Bekijk het origineel

Samen bezig met geloofsvragen en gemeentezijn

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Samen bezig met geloofsvragen en gemeentezijn

Veertigdagenproject in CGKV Nijmegen

6 minuten leestijd

Wat bezielt een gemeente om zich veertig dagen lang te bezinnen op één thema? Harry en Foka Bruggema, nauw betrokken bij het gemeenteproject ‘Feest van Genade’ in CGKV Nijmegen, vertellen er graag meer over.

Nederlanders denken meer in weken dan in dagen. Waarom dan toch een veertigdagenproject?
“Het getal 40 is voor Bijbelkenners herkenbaar. In de Bijbel komt het veelvuldig voor. Om te beginnen in het Oude Testament, denk aan Noach, Mozes, Elia en Ninevé. En ook in het Nieuwe Testament, bijvoorbeeld bij de Here Jezus die - voordat Hij zijn werk op aarde aanvangt - wordt verzocht na een periode van veertig dagen in de woestijn.
Het getal 40 roept het beeld op van afzondering en bezinning. Een periode waarin de gerichtheid op God zich intensiveert. Het leidt tot inkeer en bekering, beproeving en vernieuwing, toerusting en verdieping.”

Geloofsgroei en gemeenteopbouw
“Bij onze kerkenraad bestond een verlangen naar geloofsgroei en opbouw van de gemeente. Men koos daarom voor een veertigdagenproject, met dit keer het thema ‘Feest van Genade’. Het werkboek met deze titel van Aad Kamsteeg ligt aan de basis van alle activiteiten en bevat dagelijkse Bijbeloverdenkingen met persoonlijke vragen, gespreksvragen voor Bijbelstudiegroepen en materiaal voor kinderen en jongeren,” aldus Harry.

Wat is ten diepste de drijfveer voor dit nieuwe veertigdagenproject?
Harry: “Vijf jaar geleden zijn we als Christelijke Gereformeerde Kerk en Gereformeerde Kerk vrijgemaakt samengegaan. Een mooie ontwikkeling, die voortkwam uit een positieve houding. We kwamen eenvoudig tot de conclusie dat we niet langer gescheiden verder konden gaan. Zo'n samenvoeging blijft natuurlijk niet zonder gevolgen. Denk alleen al aan het grotere aantal mensen, je moet elkaar leren kennen. Nu, vijf jaar later, is de gemeente al een hechte eenheid. Bij diepere geloofsvragen kun je in het gesprek nog op de verschillende achtergronden stuiten, bijvoorbeeld in de beleving van het avondmaal. Wat voor de een vanzelfsprekend is, kan voor de ander een hobbel zijn.”

Ruimte en veiligheid
Foka vult aan: “Dat kan soms lastig zijn. We moeten leren om elkaar die ruimte te geven. Het is niet erg om dingen verschillend te beleven. Goed luisteren naar elkaar en elkaar leren kennen is verrijkend. Bij de gesprekken tijdens het gemeenteproject ligt de focus op geestelijke groei. Een klimaat van veiligheid is dan erg belangrijk. ‘Wat in vertrouwen wordt gedeeld, moet binnen de groep blijven’ is een van de eerste afspraken die we als kring met elkaar maken.”

“Zie dit project als een opmaat naar de toekomst,” stelt Harry. “In deze weken zijn we als gemeente intensiever met geloofsvragen bezig, maar ook met gemeente-zijn. We werken aan de opbouw van de gemeente en stimuleren het werk in de wijken. De contacten verbreden en verdiepen zich. Dat sluit aan bij de motivatie van de kerkenraad voor een veertigdagenproject.”

Heb je tips en leerpunten? Kun je een veertigdagenproject aanbevelen?
Harry: “Het vraagt om de inzet van tijd en een duidelijke motivatie. Wat willen we bereiken, hoe en waarom? Een project van veertig dagen past goed bij een jonge samenwerkingsgemeente, waarin veel studenten zich voor een kortere periode aansluiten. Het bijkomende voordeel van dit project is dat er kant en klaar degelijk studie- en bezinningsmateriaal is.”

In plaats van andere Gemeenteactiviteiten
“De kerkenraad heeft het verzoek om het project te organiseren bij de taakgroep Gemeenteopbouw neergelegd. Ondanks het prachtige materiaal dat we zo konden gebruiken, vraagt zo'n project best veel voorbereiding. Hoe krijg je het duidelijk gecommuniceerd en op welke manier ga je aan het werk? Hoe krijg je iedereen betrokken, ook de jeugd en de kinderen? Wie moet je coachen, hoe zorg je voor feedback en hoe laat je het materiaal het beste aansluiten bij je eigen situatie?”

Foka vervolgt: “Zo hebben wij een avond gesproken aan de hand van pittige stellingen over ‘zonde’ om de verschillende gedachten helder te krijgen, om openheid en begrip voor verschillende standpunten te bevorderen. Het leverde hele mooie gesprekken op.”

Het ideaal van ‘Feest van Genade’ is dat alle gemeentelijke activiteiten worden stilgelegd en dat alle leeftijdsgroepen op een eigen manier en met eigen materiaal aan de slag gaan, naast de dagelijkse stille tijd.

Er is studiemateriaal en er zijn inleidende erediensten aan het begin van de nieuwe week. Nijmegen heeft gekozen voor een mildere variant: twee aaneengesloten blokken van drie weken, het tweede blok is vorige maand gestart. Harry: “Voor veel mensen ligt de intensiteit nu al hoog. En omdat we vacant zijn en onze gemeente op het moment weinig jeugdwerkers telt, hebben we ook op deze punten minder eisen gesteld.
Zelfs dan blijft er nog genoeg waardevols over, als we een tussenbalans opmaken. De intensiteit van een veertigdagenproject bevordert bezinning, groei in het geloof en zorgt voor een hechtere verbinding onderling. Redenen genoeg om het iedere gemeente van harte aan te bevelen.”

Harry Bruggema (59 jaar) en zijn vrouw Foka (55 jaar) zijn sinds 1979, respectievelijk 1981, lid van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Nijmegen. Sinds vijf jaar vormt deze gemeente samen met de Gereformeerde Kerk vrijgemaakt de samenwerkingsgemeente CGKV Nijmegen. Harry en Foka dienen de gemeente met hun talenten en gaven, o.a. in de wijkkring. Harry is voorzitter van de taakgroep Gemeenteopbouw en betrokken bij de organisatie van het veertigdagenproject, Foka zingt o.a. in de cantorij en bezoekt een vrouwenkring. Zij hebben drie volwassen kinderen, die al enkele jaren het huis uit zijn.


Groeien in besef van genade
Feest van genade: als ik eerlijk ben, stond ik aan het begin van het gemeenteproject niet te trappelen om met dit thema van start te gaan. Genade, ja, dat is de kern, maar Féést van genade? Mijn leven is door pijn al lange tijd geen feest. Het thema leek zo hooggestemd, zo dankbaar en blij en daardoor ver van mijn eigen vragen. Wat mij direct in het begin van het project bezighield was een zinnetje uit week één van de Bijbelstudies. Daar stond: ‘Leer mij ook dat vreugde niet de afwezigheid van problemen is maar de aanwezigheid van U’. Maar dat zinnetje schuurde. Want was dat niet juist mijn worsteling: dat in deze moeilijke periode God vaak zo ver weg lijkt en afwezig voelt. In het projectboekje word je geconfronteerd met vragen of je wel écht uit genade leeft. Zo ontdekte ik dat ik misschien al een poos onbewust dacht dat ik toch wel recht had op (de ervaring van) Gods nabijheid: als compensatie voor moeilijke omstandigheden. Met de woorden van Psalmen voor Nu 25: “U noemt zich toch ‘Ik ben’? Mijn Heer, wees er dan nu voor mij.” Ik ben in deze periode van het gemeenteproject meer en meer gaan beseffen dat beloften van troost en nabijheid bij genade horen. Dat God een mens nabij kan en wil zijn is niet vanzelfsprekend, ook niet tijdens ziekte. Het is genade door Jezus. En door dat besef ga je anders bidden.

Marlies van den Heuvel-Wassenaar

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 februari 2016

De Wekker | 20 Pagina's

Samen bezig met geloofsvragen en gemeentezijn

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 februari 2016

De Wekker | 20 Pagina's

PDF Bekijken