan komt er vaak we commentaar.
Gelukkig zijn veel predikanten in staat en bereid om een derde beurt te verrichten. Als de afstand niet al te groot is, is dat ook een goede mogelijkheid om preekvoorzieners tegemoet te komen en gemeenten te helpen. Maar ook dat heeft zijn grens. Het is voor het gezin van een predikant een hele belasting als de echtgenoot (en vader) herhaaldelijk de hele zondag druk is.

Praktische bezwaren
Ook de praktische bezwaren, die de hervormd-gereformeerde predikanten naar voren brengen, zijn heel terecht. Als preekafspraken zo vroeg gemaakt worden is er onvoldoende zicht op gebeurtenissen en activiteiten in eigen gemeente die in het volgende jaar zullen plaats vinden. Dit argument geldt natuurlijk in het bijzonder voor predikanten die in een eigen gemeente werkzaam zijn.
De situatie is per gemeente nogal verschillend. Gemeenten, die vacant zijn en te klein zijn om te beroepen kunnen heel ver in het voren afspraken maken. Dat geldt ook voor emeriti-predikanten. Gemeenten met een eigen predikant zijn afhankelijk van het moment waarop de dominee zijn vrije zondagen vaststelt. Dan pas kan er gebeld worden voor preekvoorziening. Vanuit de "concurrentiepositie" met gemeenten die ver in het voren afspraken kunnen maken, wordt de druk op gemeentepredikanten steeds groter om vroegtijdig hun vrije zondagen te plannen. Anders hebben de preekvoorzieners in eigen gemeente onvoldoende mogelijkheden om voor die zondagen voorziening te hebben. Met het voornoemde gevolg, dat zich later misschien problemen voordoen t.a.v. activiteiten in eigen gemeente.

Tenslotte
Elke predikant en elke gemeente heeft zo zijn eigen beleid. Bovendien is het aantal vrije zondagen beperkt. Velen hebben niet meer dan acht vrije zondagen. In de vakantietijd zullen er een aantal zondagen zijn, die ze helemaal vrij houden. Er valt dus niet zoveel weg te geven. Het gevolg is veel heen en weer bellende scriba's en preekvoorzieners, die regelmatig teleurgesteld worden omdat ze achter het net vissen.
Ik heb niet de indruk, dat dit probleem gemakkelijk op te lossen is. Bovendien is het ook niet mogelijk alles te reguleren. Dat zou ook niet goed zijn. Toch heeft het initiatief in hervormd-gereformeerde kring mij aan het nadenken gezet. Is het misschien wenselijk dat ook onder ons op dit punt bepaalde afspraken gemaakt worden om zo de jacht op preekafspraken wat te temperen en het werk van preekvoorzieners wat aangenamer te maken? Kortom: Verdient het navolging?

M.J. Oosting

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 december 2001

De Wekker | 16 Pagina's

Later afspreken van preekbeurten?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 december 2001

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken